Appartementsrechten. Wijziging akte van splitsing. Vervangende machtiging (art. 5:140 BW); weigering zonder redelijke grond? Eisen van redelijkheid en billijkheid. Bindende kracht vonnissen (art. 67 (oud) Rv thans art. 236 Rv); analogische toepassing op beschikkingen op verzoeksc
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 67 Rv
Genoemd in 94 uitspraken · Officiële wettekst
94 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Onrechtmatige daad bank jegens voormalige aandeelhouders van gefinancierde vennootschap. Vergoeding van materiële en immateriële schade. Geen gezag van gewijsde.
-
Komt aan een beslissing in een in kracht van gewijsde gegaan vonnis in een schadestaatprocedure gezag van gewijsde toe in een volgende schadestaatprocedure tussen dezelfde partijen (art. 236 Rv)?
Antilliaanse zaak. Geschil tussen broers over herstel van vernielingen door een zoon (81 RO).
Procesrecht. Octrooirecht. Modellenrecht. Slaafse nabootsing. Voortzetting procedure in appel door oorspronkelijke partijen. Na rechtenoverdracht procederen onder lastgeving op naam. Stelplicht en bewijslast. Beschermingsomvang. Plausibiliteit. Problem-solution approach. Procesko
-
Procesrecht. Gezag van gewijsde. Beperkende werking redelijkheid en billijkheid. Ontslag(besluit) inzake stichtingbestuurder.
Procesrecht. Gezag van gewijsde. Art. 236 lid 1 Rv. Heeft de grondslag van de vordering in de onderhavige procedure betrekking op dezelfde geschilpunten als die waarover in een eerdere procedure bij kracht van gewijsde is beslist? Voorts motiveringsklacht tegen uitleg grief.
Procesrecht. Is sprake van een ontoelaatbare wijziging van partijhoedanigheid indien stichting eerst optreedt als vertegenwoordiger van slachtoffers en na eiswijziging in hoedanigheid van claimstichting in de zin van art. 3:305a (oud) BW? Bijzondere omstandigheden van het geval.
Vermogensrecht. Verkrijging door advocaat van vordering waarover procedure aanhangig is; nietigheid ingevolge art. 3:43 lid 1, onder a, BW? Uitleg ‘aanhangig’, art. 125 lid 1 Rv; uitleg ‘verkrijging’ in geval van stille cessie, art. 3:94 lid 3 BW. Verrekening, eis van wederkerig
-
Deelnemingsvrijstelling? Schikking ad € 1,16 miljard wegens schending, door de Poolse republiek, van een bilateral investment treaty door niet-nakoming van verplichtingen uit een share purchase agreement (SPA) en First Addendum (FA) naar Pools recht, strekkende tot levering van e
Fiscaal procesrecht; art. 236(1) Rv; gezag van gewijsde; beslissing van belastingrechter over gedoogplicht tussen belanghebbende en gemeente in procedure over aanslag voor 2015 tussen belanghebbende en heffingsambtenaar van dezelfde gemeente; bindend voor belastingrechter in proc
Procesrecht. Pandrecht. Kan pandhouder van vordering op naam na mededeling pandrecht aan de schuldenaar een lopende procedure over vordering overnemen van pandgever middels schorsing en hervatting (art. 225 e.v. Rv)? Rechtsopvolging en -verkrijging tijdens geding. Subjectieve omv
Appartementsrecht. Geen vervangende toestemming voor zonnescherm boven de loggia dat door VvE niet is toegestaan. Zie ook ECLI:NL:RBOVE:2021:887
Aansprakelijkheidsrecht; bevoegdheidsperikelen. Schadevordering van voormalige werkgever tegen oud-bestuurders/werknemers die op staande voet waren ontslagen wegens in dienstverband gepleegde strafbare feiten; samenloop, vraag of art. 2:9 en 7:661 BW in de weg staan aan toewijzin
-
-
Procesrecht. Incident tot niet-ontvankelijkverklaring cassatieberoep. Partijwisseling tijdens geding. Tussen- of einduitspraak? Arrest n.a.v. schorsing en hervatting, waarbij wordt geconstateerd dat zaak is overgenomen door cessionaris. Positie wederpartij. Schorsing en hervattin
Gezag van gewijsde. Art. 236 Rv, art. 9 en 9a Waadi. In eerste procedure stelt hof na bewijslevering vast dat partijen een overeenkomst hebben gesloten en met veroordeling tot betaling. Kan in een tweede procedure alsnog een beroep op nietigheid van die overeenkomst worden gedaan
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Effectenleaseovereenkomst. Buitengerechtelijke vernietiging o.g.v. art. 1:89 lid 1 BW in verbinding met art. 1:88 lid 1, onder d, BW. Bindt een beslissing over de rechtsgeldigheid van de vernietiging in een procedure waarin slechts een van beide
Effectenlease. Vernietiging van de leaseovereenkomst op grond van artikel 1:88 in verbinding met 1:89 BW. Als bij in kracht van gewijsde gegaan vonnis is beslist dat de rechtsvordering tot vernietiging is verjaard in een procedure waarin één van de echtgenoten partij was, heeft d
Enquêteprocedure; onmiddellijke voorziening. Uitstoting minderheidsaandeelhouders via fusie niet in strijd met art. 2:8, 2:92, 2:92a, 2:201 en 2:201a BW en met art. 1 Eerste Protocol bij het EVRM en art. 14 EVRM.
Huurgeschil over de rechtmatigheid van de ontruiming door de verhuurder van een bedrijfsruimte na de ontbinding van de huurovereenkomst door de kantonrechter, gezag van gewijsde, gesloten stelsel van rechtsmiddelen; 81 RO.