het verzoek tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor is gedeeltelijk door de rechtbank afgewezen / ingevolge artikel 188 lid 2 Rv is dan ook een hogere voorziening toegelaten / er is dus geen sprake van een rechtsmiddelenverbod / appellant in de zaak 627 is ontvankelijk i
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 186 Rv
Genoemd in 391 uitspraken · Officiële wettekst
391 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Verzoek van advocaten (pro se) om voorlopig getuigenverhoor en/of voorlopig deskundigenonderzoek e.a. naar gang van zaken bij het strafrechtelijk onderzoek van door O.M. en FIOD onder cliënt in beslag genomen computerbestanden, terwijl het strafrechtelijk onderzoek nog gaande is.
art. 186 Rv / art. 187 Rv / toewijzing verzoek tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor / voldoende belang / geen sprake van strijd met de goede procesorde / het is het hof niet gebleken dat zich een afwijsgrond voordoet / het hof neemt geen beslissing omtrent de procesko
verzoek art. 186 Rv inzake het voorlopig getuigenverhoor / art. 188 lid 2 Rv: lezing beslissing rechtbank als toewijzing (met ten onrechte voorwaarden/instructies) / doorbreking rechtsmiddelenverbod omdat de rechter buiten het toepassingsgebied van art. 186 Rv is getreden door he
rt. 186 Rv. BioStabilo 2000. Belanghebbende idzv de wettelijke regeling van het voorlopig getuigenverhoor. Overwogen vordering verjaard dus onvoldoende belang bij voorlopig getuigenverhoor. Verzoek ziet verder op niet betwiste feiten.
Voorlopig getuigenverhoor. Bevoegde rechter. Rechtbank verstrekt in tussenvonnis aan eiseres bewijsopdracht. Hoger beroep tegen het tussenvonnis wordt daarbij opengesteld. Gedaagde deelt mee van tussenvonnis in hoger beroep te zullen gaan. Na die mededeling, maar nog voor het ins
Verzoek tot houden voorlopig getuigenverhoor naar vermeend structureel wangedrag in de muziekbranche, in het bijzonder de rapscene. Belang bij dat verzoek. Ontvankelijkheidseisen van art. 3:305a BW (nieuw). Doorbreking van appelverbod wegens schending hoor en wederhoor.
Voorlopig getuigenverhoor en rechtsmacht.
Familierecht. Partneralimentatie en afwikkeling vermogensrechtelijke gevolgen van echtscheiding. Miskenning van devolutieve werking van hoger beroep. Motiveringsklachten over terugbetaling van leningen tussen echtgenoten en over financiële situatie tijdens het huwelijk.
Het warenhuisconcern HBC mag geen getuigen horen over hoe de contracten met verschillende verhuurders van panden tot stand zijn gekomen.
Weigering verzoek tot gelasten voorlopig getuigenverhoor omdat het afstuit op door het hof zwaarwichtig geoordeelde bezwaren.
Contractsoverneming; verplichting tot teruggeven bankgarantie?; belangenafweging
Verzoek voorlopig getuigenverhoor. Persoonlijke aansprakelijkheid officier van justitie / rechterlijk ambtenaar. Verwijzing naar HR 11 oktober 1991, NJ 1993, 165 en artikel 42 Wet rechtspositie rechtelijke ambtenaren.
Na constatering virusziekte in gekweekte tomatenplanten beëindigt opdrachtgever de jarenlange relatie. In het kader van de vraag waar de besmetting is ontstaan verzoekt kweker op grond van artikel 843a Rv. overlegging van bescheiden door de opdrachtgever in combinatie met een voo
Exhibitieverzoek ex art. 843a Rv. kan niet worden gedaan in een verzoekschrift tot het gelasten van een voorlopig getuigenverhoor.
Appel tegen toewijzing voorlopig getuigenverhoor. appelverbod art. 188 lid 2 Rv. Doorbrekingsgronden (rechter in eerste aanleg was niet bevoegd; hoor en wederhoor geschonden) slagen niet. Beroep verworpen, waarbij de beschikking in eerste aanleg alsnog uitvoerbaar bij voorraad is
Verzoek tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor in het burgerlijk recht in een poging om nieuwe feiten te achterhalen welke recht geven op een herzieningsprocedure in het canoniek recht wordt gehonoreerd nu het canoniek recht niet uitsluit dat een verzoeker zich voor het
Vordering tot nakoming. gedaagde niet geslaagd in het tegenbewijs tegen de inhoud van de schriftelijke overeenkomst. (art 151 lid 2 Rv.) Vraag wat de omvang is van de overeenkomst. Uitleg. Geen schuldeisersverzuim. Geen opschortingsbevoegdheid. Geen beperkende werking van de rede
Procesrecht. Voorlopig getuigenverhoor. Onjuist oordeel dat beslissing rechter-commissaris bepaalde getuigen in contra-enquête niet te horen geen beschikking is (HR 19 maart 1982, LJN AG4346, NJ 1982/521). Karakterisering voorlopig getuigenverhoor, toegespitst op verkrijging bewi
Procesrecht. Verzoek voorlopig getuigenverhoor. Bevoegdheid rechter. Oordeel dat verzoek binnen materiële toepassingsgebied EEX-verordening valt, nu onderliggende geschil een burgerlijke of handelszaak in de zin van art. 1 EEX-Vo betreft en hier geen sprake is van een voorlopig g
Procesrecht. Afgewezen verzoek tot het houden van een voorlopig getuigenverhoor wegens onvoldoende belang als bedoeld in art. 3:303 BW (81 RO).
11 februari 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R04/033HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: FROG PEOPLE MOVER B.V., gevestigd te Utrecht, VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. E. Grabandt, t e g e n STICHTING INTERNATIONALE TUINBOUWTENTOONSTELLING FLORIADE 200
Scheiding tussen kerk en staat; art. 9 (jo. 11) EVRM; art. 2:2 lid 2 BW; bevoegdheid van de burgerlijke rechter bij vordering uit onrechtmatige daad tegen Jehovah’s Getuigen; ontvankelijkheid; terugwijzing (art. 76 Rv); wijze van toetsing kerkelijk handelen aan art. 6:162 BW; rec
Verzoek voorlopig getuigenverhoor (196 Rv). Daadwerkelijke verstoring van de strafrechtprocedure.
Schriftelijke aanwijzing over contact van GI met kinderen; beslissing op verzoeken vervallenverklaring en bekrachtiging met dwangsom.