Art. 26 IVBPR, art. 14 EVRM, art. 1 van het Twaalfde protocol bij het EVRM. Art. 35b t/m 35f Successiewet 1956 (tekst 2011). Bedrijfsopvolgingsfaciliteit niet in strijd met discriminatieverbod.
Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens
Art. 53 EVRM
Genoemd in 41 uitspraken
41 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Onrechtmatige overheidsdaad. Is invoering van de Wet verbod pelsdierhouderij (met een overgangsperiode tot 2024) onrechtmatig? Verlies van toekomstige inkomsten; strijd met art. 1 EP (eigendomsbescherming)? Betekenis van rechtspraak EHRM voor uitleg van art. 1 EP door de national
Art. 26 IVBPR, art. 14 EVRM, art. 1 van het Twaalfde protocol bij het EVRM. Art. 35b t/m 35f Successiewet 1956 (tekst 2011). Bedrijfsopvolgingsfaciliteit niet in strijd met discriminatieverbod.
Art. 26 IVBPR, art. 14 EVRM, art. 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM, art. 1 van het Twaalfde protocol bij het EVRM. Art. 35b en 35c Successiewet 1956 (tekst 2009). Bedrijfsopvolgingsfaciliteit niet in strijd met discriminatieverbod.
Schending van artikel 1 EP op regelniveau? individuele excessieve last? Belanghebbende woont in Noorwegen en beschikt onder andere over een woning in Nederland die hij gebruikt als hij in Nederland verblijft. De woning wordt niet verhuurd. In geschil is of de heffing over 4% van
Klimaatzaak Urgenda. Mensenrechten. EVRM. VN-Klimaatverdrag. Bevel aan Staat om maatregelen te nemen tegen klimaatverandering. Gevaar klimaatverandering. Beschermingsomvang art. 2 en 8 EVRM; positieve verplichtingen. Effectieve rechtsbescherming art. 13 EVRM. Deelverantwoordelijk
-
Art. 225 en 234 Gemeentewet. Art. 20 AWR. Art. 6 EVRM. Art. 120 Grondwet. Art. 3:4 Awb. Kostenverhaal bij het opleggen van een naheffingsaanslag parkeerbelasting. Toetsingsmogelijkheden belastingrechter: kan de belastingrechter bij de beoordeling van de rechtmatigheid van het kos
Verbodenverklaring en ontbinding van de informele verenging Satudarah, haar chapter en twee support clubs. 2:20 BW, 8 Grondwet, 11 EVRM. Geen toetsing van artikel 2:20 BW aan de Grondwet. Uitvoerbaar bij voorraad. Hoger beroep en cassatie mogelijk. Batig saldo komt niet toe aan d
Verbod en ontbinding vereniging (motorclub). Artikel art. 2:20BW en de vrijheid van vereniging als beschermd in artikel 8 Gw, 11 EVRM en 12 Handvest. Is het begrip “openbare orde” te onbepaald? Bewijslastverdeling strijd met de openbare orde.
Conclusie AG. Demonstratie in hal ministerie EZK. Lokaalvredebreuk (art. 139 Sr). Middel over verwerping beroep op demonstratierecht (art. 11 EVRM). AG gaat in op beslissingsmodel strafrechter bij beroep op demonstratierecht. Conclusie strekt tot verwerping.
OM-cassatie. Artt. 1.2, 38d en 38e Sr. ’s Hofs oordeel dat art. 38e (nieuw) Sr van toepassing is op de aan verdachte op te leggen TBS is juist. O.g.v. art. 38d.1 Sr geldt de - door de opleggingsrechter op te leggen - TBS voor de tijd van 2 jr, te rekenen van de dag waarop de rech
Art. 26 IVBPR, art. 14 EVRM, art. 1 van het Twaalfde protocol bij het EVRM. Art. 35b en 35c Successiewet 1956 (tekst 2009). Bedrijfsopvolgingsfaciliteit niet in strijd met discriminatieverbod.
