Procesrecht. Cassatie, ontvankelijkheid van beroep tegen een uitspraak van het hof Leeuwarden in een pachtzaak tot ambtshalve onbevoegdverklaring tot kennisneming van het hoger beroep met verwijzing naar de pachtkamer van het hof Arnhem; verwijzingen tussen de gewone rechter en d
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 71 Rv
Genoemd in 660 uitspraken · Officiële wettekst
660 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Gemeentelijke erfpacht Amsterdam. Goederenrecht. Europees consumentenrecht. Vermelding canon in akte van erfpacht; art. 5:85 lid 2 BW, art. 767 (oud) BW. Beding in Algemene Bepalingen (AB) over periodieke herziening canon door deskundigen; voldoende bepaalbaar (art. 6:227 BW)? Fo
Hof bekrachtigt beslissing kantonrechter: onbevoegd in verband met een arbitragebeding. Geen aanspraak op volledige proceskostenvergoeding.
Vrijwilligster in manege valt van paard. Aansprakelijkheid manegehouder. Art. 7:658 lid 4 BW.
Pachtovereenkomst. Negatieve verklaring voor recht. Bedrijfsmatige exploitatie. 7:311 jo. 312 BW. Een negatieve verklaring voor recht in de zin dat er geen pachtovereenkomst bestaat, is een vordering is ‘betreffende een pachtovereenkomst als bedoeld in de vijfde titel van Boek 7
Wamca of geen Wamca. Rechter bij wie een 'aardzaak' aanhangig is gemaakt (kantonrechter of kamer voor andere zaken dan kantonzaken) moet eerste beslissen of de Wamca van toepassing is en kan pas daarna beslissen of hij/zij bevoegd is.
De atelierovereenkomst en museumovereenkomst zijn rechtsgeldig opgezegd door de gemeente Den Helder. Daarom kan in het midden blijven of sprake is van huur of gebruik. Indien sprake is van huur, dan is dit huur van bedrijfsruimte ex art. 7:230a BW en niet van middenstandsbedrijfs
Effectenlease. Klant vordert vernietiging van met (rechtsvoorgangster van) Dexia gesloten effectenleaseovereenkomsten wegens dwaling, danwel een verklaring voor recht dat Dexia haar zorgplicht heeft geschonden. Ten aanzien van de bevoegdheid wordt overwogen dat sprake is van huur
Bevoegdheidsincident. Bruikleenovereenkomst of huurovereenkomst
Vordering tot afgifte bescheiden ex art. 843a Rv i.v.m. te berekenen aanspraak vergoeding voor gebruik uitvinding o.g.v. overeenkomst subsidiair art. 12 lid 6 ROW toegewezen.
Aannemingsbedrijf Tuin heeft niet onrechtmatig jegens eiser gehandeld door als koper mee te werken aan de levering van het pand aan Tuin. De gestelde huurovereenkomst tussen de gemeente en eiser was ten tijde van de levering al rechtsgeldig geëindigd. Gedaagde mocht bovendien afg
partijen (bv's van ex-echtgenoten) hebben een afspraak dat loon voor verleende diensten wordt verrekend met gebruikersvergoeding voor een auto. vorderingen over en weer grotendeels afgewezen
Incident. Bevoegdheid kantonrechter. Artikel 93 Rv. Voldoende verband met de arbeidsovereenkomst.
Mondeling (verwijzings)vonnis - verwijzing naar kantonrechter - vordering(en) betreffende een arbeidsovereenkomst - aardzaak
Verwijzing naar kantonrechter, aardvorderingen ex artikel 93 sub c Rv, huurovereenkomst
De gedaagde partij verzoekt de kantonrechter zich onbevoegd te verklaren om van de vorderingen van de eisende partij kennis te nemen en de zaak te verwijzen naar de handelskamer van de rechtbank. De kantonrechter beoordeelt de vraag of verwijzing nodig is aan de hand van haar eig
Burgerlijk procesrecht. Bevoegdheidsincident. Competentie kantonrechter. Omvang processtuk. Rechtbank ziet geen reden voor verwijzing of voor vervanging van de dagvaarding door een korter exemplaar.
Bevoegdheidsincident in vrijwaringszaak. Huurovereenkomst. Verwijzing vrijwaringszaak naar kanton. Ook verwijzing hoofdzaak naar kanton. Artikel 210 lid 3, laatste volzin, Rv.
Reparatie auto, gemengde overeenkomst. De overeenkomst kwalificeert als aanneming van werk en (mede) als consumentenkoopovereenkomst met betrekking tot de plaatsing van roerende zaken, waaronder een motorblok. Verwijzing naar de kamer voor kantonzaken, art. 93 sub c Rv.
Bevoegdheidsincident. Kantonrechter verwijst zaak naar team Handel en Haven. Naar het voorlopig oordeel is sprake van een bruikleenovereenkomst tussen partijen. Eiser stelt dat gedaagde zich mogelijk zal beroepen op bestaan huurovereenkomst, maar gedaagde zelf heeft dat (nog) op
Voorlopig getuigenverhoor en gelijktijdige bepaling tegenverhoor. Bevoegdheid kantonrechter. Art. 186 Rv; 187 Rv; 190 Rv; 168 Rv. Art. 93 Rv; 71 Rv.
Bevoegdheidsincident. Gedaagde verzoekt de kantonrechter zich onbevoegd te verklaren om kennis te nemen van de vorderingen van eisers en de zaak te verwijzen naar de handelskamer van de rechtbank. De kantonrechter beoordeelt de vraag of verwijzing nodig is aan de hand van haar ei
Pacht. Vonnis in het incident. Twee van de drie in de hoofdzaak ingestelde vorderingen (ontbinding pachtovereenkomsten) behoren in ieder geval tot de bevoegdheid van de pachtkamer. Op basis van artikel 1019l Rv moet ook de derde vordering (ontruiming perceel) samen en dus tegelij
Vonnis in incident. Partijen twisten over de vraag of het geschil op grond van hun overeenkomst of de bijlage bij deze overeenkomst door middel van arbitrage moet worden beslecht. De rechtbank beantwoordt deze vraag ontkennend. Wel verwijst de rechtbank de zaak naar de kantonrech
Incident tot voeging/tussenkomst en verwijzing naar de pachtkamer van deze rechtbank. Vordering tot voeging/tussenkomst afgewezen. De rechtbank kan namelijk niet vaststellen dat eiser in dit incident er belang bij heeft om te voegen of tussen te komen. Vordering tot verwijzing na