Burgerlijk procesrecht. Zekerheid voor proceskosten. Is tijdig zekerheid gesteld? Is genoegzaam zekerheid gesteld? Er is tijdig om verlenging van de termijn gevraagd (art. 616 lid 4 Rv) en de zekerheid is gesteld binnen de verlengde termijn. Een bankgarantie is voldoende zekerhei
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 616 Rv
Genoemd in 72 uitspraken · Officiële wettekst
72 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Civiele Raadkamer. Eindbeschikking. De rechtbank heeft in een tussenbeschikking het incidentele verzoek tot het stellen van zekerheid voor de proceskosten toegewezen. Verzoeker in de hoofdzaak heeft niet tijdig zekerheid gesteld. Het gevolg is dat verzoeker in de hoofdzaak niet-o
Incident tot zekerheidstelling voor proceskosten
Civiele raadkamer. Tussenbeschikking. Verzoek tot ontslag van bestuurders van een stichting. Belanghebbenden hebben een incident opgeworpen tot zekerheidstelling voor de proceskosten. Verzoekster is gevestigd op de Cook Islands. Geen van de uitzonderingen van artikel 224 Rv is va
Geen zekerheid gesteld voor proceskosten. Eiseres niet ontvankelijk in de hoofdzaak. Ook niet ontvankelijk in het nader opgeworpen incident tot het treffen van een voorlopige voorziening. Strijd met de goede procesorde.
Curaçao.Plantage Vetter.langdurig onverdeeld gebleven boedel.4e tussenbeschikking.stichting art. 3.200c en 3.200d BW
Incident tot zekerheidstelling. Artikel 224 Rv. Toewijzing.
Incidentele vordering tot zekerheidsstelling proceskosten ex artikel 224 Rv. De stelplicht en de bewijslast met betrekking tot het feit dat de effectieve toegang tot de rechter door het bevelen van zekerheidstelling voor de proceskosten zou worden belemmerd liggen bij de buitenla
Incident, zekerheidstelling voor proceskosten (artikel 224 Rv).
Vonnis in bevoegdheidsincident en incident tot zekerheidstelling voor proceskosten
Goederenvervoer over zee. Een motorjacht wordt in een zeeschip vervoerd van de Perzische Golf naar de Middellandse Zee. Uitleg van de overeenkomst. Zekerheid voor de proceskosten. Grieven. Terugwijzing. Verjaring. Consument. Tussenarrest met de vraag of de Hague-Visby Rules van t
Incident. Zekerheidsstelling proceskosten. Artikel 224 Rv en artikel 616 Rv .
Luchtvaartzaak. Eiseres niet-ontvankelijk in vordering wegens het niet tijdig stellen van zekerheid in de zin van artikel 224 Rv.
Luchtvaartzaak. Eiseres niet-ontvankelijk in vordering wegens het niet tijdig stellen van zekerheid in de zin van artikel 224 Rv.
Luchtvaartzaak. Eiseres niet-ontvankelijk in vordering wegens het niet tijdig stellen van zekerheid in de zin van artikel 224 Rv.
Luchtvaartzaak. Eiseres niet-ontvankelijk in vordering wegens het niet tijdig stellen van zekerheid in de zin van artikel 224 Rv.
Luchtvaartzaak. Eiseres niet-ontvankelijk want niet voldaan aan zekerheidsstelling proceskosten.
Incident tot zekerheidstelling voor proceskosten op grond van artikel 224 Rv. Eisende partij heeft geen woonplaats in Nederland. Documenten die eisende partij in het geding heeft gebracht leiden niet tot de slotsom dat de uitzondering van artikel 224 lid 1 onder a van toepassing
Incidentele vordering tot zekerheidsstelling voor proceskosten.
Geschatte schadevergoeding voor niet nakomen van verbintenis tot overleg wegens onvoorziene omstandigheid. Vervolg op Rb Rotterdam 12 dec 2018, ECLI:NL:RBROT:2018:10130.
Incident zekerheidsstelling. Art. 224 Rv. Eiseres in de hoofdzaak is gevestigd in de Verenigde Arabische Emiraten.
Zekerheidstelling ex artikel 224 Rv. Niet voldaan aan tussenvonnis; zekerheid niet op tijd gesteld. Vordering in de hoofdzaak niet-ontvankelijk.
Hof wijst vordering uit bestuurdersaansprakelijkheid i.v.m. aangaan garantieovereenkomst door vennootschap af. Art. 6:162 BW. Zie ECLI:NL:GHAMS:2017:4172.
Kort geding. Executiegeschil m.b.t. aan beslagverlof verbonden voorwaarde dat zekerheid moet worden gesteld. Vorderingen afgewezen omdat deze ertoe strekken de voorwaarde te wijzigen en dit zich niet verdraagt met het gesloten stelsel van rechtsmiddelen.
Incident ex art. 224 Rv (zekerheidsstelling voor proceskosten). Vonnis na eerder incidenteel tussenvonnis. Er is tijdig een eersteklas bankgarantie afgegeven door een Nederlandse bank maar betwist wordt of dit vanwege de bewoordingen daarvan een voldoende bankgarantie is. Art. 6: