Onrechtmatige televisieuitzending. Botsing recht op vrijheid van meningsuiting, waaronder persvrijheid, met recht op eerbiediging persoonlijke levenssfeer. Maatstaf; afweging van alle terzake dienende omstandigheden. Art. 10 lid 2 EVRM; noodzakelijkheidstoets, proportionaliteitstoets; geen ambtshalv
Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens
Art. 10 EVRM
Genoemd in 2.046 uitspraken
2.046 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · cache
Onrechtmatige perspublicatie (open brief). Botsing van grondrechten; vrijheid van meningsuiting tegenover recht op eer en goede naam, privacy en recht om alleen (met rust) te worden gelaten (oorlogsverleden); maatstaven; toetsing; noodzakelijkheidstoets art. 8 lid 2 en 10 lid 2 EVRM; is open brief a
Conclusie van advocaat-generaal Widdershoven over de toepassing van het leerstuk van afgeleid belang in algemene zin en in het sociaal domein in het bijzonder. In de conclusie wordt vijf vuistregels geformuleerd die richtinggevend zouden moeten zijn bij toekomstige toepassing van het leerstuk van af
OM-cassatie. Vrijheid van meningsuiting (i.h.k.v. een publiek debat), art. 10 EVRM. Groepsbelediging en aanzetten tot discriminatie, art. 137c Sr en art. 137d Sr. Het, o.m. in art. 10 EVRM gegarandeerde, recht op vrijheid van meningsuiting staat aan strafrechtelijke veroordeling t.z.v. groepsbeledig
Medeplegen lokaalvredebreuk door demonstratie in RAI bij bouwvakbeurs (art. 138.1 Sr). Verwerping verweer dat verdachte moet worden ontslagen van alle rechtsvervolging vanwege onverenigbaarheid strafvervolging met art. 10/11 EVRM toereikend gemotiveerd? Hof heeft aan verwerping van dit verweer ten g
[De Engelse vertaling is beschikbaar via ECLI:NL:RBDHA:2015:16102] Tot 6 jaar celstraf voor deelnemers criminele terroristische organisatie De rechtbank Den Haag heeft alle 9 verdachten – 8 mannen en 1 vrouw – in de zogenoemde Context-zaak veroordeeld tot celstraffen oplopend tot 6 jaar. Criminele o
Veroordeling tot onvoorwaardelijke gevangenisstraffen voor deelneming aan een criminele organisatie met terroristisch oogmerk (LTTE – de organisatie van Tamil Tijgers). Het hof acht tevens bewezen dat het oogmerk van de LTTE onder andere gericht was op het plegen van oorlogsmisdrijven en misdrijven
Veroordeling gemeenteraadslid A t.z.v. belediging gemeenteraadslid B door aansluitend aan debat in gemeenteraad op Twitteraccount en Facebookpagina B “racist” te noemen, art. 266 Sr en 10 EVRM. Uitlatingen politicus onnodig grievend? HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2014:3583 m.b.t.
