De rechtbank acht het verkregen Encrochat bewijs rechtmatig. Verdachte wordt veroordeeld voor het bewerken en verkopen van amfetamine en/of methamfetamine en het bezit van ruim 4 kilogram van meerdere soorten harddrugs. De rechtbank legt hem een gevangenisstraf van 36 maanden op.
Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens
Art. 13 EVRM
Genoemd in 795 uitspraken
795 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 8 · live
Vervolgingsuitlevering opgeëiste persoon naar Israël t.z.v. verdenking van verstrekken en uitvoer van MDMA en deelneming aan criminele organisatie die plegen van deze feiten tot oogmerk heeft. ; Flagrante schending van recht op berechting binnen redelijke termijn? HR herhaalt rel
Uitleveringsrecht. Vordering in kort geding tot verbod uitlevering van Iraniër aan VS wegens strijd met art. 8 EVRM in verband met inbreuk op gezinsleven met vrouw en dochter in Iran. Toetsingsmaatstaf volgens rechtspraak EHRM. Exceptional circumstances als bedoeld in rechtspraak
Onrechtmatige overheidsdaad (6:162 BW). Procedure over omzetting Zweedse strafrechtelijke veroordeling tot opname forensisch-psychiatrische kliniek in TBS met dwangverpleging op basis van de WETS. WETS is niet in strijd met Kaderbesluit, EU-Handvest en EVRM. De rechtbank dient in
Conclusie AG. Beklag ex. art. 552a Sv tegen beslag op gilet met ‘colors’ van motorclub Hells Angels dat ex art. 94 Sv in beslag is genomen op verdenking van overtreding van art. 2.50a APV Haarlem (in het openbaar dragen van kleding van door rechter verboden organisatie). (On)verb
Encrochat. Beslissingen van de rechter-commissaris op onderzoekswensen. Toewijzing van de verzoeken tot het voegen van de machtiging ex artikel 126uba Sv en de daaraan gerelateerde stukken, waarbij voor de officier van justitie de weg van artikel 149b Sv openstaat.
Regiebeslissingen op EncroChat betrekkelijke verzoeken in onderzoek-Messina
Onrechtmatige daad. Privacyrecht. Recht om vergeten te worden (art. 17 AVG); tuchtrechtelijke maatregel arts; belangenafweging; proceskosten (art. 47 EU-Handvest).
Uitlevering aan Rwanda toelaatbaar geoordeeld; geen sprake van schending fundamentele rechten (zoals neergelegd in EVRM).
Personen- en familierecht. Kinderalimentatie. Overschrijding grenzen rechtsstrijd bij vaststelling behoefte?
Kort geding over vervangende hechtenis n.a.v. door strafrechter opgelegde schadevergoedingsmaatregel (art. 36f lid 8 en art. 24c (oud) Sr). Tenuitvoerlegging onrechtmatig indien veroordeelde niet in staat is tot betaling? Strijd met art. 5, 6, 7 of 18 EVRM? Anticiperende toepassi
Art. 81 lid 1 RO. Wvggz. Zorgmachtiging (art. 6:4 Wvggz). Combinatie ambulante zorg en opname in een accommodatie. Vgl. HR 25 september 2020, ECLI:NL:HR:2020:1508.
Verbod uitlevering aan VS afgewezen; geen sprake van (dreigende) schending fundamentele rechten.
Afwijzing beroep tegen beschikking ex artikel 226a Sv
Conclusie AG in zaak waarin het OM op vordering van de advocaat-generaal bij het hof in de strafvervolging ter zake van onder meer medeplegen van poging tot doodslag niet-ontvankelijk is verklaard, omdat het OM niet kon instaan voor de integriteit van het bewijsmateriaal. Cassati
Conclusie AG. Liquidatieproces Passage. Verdachte is veroordeeld voor het medeplegen van een moord en een doodslag. Art. 287 en 289 Sr. Middelen over o.m. uitleg en toepassing kroongetuigenregeling art. 226g e.v. Sv, de toelaatbaarheid van een levenslange gevangenisstraf in het l
Het Hof is van oordeel dat aan eventuele gebreken in het Aanwijzingsbesluit van de heffingsambtenaar met toepassing van art. 6:22 Awb voorbij wordt gegaan, nu aannemelijk is dat belanghebbende daardoor niet is benadeeld.
Art. 81 lid 1 RO. Overheidsaansprakelijkheid. Identiteitsfraude. Schending art. 8 EVRM. Verjaring vordering tot schadevergoeding. Art. 3:310 BW.
Conclusie AG. Uitlevering aan de Verenigde Staten. Antilliaanse zaak. Uitlokking en dreigende flagrante inbreuk op artikel 6 lid 1 EVRM. Hof: er is geen ruimte voor het Hof zich uit te laten over de rechtmatigheid van de bewijsgaring zodat het Hof zich dienaangaande van een oorde
overheidsaansprakelijkheid; onrechtmatige beslissing tot uitlevering; art. 8 EVRM; informatieverplichting o.b.v. arresten Petruhhin en Pisciotti van het HvJEU
Steekpartij in metro 53. De rechtbank veroordeelt verdachte tot vijf jaar gevangenisstraf en TBS met dwangverpleging voor doodslag.
Kort geding. Uitlevering Griek aan de Russische Federatie. Geen schending van artikel 3 EVRM en ook niet van de artikelen 18 en 21 VWEU.
gesloten stelsel van rechtsmiddelen; anonieme verdachten in strafdossier; 6 EVRM; eerlijk proces; civiele vordering benadeelde partij.
Verweerder heeft de aanvraag buitenbehandeling gesteld omdat eisers niet voldoen aan de voorwaarden zoals genoemd in artikel 3.34a, onder j, Voorschrift Vreemdelingen 2000 (VV) voor vrijstelling van het legesvereiste. Voor zover verweerder gesteld heeft dat niet snel geconcludeer
uitleveringsverzoek Turkije; onrechtmatige overheidsdaad?; dreigende schending artikel 3 EVRM?