Appellant heeft niet van grieven gediend. Hoger beroep wordt verworpen.
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Art. 133 Rv
Genoemd in 180 uitspraken · Officiële wettekst
180 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 6 · live
Vonnis in incident tot vrijwaring. Vordering afgewezen. X kan niet als derde in de zin van artikel 210 Rv worden aangemerkt en tegen Y is het vorderingsrecht niet aannemelijk geworden
Memorie van grieven niet genomen, ook niet na laatste uitstel (ambtshalve peremptoir). Hierdoor is het recht om van grieven te dienen, vervallen. Het beroep is verworpen en appellant is in de proceskosten verwezen.
Memorie van grieven niet genomen, ook niet na laatste uitstel (ambtshalve peremptoir). Hierdoor is het recht om van grieven te dienen, vervallen. Het beroep is verworpen en appellant is in de proceskosten verwezen.
Memorie van grieven niet genomen, ook niet na laatste uitstel (ambtshalve peremptoir). Hierdoor is het recht om van grieven te dienen, vervallen. Het beroep is verworpen en appellant is in de proceskosten verwezen.
Incidentele procedures tot rectificatie en schorsing. Rectificatie van de aanduiding van de partij die een conclusie heeft genomen. Schorsing van het geding ex artikel 225 Rv na afsplitsing ex artikel 2:334a lid 3 BW. Verwerping van bezwaren van wederpartij.
Memorie van grieven niet genomen, ook niet na laatste uitstel (ambtshalve peremptoir). Hierdoor is het recht om van grieven te dienen, vervallen. Het beroep is verworpen en appellant is in de proceskosten verwezen.
Toepassing van het nieuwe procesreglement voor de hoven. Na twee uitsteltermijnen voor de memorie van grieven is nog éénmaal uitstel verleend op eenparig verzoek. Een nieuw en gemotiveerd eenparig uitstelverzoek is niet ingediend, noch hebben partijen om doorhaling op de rol gevr
renvooiprocedure in schuldsaneringsregeling; ontvankelijkheid hoger beroep tegen niet-ontvankelijk verklaring in eerste aanleg.
Civiel. Incasso. Rente.
Civiel. Geldvordering uit hoofde van een huurovereenkomst.
civiel, handelszaak, geldvordering ter zake van achterstallige huur voor een winkelpand; in haar conclusie tot oproeping en van eis in vrijwaring verklaart of erkent gedaagde sub 2 dat zij en gedaagde sub 1 (die de vordering van eiseres niet heeft bestreden) zich hoofdelijk aansp
burengeschil, onrechtmatige daad
Appelprocesrecht. Pilotreglement. Ambtshalve akte niet-dienen zonder peremptoirstelling of waarschuwing. HR 17 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:1064, NJ 2015/210.
Incident tot het stellen van proceskostenzekerheid. Werkelijke proceskosten. Concerngarantie. Procesovereenkomst. Gebondenheid van de rechter. Verval van recht om conclusie van antwoord te nemen in de hoofdzaak indien niet tegelijkertijd met de incidentele conclusie tot stellen v
Arbeidszaak. Kort geding. Loonvordering werknemer die zich na arbeidsconflict ziek heeft gemeld. Gegrondheid ziekmelding. Deskundigenonderzoek UWV, waarbij werknemer mede als gevolg van ziekte ongeschikt voor maatgevende arbeid is geoordeeld. Nakoming re-integratieverplichtingen.
Procesrecht. Akte niet-dienen. Pilotreglement civiele dagvaardingszaken hof Amsterdam. Verenigbaarheid pilotreglement met art. 35 lid 1 Rv. Goede procesorde, afweging van belangen. HR 17 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:1064, NJ 2015/210.
Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Kinderalimentatie. Draagkracht. Overleggen van nieuwe stukken nadat advocaat zich heeft onttrokken. Verplichte procesvertegenwoordiging; art. 282 lid 1 Rv, art. 278 lid 3 Rv, art. 279 Rv.
Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Pilotreglement civiele dagvaardingszaken hof ’s-Hertogenbosch. Bevoegdheid tot vaststellen procesreglement, art. 133 Rv. Bekendmaking. Geldingsduur pilotreglement.
Arbeidszaak. Uitleg vaststellingsovereenkomst in verband met beëindiging dienstverband. Vrijstelling van werkzaamheden doet niet af aan verplichting werkgever tot loonbetaling. Toepasselijkheid cao. Omvang loonvordering.
Procesrecht. Terugkomen van (bindende eind)beslissing tot het verlenen akte niet-dienen. Maatstaf, goede procesorde (HR 1 mei 1998, ECLI:NL:HR:1998:ZC2640, NJ 1999/563; HR 25 april 2008, ECLI:NL:HR:2008:BC2800, NJ 2008/553).
Verval recht om memorie van grieven te nemen op grond van artikel 2.21 LPR (na 53 weken rol).
Art. 81 lid 1 RO. (Appel)procesrecht. Art. 226 Rv, schorsing procedure wegens verlies hoedanigheid advocaat; behandelend of procesadvocaat? Verval van instantie, art. 251 Rv, art. 2.21 Landelijk procesreglement gerechtshoven. Recht op pleidooi? Art. 134, 353 lid 1 Rv.
Procesrecht; Landelijk procesreglement gerechtshoven. Bezwaar tegen akte niet-dienen. Onjuiste vermelding in roljournaal door administratieve vergissing. Functie roljournaal. Vertrouwen advocaat op juistheid van (niet-correcte) vermelding in roljournaal van het op de rol verhande
Procesrecht; pilotreglement Hof Den Bosch. Akte niet-dienen na afwijzing verzoek om nader uitstel voor verrichten proceshandeling. Gebruik onjuist H-formulier, niet vermelden van klemmende redenen. Beslissing op verzoek op zodanig tijdstip dat in geval van weigering de verzoeker