Kort geding. Executiegeschil over tenuitvoerlegging van een kortgedingvonnis met een bevel tot rectificatie van onrechtmatige - nodeloos diffamerende - uitlatingen op verbeurte van dwangsom, bescherming van goede naam van een ander, bij wet gerechtvaardigde beperking van de vrijheid van meningsuitin
Onrechtmatige daad. Grondrechten. Publicatie boek over bankafdeling met vermelding volledige naam medewerkers. Mogelijkheid werkgever om op te komen voor belangen werknemers; art. 7:611 BW. Botsing vrijheid van meningsuiting en recht op privacy. Verwijzing naar HR 18 januari 2008, ECLI:NL:HR:2008:BB
Kort geding, verplichting van een hosting provider tot het verstrekken van de naam en het adres van een websitehouder (NAW-gegevens) aan een derde die schade stelt te lijden als gevolg van een op de door die provider ‘gehoste’ website gepubliceerde, anoniem geuite, ernstige beschuldiging; strekking
Civiele verbodsprocedure tussen het OM en de Hells Angels. Het Hof handhaaft de door de rechtbank uitgesproken verklaring voor recht dat de werkzaamheid van de buitenlandse corporatie Hells Angels Motorcycle Club (HAMC, de wereldwijde organisatie van de Hells Angels) in strijd is met de openbare ord
1. Bedreiging Minister-President, art. 285 Sr. 2. Opruiing, art 132 Sr. 3. Vrijheid van meningsuiting, art 10 EVRM. Ad 1. De opvatting dat art. 285 Sr slechts ziet op bedreiging met een door de “bedreiger”zelf te plegen misdrijf is onjuist. 2. De opvatting dat voor een veroordeling t.z.v. het delict
Beschadiging trap voor hoofdkantoor van oliemaatschappij door zwarte, op olie gelijkende vloeistof over trap te gieten (art. 350.1 Sr). Wordt met vervolging, berechting en bestraffing van verdachte ontoelaatbare inbreuk gemaakt op art. 10/11 EVRM? HR wijdt algemene beschouwingen aan reikwijdte van h
Verbod en ontbinding vereniging door rechter (art. 2:20 BW). Vrijheid van vereniging (art. 8 Gw en art. 11 EVRM). Vrijheid van meningsuiting (art. 7 Gw en art. 10 EVRM). Ontvankelijkheid in hoger beroep van door rechter ontbonden vereniging. Door wie wordt hoger beroep ingesteld? Terughoudendheid bi
Context zaak. Criminele en terroristische organisatie die zich bezig hield met opruien tot deelname aan gewapende strijd in Syrië, werven van Syriëgangers, financieren van terrorisme en bevorderen of vergemakkelijken van door jihadstrijders te plegen levensdelicten in Syrië. (Medeplegen) opruiing to
(Appel)procesrecht. Recht op pleidooi in incident; art. 134, 208 en 353 Rv. Appelverbod van art. 337 lid 2 Rv; toepasselijkheid ‘doorbrekingsjurisprudentie’; gronden voor doorbreking wettelijk appelverbod. Art. 10 EVRM.
Conclusie van de Raadsheer Advocaat-Generaal mr. P.J. Wattel van 22 mei 2018
Kort geding; onrechtmatige overheidsdaad (Telegraaf-zaak); journalistieke bronbescherming; gebruik van bijzondere opsporingsbevoegheden ten opzichte van journalisten door de AIVD; in de WIV 2002 neergelegde geheimhoudingsplicht; weigering procespartij om inlichtingen te verstrekken; vertrouwelijke k
Onrechtmatige daad. Aansprakelijkheid van journalist en uitgever voor publicaties waarin de volledige naam van de verdachte is vermeld. Vrijheid van meningsuiting (art. 10 EVRM); eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer (art. 8 EVRM). Belangenafweging; noodzakelijkheidstoets (art. 10 lid 2 EVRM
Auteursrecht/portretrecht; art. 21 Auteurswet. Onrechtmatige daad. Beoordeling of openbaarmaking van niet in opdracht vervaardigd portret jegens de geportretteerde onrechtmatig is; maatstaf; belangenafweging in het kader van art. 8 en 10 EVRM. Redelijk belang. Verzilverbare populariteit. Redelijke v
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht; procesrecht. Begrip belanghebbende in art. 798 lid 1, eerste volzin, Rv en art. 806 lid 1 Rv bij beëindiging van door ouders gezamenlijk uitgeoefend ouderlijk gezag (art. 1:266 BW). Mogelijkheid van principaal en incidenteel hoger beroep
1. Art. 10 EVRM. Eerdere civielrechtelijke veroordelingen. Strafrechtelijke vervolging noodzakelijk in een democratische samenleving? 2. Art. 261.3 Sr. Ad 1. HR: het Hof heeft geoordeeld dat een strafrechtelijke veroordeling van verdachte gerechtvaardigd is ter bescherming van de belangen van de aan
12 maart 2004 Eerste Kamer Nr. C02/264HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. XS4ALL INTERNET B.V., gevestigd te Amsterdam, 2. [eiser 2], wonende te [woonplaats], 3. [eiser 3], wonende te [woonplaats], 4. [eiser 4], wonende te [woonplaats], België, 5. [eiser 5], wonende te [woon
Belediging (art. 1408 (oud) BW). Vrijheid van meningsuiting (art. 10 EVRM). Persvrijheid; recht op eer en goede naam; belangenafweging. ‘Repliek’ in cassatie; geen beknopte reactie op schriftelijke toelichting van wederpartij; hoor en wederhoor.
