In dit kort geding draait het om het verschoningsrecht. Dat is een fundamenteel rechtsbeginsel. Aan het verschoningsrecht ligt ten grondslag dat het maatschappelijk belang dat de waarheid in rechte aan het licht komt, in beginsel moet wijken voor het algemeen maatschappelijk bela
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 392 Rv
Genoemd in 495 uitspraken · Officiële wettekst
495 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 7 · live
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Overgang fosfaatrechten (art. 25-31 Meststoffenwet). Is geldige titel voor overdracht in de zin van art. 3:84 lid 1 BW vereist?
Prejudiciële procedure (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing van minderjarige bij pleegouders. Dienen de pleegouders toestemming te verkrijgen van de ouders met gezag dan wel de gecertificeerde instelling voor een uitstapje of vakanti
IPR: voornemen om prejudiciële vragen te stellen aan de Hoge Raad der Nederlanden over de verenigbaarheid van Iraans huwelijksvermogensrecht met de Nederlandse openbare orde (art. 10:6 BW).
Verzoek tot ontslag bewindvoerder/mentor. Belanghebbenden. Artikel 798 lid 2 Rv van toepassing? Prejudiciële vragen aan de Hoge Raad.
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Kinderalimentatie. Is een niet-wijzigingsbeding voor kinderalimentatie nietig? Maakt het daarvoor uit of ten voordele of ten nadele van de onderhoudsgerechtigde is afgeweken van de wettelijke maatstaven? Is art. 1:159
Prejudiciële vragen over overdraagbaarheid vordering van bank op niet-bank. Eisers in twee zaken (waarvan dit er een is) zijn cliënten van F. Van Lanschot Bankiers N.V. Op 30 september 2015 heeft Promontoria de zakelijke vastgoedleningen, die waren ondergebracht bij de Afdeling B
Vragen aan de Hoge Raad over de aard van de vordering van de Ontvanger in faillissement in geval van oneigenlijke lossing met betrekking tot rentekas-btw.
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Begrotingsprocedure tussen advocaat en cliënt ingevolge art. 38 lid 4 Wet op de Rechtsbijstand. Dagvaardings- of verzoekschriftprocedure?
Onderwijsovereenkomst. Verschuldigdheid opleidingskosten bij tussentijdse beëindiging. Onredelijke bezwarend beding. Overeenkomst van opdracht.
Prejudiciële vraag aan de Hoge Raad ex art 392 RV of telefoonabonnementen zijn te kwalificeren als consumentenkrediet als bedoeld in de WcK, dan wel titel 2A van boek 7 BW, dan wel koop op afbetaling als in artikel 7A:1576 e.v. BW.
Vragen aan de Hoge Raad over de forfaitaire verhuisvergoeding van bewindvoerders als bedoeld in artikel 3 lid 5 onder b van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren nu bewindvoerder zich akkoord heeft verklaard met het stellen van die vragen.
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Onderlinge bijdrageplicht (draagplicht) van hoofdelijke schuldenaren (art. 6:10 BW) in concernverhouding.
Prejudiciële vragen; vereffening nalatenschap; berekening vordering; art. 4:218 lid 5 BW; fixatiebeginsel art. 128 Fw van overeenkomstige toepassing op vereffening nalatenschap?; onderscheid tussen ‘lichte’ en ‘zware’ vereffening?
Afwikkeling van de schuldsaneringsboedel waarbij het boedelactief minder dan € 2.000,- bedraagt. Prejudiciële vragen omtrent de wijze van afwikkeling.
schadevergoeding na vrijspraak; gebleken onschuld-criterium; strijd met de onschuldpresumptie van art. 6 EVRM? Prejudiciële vragen Hoge Raad
De rechtbank heeft bij vonnis van 10 oktober 2018 prejudiciële vragen gesteld inzake aardbevingszaken.
De rechtbank stelt prejudiciële vragen aan de Hoge Raad (artikel 392 Rv) naar aanleiding van het beroep op dwaling met betrekking tot een met een bank overeengekomen rentederivaat. De vragen zien op de omvang van mededelingsplicht van artikel 6:228 lid 1 onder b BW (verhouding to
De rechtbank stelt prejudiciële vragen aan de Hoge Raad (artikel 392 Rv) naar aanleiding van het beroep op dwaling met betrekking tot een met een bank overeengekomen rentederivaat. De vragen zien op de omvang van mededelingsplicht van artikel 6:228 lid 1 onder b BW (verhouding to
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Verzekeringsrecht; consumentenrecht. Arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandige. Beding in de polisvoorwaarden dat de mate van arbeidsongeschiktheid wordt vastgesteld op basis van rapportage van door de verzekeraar aangewezen deskundigen, en
Faillissementsrecht. Pluraliteitsvereiste. Moet Hoge Raad terugkomen van het krachtens vaste rechtspraak voor faillietverklaring geldende vereiste dat de schuldenaar meer dan één schuldeiser heeft?
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Onrechtmatige overheidsdaad, strafrecht. Kort geding over rechtsbijstand bij politieverhoor. Uitleg van HR 22 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3608, NJ 2016/52 (strafkamer). Toetsing in kort geding van beleid (Beleidsbrief OM “Raadsman bij verhoor
Verzoek voorwaardelijke ontbinding arbeidsovereenkomst. De kantonrechter heeft het voornemen om prejudiciële vragen voor te leggen aan de Hoge Raad en houdt elke verdere beslissing aan.
Verwijzingsbeslissing van de voorzieningenrechter naar de Hoge Raad met prejudiciële vragen aangaande de kostenveroordeling in een kort geding na intrekking
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Meerderjarigenbewind. Erfrecht. Is bewindvoerder die is benoemd op grond van art. 1:431 BW wettelijke vertegenwoordiger als bedoeld in art. 4:193 BW? Geldt voor verwerping, beneficiaire aanvaarding en zuivere aanvaardi