Art. 26 IVBPR, art. 14 EVRM, art. 1 van het Twaalfde protocol bij het EVRM. Art. 35b t/m 35f Successiewet 1956 (tekst 2011). Bedrijfsopvolgingsfaciliteit niet in strijd met discriminatieverbod.
Conclusie AG. Terrorismeproces ‘Context’. Organisatie van personen die zich vanaf 2012 heeft geschaard achter de in Syrië te voeren gewapende jihadstrijd voor de stichting van een ‘kalifaat’. Oogmerk op onder meer opruien tot deelnemen aan de gewapende strijd, ronselen van Syriëg
Verbod en ontbinding vereniging door rechter (art. 2:20 BW). Vrijheid van vereniging (art. 8 Gw en art. 11 EVRM). Vrijheid van meningsuiting (art. 7 Gw en art. 10 EVRM). Ontvankelijkheid in hoger beroep van door rechter ontbonden vereniging. Door wie wordt hoger beroep ingesteld?
Feiten en geschil: De belanghebbende is met twee compagnons voor gelijke delen mede-eigenaar van 20 gereguleerde huurwoningen in de zin van de Wet verhuurderheffing (Wvh). De WOZ-beschikkingen voor alle 20 woningen zijn aan hem bekend gemaakt, waardoor hij ingevolge de artt. 3 en
Feiten en geschil: De belanghebbende is met twee broers voor gelijke delen mede-eigenaar van 13 gereguleerde huurwoningen in de zin van de Wet verhuurderheffing (Wvh). De WOZ-beschikkingen voor alle 13 woningen zijn aan hem bekend gemaakt, waardoor hij ingevolge de artt. 3 en 4 W
Onrechtmatige overheidsdaad. Is invoering van de Wet verbod pelsdierhouderij (met een overgangsperiode tot 2024) onrechtmatig? Verlies van toekomstige inkomsten; strijd met art. 1 EP (eigendomsbescherming)? Betekenis van rechtspraak EHRM voor uitleg van art. 1 EP door de national
Staatsrecht. Overheidsprivaatrecht. Caribische zaak. Openstelling huwelijk voor paren van hetzelfde geslacht. Constitutionele toetsing o.g.v. art. 101 Staatsregeling Curaçao. Discriminatie in de zin van art. 3 Staatsregeling Curaçao. Rechtsvormende taak rechter. Criteria Arbeidsk
Conclusie AG. Terrorismeproces ‘Context’. Organisatie van personen die zich vanaf 2012 heeft geschaard achter de in Syrië te voeren gewapende jihadstrijd voor de stichting van een ‘kalifaat’. Oogmerk op onder meer opruien tot deelnemen aan de gewapende strijd, ronselen van Syriëg
Art. 81 lid 1 RO. Advocatentuchtrecht. Bevoegdheid Deken disciplinair onderzoek in te stellen naar onbehoorlijke uitlatingen van advocaat. Voldoet art. 46 Advocatenwet als wettelijke grondslag voor inbreuk op vrijheid van meningsuiting? Art. 7 Gw; art. 10 EVRM. Toetsingsverbod, a
Vraag of onderzoek door de deken op grond van de Advocatenwet in strijd is met de vrijheid van meningsuiting, neergelegd in artikel 7 Grondwet en artikel 10 EVRM.
Uitleveringsrecht. Taakverdeling uitleveringsrechter, minister en burgerlijke rechter. Beoordelingsruimte burgerlijke rechter. Mogelijkheid dat in civiele procedure op grond van nieuwe omstandigheden anders moet worden geoordeeld dan in uitleveringsprocedure. Foltering van opgeëi
Is verbod op hulp bij zelfdoding (art. 294 lid 2 Sr.) in strijd met art. 8 EVRM? Bij toetsing formele wet aan EVRM is rechter gebonden aan rechtspraak EHRM. Ontvankelijkheid mede-eisers naast belangenorganisatie in art. 3:305a BW procedure.