Belediging van een ambtenaar in functie door in diens tegenwoordigheid een jas te dragen met daarop de tekst A.C.A.B., art. 266.1 jo. 267.2 Sr. Vermelding A.C.A.B. op jas verdachte beledigend? HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2014:3114 m.b.t. opzettelijke belediging d.m.v. dragen va
OM-cassatie. Art. 137c Sr. Art. 10 EVRM. Ten aanzien van de uitlating “sinds de nazi-tijd is het niet echt cool om negatieve dingen te zeggen over joden, maar soms snap ik best hoe het in 1937 allemaal zo ver heeft kunnen komen” heeft het Hof vastgesteld dat de verdachte deze zinsnede heeft opgenome
Medeplegen lokaalvredebreuk bij pensioenfonds tijdens demonstratie (art. 138.1 Sr). Verweer strekkende tot ontslag van alle rechtsvervolging vanwege onverenigbaarheid van strafvervolging met art. 10 en 11 EVRM. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2022:126 m.b.t. optreden van autoriteiten i.v.m
(Beperkte) Reikwijdte belediging, art. 137c Sr. Vooropgesteld wordt dat het i.c. gaat om belediging van een groep mensen wegens hun godsdienst en niet om het aanzetten tot haat, discriminatie of geweld (art. 137d Sr) of om godslastering (art.147 Sr). Al deze misdrijven zijn strafbaar gesteld als mis
Vernieling van trams door aanbrengen van graffiti tijdens demonstratie, art. 350.1 Sr. 1. Post-Keskin. Afwijzing van ttz. in hoger beroep bij pleidooi gedaan voorwaardelijk verzoek tot horen van belastende getuigen (trambestuurder en verbalisant). Welke betekenis komt toe aan omstandigheid dat pas b
Vordering tot vergoeding immateriële schade, onrechtmatige kwalificatie in dagblad. Getuigenverhoor, bevoegdheid rechter te beletten dat aan vraag gevolg wordt gegeven, art. 179 lid 2 Rv. Botsing recht op journalistieke bronbescherming met recht op eerlijk proces en op bescherming persoonlijke leven
Beledigen van moslims door in het centrum van Eindhoven te zeggen/roepen: “Moslims are terrorists”. Middel richt zich met rechts- en motiveringsklachten tegen de bewezenverklaring. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2009:BJ9796 t.a.v. vraag wanneer een uitlating als beledigend kan wor
OM-cassatie tegen ontslag van alle rechtsvervolging van het ter verspreiding in voorraad hebben van het boek “Mein Kampf” waarin naar verdachte wist uitlatingen staan die voor Joden beledigend zijn en die aanzetten tot haat en discriminatie van Joden (art. 137e.1 Sr). Het Hof heeft, zonder blijk te
Publicatie portret zonder toestemming geportretteerde. Recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer versus recht op vrijheid van meningsuiting en persvrijheid; art. 8 en 10 EVRM. Afweging van fundamentele rechten. Maatstaf. Immateriële schadevergoeding. Met de onderhavige onrechtmatige pers
Medeplegen opruiing door in Haagse Schilderswijk posters te plakken met o.m. de tekst “Weg met de politie en de staat, leve de opstand”, art. 131.1 Sr en 10 EVRM. Uitleg van woorden “gewelddadig optreden tegen het openbaar gezag”. Opvatting dat van opruien tot “gewelddadig optreden tegen het openbaa
Groepsbelediging, art. 137c.1 Sr. Veroordeling politicus vanwege ‘Minder Marokkanen’ uitlating zonder oplegging van straf of maatregel. Heeft verdachte zich beledigend uitgelaten over groep mensen wegens hun ras en staat art. 10 EVRM in de weg aan veroordeling? HR herhaalt relevante overwegingen uit
OM-cassatie tegen vrijspraak van verdachte die over dranghekken ambassade VS klom en op grond ging liggen. Verstoring openbare orde a.b.i. art. 76 APV Den Haag. Dit art. heeft, gelet op de titel waarin het is geplaatst, het oog op verstoring van de openbare orde, hetgeen in de tekst daarvan tot uitd
Medeplegen smaadschrift door samen met ander op openbare plaatsen posters te plakken met tekst “Bouwbedrijf A, uw duurzame partner in deportaties bouwt vol trots de gezinsgevangenis voor vluchtelingen op kamp Zeist, Kampzeist.nl”, art. 261.2 Sr. Beroep op recht op vrijheid van meningsuiting ex art.
