Uitleveringsrecht. Taakverdeling uitleveringsrechter, minister en burgerlijke rechter. Beoordelingsruimte burgerlijke rechter. Mogelijkheid dat in civiele procedure op grond van nieuwe omstandigheden anders moet worden geoordeeld dan in uitleveringsprocedure. Foltering van opgeëi
Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens
Art. 13 EVRM
Genoemd in 795 uitspraken
795 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 9 · live
Intrekking chauffeurspas vanwege het ontbreken van een verklaring omtrent gedrag. Geen strijd met EVRM bepalingen
Genoegzaamheid van de garantie als bedoeld in art. 6-1 OLW en verweer o.g.v. 11 OLW
Beschikking. Vordering tenuitvoerlegging lijfsdwang ex art. 577c Sv. Ontvankelijkheid cassatieberoep. Volgens art. 445 Sv staat tegen beschikkingen beroep in cassatie alleen open in de gevallen in dat wetboek bepaald. Nu in dat wetboek geen bepaling voorkomt volgens welke tegen e
Beklag, beslag, art. 552a Sv. 1. Ambtshalve onderzoek? 2. Verwerping verweer. 3. Maatstaven. Ad 1. De opvatting dat de beklagrechter ambtshalve dient te onderzoeken of bij de beslagleggingen "de formaliteiten" in acht zijn genomen en in de beschikking daarvan moet blijk geven vin
intrekking Wwik; Intrekkingswet onverbindend?
"Hofstadgroep", deelneming aan een (terroristische) criminele organisatie
Kort geding; krakers; art. 8 EVRM; huisrecht; art. 551a Sv.
Verbintenissenrecht. Vuurwerkramp Enschede. Onrechtmatige overheidsdaad door nalaten effectieve maatregelen te treffen? Gevaarzetting? Staat niet aansprakelijk voor schade aan omliggend bedrijf. Geen verzuim Staat maatregelen te treffen tegen hem bekende gevaren. Kelderluikcriter
Wet tarieven gezondheidszorg Huisartsen
24 juni 2005 Eerste Kamer Rek.nr. R04/128HR RM Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: A/B FINANCIËN B.V., gevestigd te Almelo, VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk, t e g e n DE NEDERLANDSCHE BANK N.V., gevestigd te Amsterdam, VERWEERS
-
Conclusie AG. OM-cassatie. Vervolgingsuitlevering naar Oekraïne. Slagend middel over miskenning door rechtbank van bevoegdheidsverdeling tussen rechter en minister t.a.v. dreigende inbreuk op art. 2 en 3 EVRM. Rechtbank heeft uitlevering ten onrechte ontoelaatbaar verklaard. Conc
Faillissementsrecht. Moeten de gefailleerde en de schuldeisers worden gehoord over de salarisvaststelling van de curator ex art. 71 lid 1 Fw? Is Richtlijn (EU) 2019/1023 grond voor terugkomen van HR 19 januari 1990, ECLI:NL:HR:1990:AD1009? Toepassing van art. 6 EVRM bij salarisva
Conclusie AG. Vervolgingsuitlevering aan VS. Twee middelen opgeëiste persoon en één middel OM. Middelen opgeëiste persoon gaan over (1) mogelijkheid dat in strafzaak doodstraf zal worden opgelegd en in dat kader door Amerikaanse autoriteiten gegeven garanties en (2) onzekerheid o
Conclusie AG. Vervolgingsuitlevering aan Turkije. Eerste middel bevat klacht dat origineel of authentiek afschrift van aanhoudingsbevel ontbreekt. Middel faalt nu AG dit stuk heeft opgevraagd en dossier hiermee heeft aangevuld. Tweede middel klaagt tevergeefs over verwerping van
Verzoek van de autoriteiten van Oekraïne tot uitlevering van de opgeëiste persoon. Uitlevering ontoelaatbaar verklaard vanwege dreigende flagrante schending van mensenrechten als bedoeld in het EVRM gelet op de oorlog in Oekraïne
Uitlevering (t.b.v. vervolging) aan Turkije ontoelaatbaar verklaard wegens dreigende flagrante schending van artikel 6 EVRM.
Uitlevering aan Turkije toelaatbaar. Het standpunt van de opgeëiste persoon dat sprake is van een dreigende flagrante schending van artikel 6 EVRM is onvoldoende concreet onderbouwd. Advies aan de Minister om een aanvullende garantie in overweging te nemen, te weten dat de opgeëi
Verbod tot uitlevering aan Rwanda; risico van flagrante schending van art. 6 EVRM.
Toezichtsmaatregel EBI. Niet-ontvankelijkheid gedetineerde wegens bijzondere rechtsgang bij RSJ. Partner en kinderen zijn wel ontvankelijk. Geen ontoelaatbare inbreuk op art. 8 EVRM.
Wrakingsverzoek afgewezen met bepaling dat een volgend wrakingsverzoek in de wrakingsprocedure en de bodemzaken niet meer in behandeling zal worden genomen. De door verzoeker in het wrakingsverzoek aangevoerde gronden hebben enkel betrekking op de wrakingsprocedure in het algemee
Onderzoek 26Chatham. De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 14 jaren. Verdachte heeft zich samen met anderen in georganiseerd verband schuldig gemaakt aan de invoer van ongeveer 9.000 kilo cocaïne en de handel in ongeveer 4.500 kilo cocaïne.
Bevestiging van het vonnis van de rechtbank Overijssel, zittingsplaats Zwolle, van 15 maart 2022 waarbij is veroordeeld tot 8 jaren gevangenisstraf voor het medeplegen van de (verlengde) uitvoer van amfetamine naar Zweden en van cocaïne naar Engeland, het medeplegen van een pogin
Uitlevering naar Marokko toelaatbaar. Geen sprake van politieke vervolging. Evenmin sprake van dreigende flagrante schending van recht op een eerlijk proces. In het advies aan de minister wordt aandacht gevraagd voor de zorgelijke mensenrechtensituatie in Marokko, met name de sle