Wrakingszaak.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 39 Rv
Genoemd in 595 uitspraken · Officiële wettekst
595 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 11 · live
Wraking. Herhaald wrakingsverzoek (eerder: WR 19/031 en WR 19/032). Verzoeker stelt aan de orde wat ook al in de eerdere wrakingszaken aan de orde is gesteld en is beoordeeld. Misbruik van het instrument van wraking, een volgend wrakingsverzoek in deze zaak wordt niet in behandel
Wraking. Eerder wrakingsverzoek. Nieuwe verzoek daarom deels niet in behandeling genomen, deels afgewezen. Elk nieuw wrakingsverzoek in deze zaak wordt niet in behandeling genomen
Verzoek toegewezen. Grond voor wraking: de persoonlijke bekendheid van de rechter met een bestuurder van een van de bij de zaak betrokken partijen. De rechter deelt dit bij aanvang van de zitting aan partijen mede zonder verdere toelichting hoe ver die bekendheid gaat. Dat leidt
Wraking. Regievoering tijdens de zitting. Wraking is geen verkapt rechtsmiddel tegen onwelgevallige beslissingen
Wraking. Gericht tegen de wrakingskamer die de wrakingszaak WR 19/027 behandelde. Het verzoek is niet-ontvankelijk omdat het is gedaan na de beslissing in zaak WR 19/027. Ten overvloede, tegen een wrakingsbeslissing staat geen voorziening open
Wraking. In eerdere wrakingszaak WR 18/033 is misbruik van het instrument van wraking aangenomen. Het onderhavige verzoek is gebaseerd op dezelfde feiten en omstandigheden. Reeds daarom is dit verzoek niet-ontvankelijk. Misbruik van het instrument van wraking, een volgend wraking
Beroep op onrechtmatige rechtspraak afgewezen. In dit geval geen toetsing beslissing wrakingskamer. Geen doorbrekingsgronden. Gesloten stelsel van rechtsmiddelen. T.a.v. de overige klachten niet voldaan aan het kenbaarheidsvereiste.
Verzoek niet-ontvankelijk verklaard. Verzoek niet tijdig gedaan en niet is gebleken dat de termijnoverschrijding op enigerlei wijze verschoonbaar is geweest.
Wrakingszaak.
Verzoeker is niet-ontvankelijk in zijn wrakingsverzoek, omdat het verzoek (wederom) niet is ondertekend door een advocaat en het wrakingsverzoek betrekking heeft op dezelfde gronden als het eerdere wrakingsverzoek. Bepaald is dat een volgend verzoek tot wraking - vanwege misbruik
Verzoek afgewezen. De grond voor wraking berust in de kern op de gedachte dat de rechter de “equality of arms” heeft geschonden door de biologische vader toegang tot de zitting te verlenen en hem mogelijk wèl te laten deelnemen aan het processuele debat. Een rechterlijke (tussen)
Verzoek tot wraking niet ontvankelijk verklaard omdat het niet tijdig is gedaan. Toepassing antimisbruikbepaling.
Verzoek afgewezen. Het verzoek berust er in de kern op dat de rechter mede op grond van haar persoonlijke ervaringen bevooroordeeld is en dat zij ter zitting niet heeft gezorgd voor een evenwicht tussen partijen. De subjectieve vrees van verzoeker dat de rechter bevooroordeeld is
Verzoek afgewezen. Het verzoek berust er in de kern op dat de rechter een beslissing heeft genomen (die is opgenomen in de brief van de griffier van 8 maart 2019) die – objectief bezien – heeft geleid tot de schijn van partijdigheid. Een rechterlijke (tussen)beslissing als zodani
Verzoek afgewezen. De gronden van het verzoek berusten op door de rechter gemaakte opmerkingen en gebruikte beeldspraak ter zitting. De rechter heeft met zijn opmerking en de daarbij gebruikte beeldspraak over de rituele dans, niet meer bedoeld dan uiting te geven aan zijn ervari
Wrakingszaak. Geen inhoudelijke gronden genoemd, wraking ongegrond, wrakingsverbod
Verzoek afgewezen. De aangevoerde gronden worden gevormd door een aantal door de rechter tijdens de zitting gemaakte opmerkingen, die niet in het proces-verbaal staan vermeld en die bij elkaar opgeteld maken dat bij verzoekster de vrees is ontstaan of haar zaak wel onpartijdig wo
Verzoek afgewezen. De grond voor wraking is gelegen in door de rechter ter zitting gemaakte opmerkingen, de onheuse bejegening en onvoldoende toepassing van hoor en wederhoor. Uit de aangevoerde gronden, ook als deze in onderlinge samenhang worden bekeken, volgt geen objectief te
Wrakingszaak. De rechtbank verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek. De wet biedt niet de mogelijkheid van wraking van een rechtscollege in zijn geheel, zoals verzoeker heeft gedaan.
Wrakingsverzoek afgewezen met bepaling dat een volgend wrakingsverzoek van verzoeker in deze procedure niet in behandeling wordt genomen. Op grond van art 134 Rv kan de rechter bepalen dat geen gelegenheid zal worden gegeven voor pleidooien. Uit het pv van de comparitie blijkt da
Beschikking wraking
Wraking. Verzoek is niet onderbouwd en te laat gedaan
Buiten behandeling laten van het verzoek tot wraking – blijk geeft van evident misbruik van het wrakingsmiddel – volgende verzoeken worden niet in behandeling genomen.
Verzoek niet-ontvankelijk verklaard. Het betreft een verzoek tot wraking dat is gedaan nadat einduitspraak is gedaan.