OM-cassatie. Vrijspraak groepsbelediging moslims door tijdens interview t.b.v. documentaire t.a.v. Arabieren op te merken dat sprake is van “kontenbonkers” en “neuken [van] kleine jongetjes”, art. 137c.1 Sr en 10 EVRM. Uitlatingen niet-politicus onnodig grievend? HR herhaalt relevante overwegingen u
Arbeidsrecht (art. 7:669 lid 1 en lid 3, aanhef en onder g BW). Mensenrechten (art. 10 EVRM). Docente heeft boek gepubliceerd over haar ervaringen op het ROC waar zij werkzaam is, als gevolg waarvan arbeidsverhoudingen verstoord zijn geraakt. Verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst op g-grond. Is
Bij besluit van 22 juni 2016 heeft de minister beslist op een verzoek van RTL Nieuws om openbaarmaking van informatie over de ramp met vlucht MH17 op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (hierna: Wob).
Schending staatsgeheim, art. 98 Sr. Doorwerking bronbescherming, art. 10 EVRM (bescherming van journalistieke bronnen). Het gebruik voor het bewijs van de door de AIVD afgeluisterde telefoongesprekken van journalisten. De HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit ECLI:NL:HR:2006:AV4122. Het oordee
1. Ontoelaatbare conclusie van een getuige als bewijs. 2. Beledigende uitlatingen a.b.i. art. 137c Sr. Ad 1. V.zv. de verklaring van de getuige inhoudt dat de op de website gepubliceerde uitlatingen discriminerend zijn, berust deze niet op een eigen waarneming of ondervinding, doch bevat zij een con
Medeplegen lokaalvredebreuk in hal van ministerie van Economische Zaken tijdens demonstratie (art. 139.1 Sr). Verweer strekkende tot ontslag van alle rechtsvervolging vanwege onverenigbaarheid van strafvervolging met art. 10 en 11 EVRM. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2022:126 m.b.t. optre
Bij besluit van 24 april 2018 heeft de burgemeester van Amsterdam beslist op een verzoek van [appellant] op grond van de Wet openbaarheid van bestuur. [appellant] heeft verzocht om openbaarmaking van documenten die betrekking hebben op het volgende: ‘[persoon A] (hierbij valt te denken aan correspon
Poster “Reisbureau Rita”. Ovar o.g.v. art. 10 EVRM. Het Hof heeft geoordeeld dat strafbaarverklaring van het bewezenverklaarde feit als overtreding van art. 261.2 Sr in strijd komt met het in art. 10.1 EVRM gegarandeerde recht op vrijheid van meningsuiting en heeft art. 261.2 Sr daarom o.g.v. art. 9
De kortgedingrechter in Den Haag heeft de Wet bewaarplicht telecommunicatiegegevens buiten werking gesteld. Deze wet verplicht aanbieders van telefoon- en internetdiensten de verkeers- en locatiegegevens van gebruikers op te slaan. De wet maakt een inbreuk op het recht op eerbiediging van privé-leve
-
Auteursrecht. Gebruik portret in reclame-uitingen; inbreuk op persoonlijke levenssfeer geportretteerde. Vrijheid van meningsuiting.
