Door onrechtmatige woonconstructie geen huurbescherming; is voldaan aan allen formaliteiten voor parate executie? Belang in hoger beroep beperkt omdat ontruiming al heeft plaatsgevonden.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 382 Rv
Genoemd in 373 uitspraken · Officiële wettekst
373 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 14 · live
De vordering is ten onrechte ingesteld en dat is voldoende aanleiding om eiser in de proceskosten te veroordelen
betreft herroeping van een vonnis op grond van artikel 382 RV jo het afgeven van een verklaring voor recht dat bedrog is gepleegd in de zin van artikel 382 Rv/onrechtmatig is gehandeld.
Procesrecht. Herroeping wegens bedrog; aangifte door bank van (poging tot) fraude, valsheid in geschrifte en oplichting in de zin van art. 225 en 326 Sr. Wet bescherming persoonsgegevens; opname strafrechtelijke persoonsgegevens (art. 16 en 22 Wpb) in incidentenregister van bank;
niet-ontvankelijkheid in verband met de aard van de procedure. artikelen 390 Rv, 1:253a lid 1 en 2 BW.
Als uitgangspunt heeft te gelden dat de Stichting onrechtmatig heeft gehandeld jegens de crediteuren in het faillissement door mee te werken aan de instandhouding van meergenoemde eigendomsconstructie die uitsluitend ten doel heeft het pand te onttrekken aan het verhaal van d
Verzoek tot herroeping van een ontbindingsbeschikking krachtens artikel 382 jo 390 Rv. Beschikking nog niet in kracht van gewijsde, zodat de in artikel 383 lid 1 Rv genoemde termijn van indiening van het herroepingsverzoek nog niet is ingegaan. Verzoekster wordt niet ontvankelijk
et hof is van oordeel dat in beginsel de verzekeringsovereenkomst en de daarop toepasselijke polisvoorwaarden de verhouding tussen [verzoeker] en Centraal Beheer beheersen en dat op basis daarvan dient te worden beoordeeld of en zo ja, wat de omvang van de uitkering is. Die rech
Voorlopig getuigenverhoor ter voorbereiding van herroeping arrest hof. Hof is dan de bevoegde rechter. Conversie hoger beroep in verzoek in eerste instantie. Te zwakke materiële rechtspositie om verzoek te honoreren. Hof komt niet toe aan de (voor) vraag of de termijn van 3 maand
Een ontbindingsbeschikking waarin een vergoeding wordt toegekend aan de werknemer dateert van 11 december 2006. De werkgever vraagt op 25 augustus 2008 aan de kantonrechter deze beschikking te herroepen. De werknemer zou gelogen hebben over zijn intentie tot remigratie en dus is
Arbeidsrecht, heropening ontbindingsprocedure.
Betreft: vordering tot heropening en herroeping als bedoeld in art. 387 en 382 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering omdat het vonnis zou berusten op stukken waarvan de valsheid inmiddels is vastgesteld. De rechtbank overweegt dat sprake is van een grond voor heropening
Herroeping vonnis toelating wsnp niet mogelijk. Tussentijdse beëindiging op grond van artikel 350 lid 3 sub b Fw.
Verval van instantie in hoger beroep (artikel 284 Rv-oud), verzocht door appellante. Gevolgen van verval van instantie voor het tussenvonnis in eerste aanleg. Kracht van gewijsde. Terugkomen op het tussenvonnis in eerste aanleg is niet mogelijk vanwege gezag van gewijsde. Geen bi
Het rechtsmiddel van herroeping heeft, gelet op de formulering van de desbetreffende bepalingen (Boek 1, Titel 10 Rv) betrekking op de consequenties van het handelen en nalaten van een procespartij. Het gaat uitsluitend om wat zich heeft afgespeeld tijdens een procedure die inmid
Herroeping. In strafzaak tegen derde is gebleken dat gedaagde van hem bedragen heeft ontvangen op Zwitserse bankrekeningen. Door werkgever aangespannen geding wordt heropend.
Schorsing executie gedurende herroepingsprocedure.
Verweerster heeft aangevoerd dat zij “op voet van art. 382 onder a Rv vordert (…) in incident” dat het hof het vonnis van 19 maart 2003 van de rechtbank Utrecht, sector kanton, locatie Utrecht herroept en dat het hof de vordering van Transfair alsnog afwijst.
Bij onderhavig kort geding tot opheffing van een conservatoir beslag laat de voorzieningenrechter zich bij de beoordeling in de eerste plaats leiden door het arrest van de Hoge Raad van 30 juni 2006, RvdW 2006, 670, waarin geoordeeld werd over een vordering in kort geding tot oph
Bij onderhavig kort geding tot opheffing van een conservatoir beslag laat de voorzieningenrechter zich bij de beoordeling in de eerste plaats leiden door het arrest van de Hoge Raad van 30 juni 2006, RvdW 2006, 670, waarin geoordeeld werd over een vordering in kort geding tot oph
Landinrichtingswet; vordering tot herroeping ex art. 382 Rv. van een vonnis tot afwijzing van bezwaren tegen plan van toedeling, geen doorbreking rechtsmiddelenverbod ex art. 186 LiW.
'' ...[eiser sub 1] en [eiser sub 2] stellen dat KSG jegens hen onrechtmatig heeft gehandeld door de ontbindingsverzoeken te baseren op valse gegevens – welke door de kantonrechter, daar-door misleid, zijn overgenomen –, waardoor zij bovendien ten onrechte in langdurige en voor h
'' De kern van het verwijt dat [eiser] KSG in deze procedure maakt is dat KSG onjuiste en valse gegevens over haar financieel-economische positie heeft verstrekt, waardoor de kanton-rechter en de RDA op het verkeerde spoor zijn gezet en waardoor uiteindelijk [eiser] is ver-trokke
ontbinding arbeidsovereenkomst. Herroeping van beschikking wegens "bedrog" (art. 390 en 382 Rv). Werknemer was uitgenodigd te solliciteren bij nieuwe werkgever nog voordat de ontbinding definitief was geregeld. Door dit niet aan de oude werkgever mee te delen is de vergoeding hog
Het hof is, anders dan de vrouw, van oordeel dat niet valt uit te sluiten dat de rechter die op het verzoek tot herroeping heeft te beslissen tot het oordeel komt dat de aard van een alimentatiebeschikking zich niet verzet tegen een verzoek tot herroeping. Naar het oordeel van he