Beslagrecht. Merkenrecht. Vordering tot opheffing conservatoir beslag. Schending van art. 438 lid 5 (oud) Rv door het niet dagvaarden van geëxecuteerde? Oproeping op de voet van art. 118 Rv.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 438 Rv
Genoemd in 1.147 uitspraken · Officiële wettekst
1.147 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Curaçaose zaak. Prejudiciële vragen. Overheidsprivaatrecht. Procesrecht. Invordering belastingen en premies. Concordantiebeginsel. Hoofdelijke aansprakelijkheid van bestuurder voor belasting- en premieschulden vennootschap. Eisen art. 1 EP EVRM. Staat verzet voor aansprakelijkges
IE, merk, opheffing conservatoir beslag op oorspronkelijke merkgoederen, niet naleving art. 705 lid 3 jo art. 438 lid 5 Rv leidt onder de gegeven omstandigheden niet tot niet-ontvankelijkheid, art. 9 lid 4 UMVo niet van toepassing op oorspronkelijke merkgoederen, toepassing van ‘
executoriale kracht notariële akte, vereisten, misbruik van recht?
Kort geding. Executiegeschil over veroordeling in eerder kort gedingvonnis (ECLI:NL:RBGEL:2023:3491) om vooralsnog de overeenkomst tussen partijen op gebruikelijke wijze na te komen tot beslissing in bodemprocedure. Handelingen van eiseres zijn in strijd met doel en strekking van
Huurrecht. Burgermeesterssluiting. Ontbindingsverklaring kan ook voorafgaand aan de daadwerkelijke sluiting van de woning worden verzonden, mits de ontbinding pas effect sorteert op het moment van de feitelijke sluiting van de woning.
Kort geding. Vordering tot opheffing beslag toegewezen
Deurwaarderskortgeding ex artikel 438 lid 5 Rv. Het gerechtshof Amsterdam heeft bepaald dat beslaglegger inzage dient te verkrijgen in bescheiden die onder bewijsbeslag liggen. Beslagene maakt bezwaar bij de deurwaarder tegen de wijze waarop hij zijn selectie heeft gemaakt van be
Overheidsprivaatrecht. Strafrecht. Beslag- en executierecht. Overgangsrecht. Civielrechtelijk executiegeschil met betrekking tot verhaal strafrechtelijke ontnemingsmaatregel door middel van anderbeslag als bedoeld in art. 94a Sv. Executie van maatregel onrechtmatig omdat beslag i
Opheffingskortgeding auteursrechtelijk beslag op een powerboat. De vraag wie de maker is van de powerboot wordt beantwoord aan de hand van het recht van het land van herkomst van de maker, in dit geval Zweeds recht. De vragen of het werk voldoende oorspronkelijk is en of appellan
Kort geding. Deurwaarders renvooi procedure met de vraag of beslag of de zorgbonus is toegelaten. En de vraag of de zorgbonus rechtstreeks voortvloeit uit de rechtsverhouding van de zorgaanbieder. Voorzieningenrechter beantwoordt eerste vraag met "Ja" en tweede vraag met "Nee". D
Beslag saldo en-of rekening, beslagvrije voet, misbruik van recht. Derdenbeslag onder de bank op saldo en/of-rekening ten name van Vader en dochter. Sprake is van een zowel aan Vader als de dochter toekomend vorderingsrecht op de bank tot uitbetaling van het gehele saldo op de en
Beslag op het saldo van een en/of-rekening ter voldoening van een vordering op de rekeninghouder die in de onderlinge verhouding tot de andere rekeninghouder niet gerechtigd is tot dit saldo.
Kort geding. Eiser niet-ontvankelijk in zijn vorderingen omdat hij in strijd met artikel 438 lid 5 Rv heeft nagelaten de geëxecuteerde in rechte te betrekken. Ten overvloede wordt overwogen dat de Staat gerechtigd is zich te verhalen op de in strafvorderlijk beslag genomen auto.
Vordering van een vennootschap tot opheffing executoriaal beslag op auto die in gebruik is bij de (indirect) bestuurder. Bij de beoordeling van de vordering tot opheffing van het beslag gaat het erom of, voorshands, voldoende aannemelijk is dat de auto waarop beslag is gelegd aan
Kort geding. Executiegeschil. Hypotheekbank, die de door een (andere) schuldeiser in gang gezette executie niet heeft overgenomen, vordert opheffing van het door die schuldeiser gelegde (executoriale) beslag, opdat de woning waarop het beslag rust onderhands kan worden verkocht d
438 Rv 509 Rv 3:13 BW Een hypotheekhouder die niet de executie overneemt maar zich verzet tegen de executie van het verbonden onroerend goed, is te beschouwen als een derde. Hij dient ingevolge 438 lid 5 Rv zowel de executant als de geëxecuteerde te dagvaarden. Dat wordt in eerst
Klacht tegen gerechtsdeurwaarders. Executoriaal beslag nog niet opengevallen alimentatietermijnen. Art. 441 Rv. Strafmaatappel. Onjuist oordeel voorzieningenrechter. Klacht gegrond, lichtere maatregel (waarschuwing).
KG deurwaarderskortgeding en vordering tegen deurwaarder in verband met een bewijsbeslag. De voorzieningenrechter oordeelt dat de door de deurwaarder geselecteerde bestanden aan de beslaglegger moeten worden afgegeven.
Kort geding. Executiegeschil. Grotendeels toewijzing. Vonnis gewezen tegen executeur in hoedanigheid kan niet ten uitvoer worden gelegd tegen executeur in privé. Gedaagden veroordeeld tot staken verdere executie en terugbetaling al geïnde bedrag. Vordering tot opheffing van besla
Kort geding. Deurwaardersrenvooi. Deurwaarder moet executie staken. Gedaagde heeft voldoende aannemelijk gemaakt alles te hebben gedaan om te voldoen aan kort geding vonnis. Eiser heeft niet inzichtelijk gemaakt wat gedaagde nog meer of anders had kunnen doen.
Kort geding. Geschil tussen exploitanten van vakantieparken dat ziet op de overname door Dormio van 30 vakantieparken van Roompot en Landal. Dormio heeft bewijsbeslag gelegd. De voorzieningenrechter oordeelt dat Roompot en Landal inzage moeten geven op grond van de artikelen 194
Conservatoir leveringsbeslag, dat is gelegd door een derde die meent dat het Land de Didam-regels heeft geschonden, moet worden opgeheven. Dat de beslaglegger aanspraak kan maken op levering van de grond, kan niet onmiddellijk worden aangenomen.
Verbintenissenrecht. Rechthebbende op bedrag aan geïncasseerde vorderingen van het CJIB op kwaliteitsrekening van failliet verklaard deurwaarderskantoor; maatstaf rechthebbende in zin van art. 19 Gdw.
Deurwaardersrenvooi artikel 438 lid 5 Rv; hoger beroep van ECLI:NL:RBAMS:2025:4579; Uitleg exhibitieveroordeling 17 december 2024, gerechtshof Amsterdam (ECLI:NL:GHAMS:2024:3472); inzage door beslaglegger in bescheiden die onder bewijsbeslag liggen. Geen inzage in gegevens die va