Conclusie AG. Demonstratie in hal ministerie EZK. Lokaalvredebreuk (art. 139 Sr). Middel over verwerping beroep op demonstratierecht (art. 11 EVRM). AG gaat in op beslissingsmodel strafrechter bij beroep op demonstratierecht. Conclusie strekt tot verwerping.
Deze conclusie gaat over het onderscheid tussen een algemeen verbindend voorschrift (AVV) en een concretiserend besluit van algemene strekking (CBAS). Het onderscheid tussen deze twee besluiten is sinds de inwerkingtreding van de Algemene wet bestuursrecht van belang voor de toegang tot de bestuursr
Caribische zaak. Kort geding. Mag een journalist publiceren dat sprake is van illegale sublicentiëring (voor het exploiteren van buitengaatse hazardspelen) door een ‘masterlicentiehouder’? Afweging art. 8 en art. 10 EVRM. Te late indiening memorie van grieven? Sanctie op overtreding art. 69 lid 1 Ze
Kort geding. Recht op eerbiediging van de eer en goede naam versus recht op vrijheid van meningsuiting.
Auteursrecht. Plaatsing uitsnede foto’s en hyperlinks naar foto’s op website (Geenstijl.nl) voorafgaand aan publicatie in Playboy. Inbreuk op auteursrecht? Voorwaarden citaatrecht (art. 15a Auteurswet, art. 5 lid 3 onder d Auteursrechtrichtlijn). Herkenbaarheid auteursrechtelijk beschermde trekken w
Octrooirecht. Begrip “aanbieden” in de zin van art. 53 lid 1 ROW 1995; uitleg in ruime zin. Aanspraak op vergoeding proceskosten op de voet van art. 1019h Rv.
Verstoring openbare commissievergadering van de gemeenteraad van Delft. Conclusie AG o.m. over het storen van een openbare vergadering i.d.z.v. art. 144 Sr. HR: 81 RO.
Medeplegen lokaalvredebreuk in hal van ministerie van Economische Zaken tijdens demonstratie (art. 139.1 Sr) en medeplegen opzettelijk storen van geoorloofde openbare vergadering van Tweede Kamer tijdens demonstratie, art. 144 Sr. 1. Verweer m.b.t. lokaalvredebreuk strekkende tot ontslag van alle re
OM-cassatie. Vrijheid van meningsuiting (i.h.k.v. een publiek debat), art. 10 EVRM. Groepsbelediging en aanzetten tot discriminatie, art. 137c Sr en art. 137d Sr. Het, o.m. in art. 10 EVRM gegarandeerde, recht op vrijheid van meningsuiting staat aan strafrechtelijke veroordeling t.z.v. groepsbeledig
OM-cassatie. Art. 6 deel II Europees Sociaal Handvest en art. 138.1 (oud) Sr. Wederrechtelijk handelen? HR herhaalt relevante overwegingen uit HR NJ 1971/96 m.b.t het woord ‘wederrechtelijk’. ’s Hofs kennelijke oordeel dat weliswaar inbreuk is gemaakt op het in art. 138 Sr beschermde recht van X, m
Eindvonnis in zaak Wilders.
