Aanwezig hebben van hennepplanten. Levert betreden balkon door opsporingsambtenaren binnentreden ‘woning’ a.b.i. art. 2.1 Awbi op? ’s Hofs oordeel dat het betreden van het balkon van verdachtes flatwoning, waartoe opsporingsambtenaren zich via het balkon van de naastgelegen wonin
Opiumwet
Art. 9 Opiumwet
Genoemd in 206 uitspraken · Officiële wettekst
206 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 6 · live
Opzettelijk vervoeren van bolletjes cocaïne en heroïne. Onderzoek aan de kleding of onderzoek aan het lichaam na sommatie om onderbroek uit te trekken? Art. 9.2 Opiumwet. Hof heeft vastgesteld dat verdachte zich op verzoek van een opsporingsambtenaar heeft ontdaan van zijn bovenk
Drugstransport in korset. Falende klachten over onrechtmatige lijfsvisitatie. HR: art. 81.1 RO.
Publicatie arresten Hoge Raad die zijn afgedaan met art. 80a RO, inclusief schriftuur n.a.v. een wetenschappelijk onderzoek. Zie NJB 2018/301, afl. 6, p. 404-412.
Sanctionering vormverzuim: onrechtmatige fouillering, art. 359a Sv. OM-cassatie. Bewijsuitsluiting van in de onderbroek van verdachte aangetroffen verdovende middelen na onrechtmatige fouillering. Oordeel Hof dat aan het vormverzuim het rechtsgevolg van bewijsuitsluiting moet wor
Opiumwet. Verwerping verweren redelijk vermoeden van schuld bij binnentreden en vormverzuimen. HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 15/02283 P.
Binnentreden; balkon maakt geen deel uit van de flatwoning.
Opzettelijk aanwezig hebben hard- en softdrugs; Art. 2 onder C, art. 3 onder C Opiumwet; voorhanden hebben vuurwapen en munitie. Vormverzuimen art. 359a Sv; optreden niet-bevoegde hulpofficier van justitie. De aanhouding van de verdachte, het onderzoek in de auto en aan de kledin
OM-cassatie. Bevoegdheid tot inbeslagneming, art. 9.3 Opiumwet. Verbalisanten werkzaam in de rechtmatige uitoefening van hun bediening bij aanpak drugsoverlast in Nijmegen? Hof heeft geoordeeld dat het handelen van de verbalisanten niet valt terug te voeren op enige wettelijke be
De verdachte, (mede)eigenaar van een coffeeshop, heeft zich schuldig gemaakt aan het opzettelijk aanwezig hebben van grote hoeveelheden drugs in zijn woning. De rechtbank acht - alles overwegende - oplegging van een geldboete op zijn plaats. Het gaat hier immers om een feit dat v
Verdachte veroordeeld wegens medeplegen telen hennep. Beroep op schending van het 'doorlaatverbod' van art. 126ff lid 1 Sv verworpen. Medeplegen aangenomen op grond van diverse omstandigheden. Vrijspraak van ten laste gelegde diefstal van gas in de woning van verdachte. Doorprikk
Art 9 Opiumwet: onderzoek aan de kleding en/of Art 56 eerst lid Sv.: onderzoek aan lichaam of kleding
HR: art. 81.1 RO. Ambtshalve: strafvermindering wegens overschrijding redelijke termijn.
De rechtbank overweegt dat ingevolge vormverzuimen niet kan worden volstaan met een strafvermindering, maar dat bewijsuitsluiting de meest passende sanctie is. De bewijsuitsluiting betreft in deze zaak zowel de bij het onderzoek aan het lichaam aangetroffen verdovende middelen al
Redelijk vermoeden, art. 9.1 aanhef, onder b Ow. De HR stelt voorop dat het antwoord op de vraag of bepaalde f&o toereikend zijn voor de toepassing van art. 9.1 aanhef, onder b Ow in belangrijke mate afhankelijk is van de aan de feitenrechter voorbehouden weging en waardering van
Binnentreden door deurwaarder en hulpofficier van justitie in verband met civielrechtelijke beslaglegging. Aangetroffen hennep uitsluiten van bewijs? Artikel 9 Algemene wet op het binnentreden. Artikel 444 Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering
Onderzoek aan de kleding, art. 9.2 Ow. Het Hof heeft vastgesteld dat de verdachte, tegen wie ernstige bezwaren bestonden t.z.v. overtreding van de Opiumwet, zich niet alleen heeft moeten ontkleden tot aan zijn onderbroek, maar ook dat de verbalisant vervolgens door met zijn hand
Doorzoeking. ’s Hofs oordeel dat met het openen van een niet afgesloten roldeur van een koelruimte in de bedrijfshal, welke de toegang gaf tot die in het pand aanwezige ruimte met een afmeting van ongeveer vijf bij zes meter, en het vervolgens betreden van die ruimte, geen sprake
De verdachte heeft zich op bewezenverklaarde wijze schuldig gemaakt aan het meermalen handelen in strijd met een in artikel 3 onder B van de Opiumwet gegeven verbod, het meermalen handelen in strijd met een in artikel 3 onder C van de Opiumwet gegeven verbod alsook meerdere diefs
Verzoek voorlopige voorziening hangende bezwaar. De burgemeester heeft op grond van artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet verzoeker gelast het pand, inclusief erf en bijgebouwen te sluiten en gesloten te houden voor de duur van een jaar, omdat in de schuur behorende bij het pa
Art. 359a Sv. Verwerping verweer strekkende tot bewijsuitsluiting. Onderzoek aan de kleding o.g.v. art. 9.2 Opiumwet. Ernstige bezwaren. Hetgeen het Hof heeft vastgesteld - waarbij het Hof verdachtes antecedenten op het gebied van de Opiumwet heeft genoemd - brengt mee dat de ver
De verdachte heeft zich op omvangrijke wijze samen met anderen schuldig gemaakt aan het beroeps-/bedrijfsmatig telen en verwerken van grote hoeveelheden hennep. Hij heeft daarbij gehandeld als deelnemer aan een criminele organisatie die het plegen van deze misdrijven tot oogmerk
HR: 81.1 RO.
HR: 81.1 RO.
Onrechtmatige overheidsdaad. Aansprakelijkheid van de Staat voor de gevolgen van strafvorderlijk optreden. Beoordelingsmaatstaf. Egalitébeginsel.