Beslagrecht, procesrecht. Beslagvrije voet bij derdenbeslag op AOW-uitkering. Is de schuldenaar gehouden opgave te doen van zijn buitenlandse inkomen en vermogen? Art. 475g lid 1 (oud) Rv.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 438 Rv
Genoemd in 1.147 uitspraken · Officiële wettekst
1.147 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Hof komt wegens strijd met goede procesorde niet toe aan inhoudelijke beoordeling incidentele vordering ex art. 351 Rv. In eerder executiegeschil ex art. 438 lid 2 Rv is op basis van exact dezelfde argumenten als in dit incident vergeefs aangevoerd dat executie moet worden gescho
Vordering tot opheffing/schorsing executoriaal beslag afgewezen.
Nader bevel tot afgifte van bescheiden m.b.t. schilderijen, met bevel tot teruggave van bijvangst uit eerder bewijsbeslag. Art. 843a Rv. Vervolg op ECLI:NL:OGEAC:2019:120.
Executoriaal beslag ten laste van de republiek Kazachstan opgeheven, onder meer vanwege soevereine immuniteit. De nietigheid van het beslag is niet uitgesproken vanwege schending van artikel 721 Rv, dat vereist dat de eis in de hoofdzaak binnen 8 dagen na het instellen daarvan aa
IPR. Kort geding. Executie van dwangsommen opgelegd door Ondernemingskamer (ECLI:NL:GHAMS:2014:2767). Art. 55 herschikte EEX-verordening (Brussel I bis). Anders dan de eerste rechter kennelijk heeft aangenomen, is de voorzieningenrechter niet bevoegd tot definitieve bepaling van
Incident schorsing uitvoerbaarheid bij voorraad. Samenloop met executiegeschil bij de voorzieningenrechter. Een geëxecuteerde komt naast het recht in kort geding een vordering tot schorsing of staking van de executie in te stellen op grond van artikel 438 lid 2 Rv in beginsel tev
Onrechtmatige daad; executierecht. Aansprakelijkheid voor tenuitvoerlegging later vernietigd vonnis. HR 19 mei 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5863, NJ 2000/603. Komt schade voor risico van geëxecuteerde?
De kantonrechter verklaart zich bevoegd in een executiegeschil. Artikel 438 lid 2 Rv biedt ruimte voor de opvatting dat de in dat artikel genoemde voorzieningenrechter, ruimer kan worden uitgelegd dan uitsluitend de voorzieningenrechter van de sector civiel.
De rechtbank in Den Haag vindt nader onderzoek noodzakelijk in twee rechtszaken tussen het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) en [voormalig algemeen directeur COA]. De rechtbank wil zo nadere informatie krijgen om vast te stellen of de verklaring van voormalig algemeen dir
Vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging afgewezen in kort geding. In het incident in hoger beroep alleen hernieuwde beoordeling ten aanzien van feiten of omstandigheden die zich hebben voorgedaan na de behandeling van het kort geding.
Executierecht; Wet op het financieel toezicht (Wft). Executoriale verkoop van in beslag genomen certificaten van aandelen. Toepasselijkheid prospectusplicht (art. 5:2 Wft) en vrijstellingsbepaling (art. 53 lid 2 Vrijstellingsregeling Wft). Hoge Raad stelt vragen van uitleg aan Hv
Schorsing arbitraal vonnis in kort geding. IPR. Bevoegdheid kortgedingrechter o.g.v. art. 1066 Rv. Geen sprake van executiegeschil in de zin van art. 438 Rv. Voorhands oordeel m.b.t. kans van slagen hoger beroep tegen vonnis in eerste aanleg waarbij schorsing van arbitraal vonnis
Incidentele vordering tot schorsing ex art. 351 Rv. na eerder executie kort geding is in beginsel in strijd met een goede procesorde".
Verlaging ouderdomspensioen. Beslaglegging op het AOW-pensioen. Svb treedt niet in de geldigheid van een executoriaal derdenbeslag en is gehouden volledige medewerking aan het beslag te verlenen. Dit is voorbehouden aan de burgerlijke rechter.
Incident ex artikel 351 Rv tot schorsing tenuitvoerlegging. Vordering afgewezen wegens strijd met de goede procesorde.
Kort geding - nakoming omgang - dwangsommen eerder vonnis zijn verbeurd - nieuwe (hogere) dwangsom teneinde vrouw te bewegen omgang na te komen - door vrouw geuite bezwaren tegen omgang leiden niet tot een ander oordeel.
Executieveiling woning op verzoek van (schoon)ouders in verband met onbetaalde geldlening. Verbod executie afgewezen.
De stellingen in de dagvaarding verhouden zich niet goed met artikel 21 Rv. Dat het woonadres van eiseres na de verkoop van haar woning was gewijzigd en dat [eiseres] haar nieuwe adres niet tijdig heeft doorgegeven heeft gedaagde al met al voldoende aannemelijk gemaakt. Voor zove
Executie kort geding. Geschil naar aanleiding van geluidsoverlast warmtepomp. Spoedeisend belang. Geïnde en niet-geïnde dwangsommen, onverschuldigde betaling, deskundigenkosten. Vervolg op vonnis van de voorzieningenrechter in de rechtbank Midden-Nederland, zittingsplaats Lelysta
Executiegeschil. Tenuitvoerlegging vonnis geschorst totdat gerechthof op incidentele vordering tot schorsing heeft beslist.
Beslag en executie. Gedaagden moeten meewerken aan onderhandse verkoop door eiseres voor minimaal Cg 1,6 miljoen van haar woning, met doorhaling van hun hypotheekrecht en beslagen, onder de bepaling dat een deel van de opbrengst aan hen wordt uitgekeerd en het restant in escrow b
kopje volgt
Vonnis in incident. De uitvoerbaarheid van het verstekvonnis zal worden geschorst totdat in de verzetprocedure einduitspraak is gedaan.
Het gaat in deze zaak om een executiegeschil ex artikel 438 lid 2 Rv. De vorderingen van appellanten tot schorsing van de tenuitvoerlegging van een uitvoerbaar verklaard vonnis op een aantal afzonderlijke vermogensbestanddelen (huizen en auto’s) worden met toepassing van de maats