Belediging kroonprins en zijn echtgenote en beschadiging/onbruikbaarmaking kledingstukken omstanders door zakje met verf naar gouden koets te gooien. 1. Op de in art. 111 en 112 Sr strafbaar gestelde misdrijven zijn van toepassing de in Titel XVI van Boek II Sr onderscheiden wijzen waarop de aldaar
Huisvredebreuk in kantoor van bank tijdens demonstratie (art. 138.1 Sr). Verweer strekkende tot ontslag van alle rechtsvervolging vanwege onverenigbaarheid van strafvervolging met art. 10 en 11 EVRM. HR herhaalt relevante overwegingen uit HR:2022:126 m.b.t. optreden van autoriteiten i.v.m. strafbaar
Ondernemingsrecht. Enquêterecht. Eerste fase. Ondernemingskamer treft, op verzoek vennootschap en OK-bestuurder, nadere onmiddellijke voorzieningen (ge- en verboden, versterkt met dwangsom) ter waarborging volle werking eerder getroffen onmiddellijke voorzieningen o.v.v. art. 2:349a lid 2 BW. O.a. k
Rechtspersonenrecht. Procesrecht. Boek 10 BW. Verzoek ex art. 2:20 lid 1 BW en art. 10:122 BW m.b.t. Nederlandse en buitenlandse Hells Angels-organisaties. Samenhangende zaken: 21/01164 en 21/01186.
Art. 81 lid 1 RO. Rechtspersonenrecht. Verbodenverklaring en ontbinding van informele vereniging (motorclub) en van twee onzelfstandige support clubs. Miskenning van toepasselijkheid van strafrechtelijk bewijsrecht en onjuiste toepassing van art. 149 Rv? Support clubs ten onrechte niet aangemerkt al
Groepsbelediging, art. 137c.1 Sr. Toespraak PEGIDA-demonstratie. 1. Uitlating beledigend voor groep mensen wegens hun godsdienst? 2. Toegelaten beperking van vrijheid van meningsuiting a.b.i. art. 10.2 EVRM? Ad 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2009:BJ9796 en ECLI:NL:HR:2009:BF065
Belaging van pleegouders van zijn zoon, art. 285b.1 Sr. Proeftijd, bijzondere voorwaarden. Is de bijzondere voorwaarde dat verdachte zich gedurende de proeftijd zal onthouden van het plaatsen en/of verspreiden van berichten in de media met daarin (belastende) informatie over aangevers en hun pleegge
Conclusie AG. Huisvredebreuk (art. 138 Sr). Demonstratierecht (art. 11 EVRM). 'Sit-in' bij pensioenfonds. Is verweer dat strekt tot ontslag van alle rechtsvervolging met beroep op demonstratierecht toereikend gemotiveerd verworpen? Conclusie strekt tot partiële vernietiging en tot ontslag van alle r
Niet voldoen aan aanwijzing ambtenaar Koninklijke marechaussee om te gaan zitten op stoel i.h.k.v. protest in vliegtuig tegen gedwongen uitzetting vreemdeling (overtreding voorschrift vastgesteld krachtens art. 46.2.b Vw 2000). 1. Was KMar bevoegd om verdachte aanwijzing te geven plaats te nemen op
Onrechtmatige daad, uitingsvrijheid. Procesrecht. Oud-rechter en zijn vennootschap spreken (voormalig) juridisch medewerkster aan over beschuldigingen van partijdig en onprofessioneel rechtersgedrag, door haar geuit in anonieme brief aan tijdschrift en in getuigenverklaringen. Maatstaf onrechtmatigh
Onrechtmatige overheidsdaad. Vrijheid van vereniging (art. 11 EVRM). Beroepsvereniging van accountants verzet zich tegen de wettelijke verplichting om lid te zijn van de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA). Reikwijdte van art. 11 EVRM; HR 20 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2910 (stra
De verdachte is veroordeeld tot 5 jaren en 6 maanden gevangenisstraf. De verdachte is veroordeeld wegens deelneming aan een criminele organisatie met onder meer een terroristisch oogmerk. Daarnaast heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan het op grote schaal met behulp van social media opruien t
Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige daad. Vrijheid van meningsuiting. Uitzending aflevering van tv-programma ‘Kassa’ onrechtmatig?
OM-cassatie. Valselijk opmaken KLM-pas door onderzoeksjournalist. Beveiliging Schiphol-Oost. Art. 10 EVRM. 1. ’s Hofs oordeel dat de onzorgvuldigheden bij het samenstellen van de televisie-uitzendingen en het uitvoeren van het daaraan ten grondslag liggende onderzoek van onvoldoende gewicht zijn om
Uitlatingen van Zembla niet onrechtmatig. Afweging recht op vrijheid van meningsuiting (art. 10 EVRM) tegen recht op bescherming van reputatie van een commerciële onderneming (art. 8 EVRM).
De rechtbank verbiedt de gedaagden om beschuldigen te uiten over de eiser, onderzoek te (laten) doen naar het handelen van de eiser en publicaties over en persoonsgegevens van de eiser te publiceren of te verspreiden. Verder veroordeelt de rechtbank aan gedaagde 7 om een rectificatie te plaatsen op
OM-cassatie. Vrijspraak verdachte (niet aangemerkt als politica) t.z.v. groepsbelediging door in toespraak tijdens demonstratie van PEGIDA in 2015 in Utrecht de woorden “een andere reden om Moslims te verachten en te haten is/om hun krankzinnige ideologie, want het is nooit een religie van vrede” ui
Ontslag werkneemster ROC wegens verstoorde arbeidsverhoudingen na publicatie boek over onderwijsvernieuwingen binnen ROC. Art. 10 EVRM. Vrijheid van meningsuiting. Causaal verband tussen uiting werkneemster en ontbindingsverzoek. Toetsingskader uitingen werknemer en sancties werkgever. Vergewisplich
Avondklok-zaak. De avondklok mag worden gebaseerd op de Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag (Wbbbg). Eisen van proportionaliteit en subsidiariteit in acht genomen. Vonnis voorzieningenrechter vernietigd.
Kort geding. Tussenarrest. Gemeenschaps- en internationale merken. Inbreuk? Deel waren door merkhouder onder T2 geleverd aan derde: uitputting. Nadere onderbouwing t.a.v. verdere gestelde inbreuk. Verweerder mag nog inhoudelijk reageren. Geheimhouding.
Conclusie A-G. Herziening. Art. 457 Sv. In de conclusie wordt de vraag besproken of een uitspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJEU C-358/13 en C-181/14, ECLI:EU:C:2014:2060) grond voor herziening van een strafrechtelijke veroordeling kan opleveren. De conclusie strekt tot schorsi
Onrechtmatige tv-uitzending? Opnames met verborgen camera. Vordering tot afgifte van het volledige beeld- en geluidmateriaal; art. 843a Rv. Subsidiariteitsvereiste? Mogelijkheden tot vergaring van bewijs. Art. 10 EVRM, recht op vrije meningsuiting en vrije nieuwsgaring.
Telecommunicatiewet Regeling vaststelling eenmalig bedrag landelijke commerciële radio-omroep 2003
Gedaagde 1 heeft onrechtmatig gehandeld door in het openbaar uitlatingen over eiseres te doen die inbreuk maken op haar privacy en die hij bovendien op geen enkele manier kan waarmaken. Hem wordt verboden daarmee door te gaan. Daarnaast moeten alle drie de gedaagden stoppen met het zoeken naar privé
Onrechtmatige overheidsdaad. Vrijheid van vereniging (art. 11 EVRM). Beroepsvereniging van accountants verzet zich tegen de wettelijke verplichting om lid te zijn van de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA). Reikwijdte van art. 11 EVRM; HR 20 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2910 (stra
Onderzoek aan smartphone. Wettelijke grondslag, art. 94.1, 95.1, 96.1 en 104 Sv. Voor het doen van onderzoek door een opsporingsambtenaar vereist de wet geen voorafgaande rechterlijke toetsing of tussenkomst van de OvJ. Indien de met het onderzoek samenhangende inbreuk op de persoonlijke levenssfeer
Art. 81 RO. Kort geding. Persvrijheid; onrechtmatige publicatie? Art. 6:162, art. 10 EVRM.
Onrechtmatige daad. Publicaties en uitlatingen gericht tegen optreden wethouder behoren tot politieke forum, waar in beginsel ruime uitingsvrijheid en (zeer) smalle beoordelingsmarge voor beperking vrijheid van meningsuiting (art. 10 EVRM) binnen art. 6:162 BW. Uitlatingen gedaan door politicus buit
Tabakswet
Conclusie AG. Opzettelijke en wederrechtelijke beschadiging van twee trams i.h.k.v. een demonstratie, art. 350 Sr. Post-Keskin. Eerste middel is gericht tegen de afwijzing van een (voorwaardelijk) getuigenverzoek. De AG meent dat de afwijzing van dit verzoek in de kern berust op een vaststelling van
Arbeidsrecht. Verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst op de g-grond (art. 7:669 lid 3 sub g BW). Is sprake van inmenging in het recht op vrijheid van meningsuiting (art. 10 EVRM) en de academische vrijheid? Begrip ‘inmenging’, chilling effect. Maatstaf causaal verband tussen essay van werkneemste
Gemeenschappelijke bijlage bij de conclusies van 22 december 2023 in de zaken met de rolnummers: 23/00771 ECLI:NL:PHR:2023:1191 en 23/00989 ECLI:NL:PHR:2023:1192 Inzake de toekenning van een rentevergoeding bij een teruggaaf van inkomstenbelasting naar aanleiding van het Kerstarrest
Opruiing door het plaatsen van berichten in een Telegram-groep. De verdediging stelt dat de verdachte zijn uitlatingen heeft gedaan binnen een besloten groep. Het hof oordeelt dat er voldoende bewijs is voor het bestanddeel ‘in het openbaar’ zoals bedoeld in artikel 131 lid 1 Sr.
Conclusie PG. Onbruikbaar maken van een trap door tijdens een demonstratie bij het hoofdkantoor van Shell een vloeistof over de trap naar de ingang van het gebouw te gieten. Het middel komt op tegen de verwerping van het hof van het beroep op art. 10 en 11 EVRM. De PG gaat nader in op de verhouding
Groepsbelediging homoseksuelen en joden in op YouTube geplaatste rap met bijbehorende videoclip die o.m. inhield de tekst “flikkers geef ik geen hand” en “ik haat die fucking joden nog meer dan de nazi’s”, art. 137c.1 Sr en 10 EVRM. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2014:3583 m.b.t.
Hoger beroep tegen de vonnissen van de rechtbank ’s-Gravenhage, nevenzittingsplaats Amsterdam d.d. 9 maart 2011, ECLI:NL:RBSGR:2011:BP7073 en van de rechtbank Amsterdam d.d. 24 september 2014, ECLI:NL:RBAMS:2014:6217 en rechtbank Amsterdam d.d. 17 juni 2015, ECLI:NL:RBAMS:2015:3917 in de zaak van ee
Artikelen 83, 83a, 96 lid 2, 132, 134a, 288a, 289 en 289a Sr. Veroordeling ter zake van: met het oogmerk om moord en doodslag met een terroristisch oogmerk voor te bereiden zich gelegenheid, middelen en inlichtingen verschaffen en voorwerpen voorhanden hebben waarvan hij weet dat zij bestemd zijn to
Galeriehouder die Mein Kampf te koop aanbood ontslagen van alle rechtsvervolging “Hof oordeelt dat geen sprake is van een zodanig dwingende maatschappelijke behoefte om het recht op vrije meningsuiting van verdachte te beperken door hem te veroordelen voor het in voorraad hebben van het boek Mein Ka
Klachtprocedure ex art. 13a RO. Klachten over een AG bij de HR wegens een door hem geschreven column in het Nederlands Juristenblad (NJB). 1. Ontvankelijkheid klacht. 2. Klacht ongegrond: gedraging van de AG kan i.c. niet worden aangemerkt als onbehoorlijk gedrag in de zin van art. 13f, lid 1, RO. A
2 september 2005 Eerste Kamer Nr. C04/073HR JMH/RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. STICHTING OSTADE BLADE, gevestigd te Amsterdam, 2. [Eiser 2], wonende te [woonplaats], 3. [Eiser 3], wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, advocaat: mr. J.A.M.A. Sluysmans, t e g e n DE STA