Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Arbeidsrecht. Cao-bepalingen Voortgezet Onderwijs over samenloop vakantieverlof met zwangerschaps- en bevallingsverlof. Ongeoorloofd onderscheid tussen mannelijke en vrouwelijke werknemers? EU-richtlijnen over arbeidstijden (2003/88/EG), gelijke
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:646 BW
Genoemd in 131 uitspraken · Officiële wettekst
131 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Arbeidszaak. Verzoek billijke vergoeding na niet-verlengen van tijdelijke arbeidsovereenkomst. Werkgever heeft in redelijkheid tot oordeel kunnen komen dat van ‘goed functioneren’ onvoldoende sprake was. Terughoudende beschouwing van heimelijk gemaakte opnames van gesprekken. And
Kantonrechter stelt prejudiciële vragen in een onderwijszaak in aanvulling op HR 6 november 2020 (ECLI:NL:HR:2020:1748). Belangrijkste vraag is of artikel 8.1. lid 10 van de CAO MBO (waaruit volgt dat zwangerschaps- en bevallingsverlof niet wordt gecompenseerd in geval van samenl
Dient de werkgever het zwangerschapsverlof van werkneemster te compenseren voorzover dat zwangerschapsverlof samenvalt met de meivakantie (zijnde een andere vakantie dan de zomervakantie)? De kantonrechter stelt daarover prejudiciële vragen.
Ogv cao Voortgezet Onderwijs onthoudt werkgever aan werkneemster compensatie voor zwangerschapsverlof dat genoten is tijdens de herfst- en kerstvakantie. Door huidige niet-sekseneutrale formulering ie rechtspraak van de HR op dit punt achterhaald. Uitspraak HvJ EG Gómez. Direct v
‘Is het aankaarten door werkneemster van een mogelijk verboden onderscheid naar geslacht en de daaruit ontstane verstoorde arbeidsrelatie voor werkgever de reden geweest voor het intrekken van het aanbod tot verlenging van de arbeidsovereenkomst? Dit is in strijd met het benadeli
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Arbeidsrecht. Bepaling in cao Middelbaar Beroepsonderwijs over samenloop zwangerschaps- en bevallingsverlof met ‘werkbare dagen’ waarop niet hoeft te worden gewerkt, maar waarvan in de cao is vermeld dat het geen vakantiedagen zijn. Ongeoorloofd
-
-
ernstig verwijtbaar handelen Staat, chronische ziekte, billijke vergoeding.
De kantonrechter ontbindt de arbeidsovereenkomst van de directeur van de brancheorganisatie Kinderopvang (BK) per 1 juni omdat de arbeidsverhoudingen zo zijn verstoord dat voortzetting van de overeenkomst niet meer mogelijk is.
Verzoek billijke vergoeding afgewezen. Onvoldoende (vaststaande) feiten gesteld die tot een vermoeden van een verboden onderscheid zoals bedoeld in art. 7:646 BW kunnen leiden. Loonvordering deels toegewezen.
werkgeefster heeft geen verboden onderscheid op grond van artikel 7:646 BW gemaakt door werkneemster geen arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd aan te bieden
artt 7:681 lid 1 sub c en 7:646 BW. Proeftijdontslag om financiële redenen nadat werkneemster had verteld dat zij zwanger is. Vacature en in dienst nemen nieuwe werknemer. Vernietiging.
Geldig proeftijdontslag, geen verboden onderscheid mannen en vrouwen.
tijdelijke arbeidsovereenkomst niet verlengd, geen verboden onderscheid wegens zwangerschap, artikel 7:646 lid 1 BW, artikel 6a WGB m/v, werkgever had al twijfel over het functioneren, vrijheid werkgever om de afweging te maken om de arbeidsovereenkomst te verlengen, niet gebleke
Uitspraak kantonrechter na prejudiciële beslissing van HR d.d. 21 februari 2025 over het niet compenseren van zwangerschaps-en bevallingsverlof in geval van samenloop met “overige dagen” in de zin van artikel 8.1. lid 10 cao-MBO. Werkgever wordt veroordeeld om alsnog compensatie
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Arbeidsrecht. Regeling in cao voor het middelbaar beroepsonderwijs over samenloop 'overige dagen' met zwangerschaps- en bevallingsverlof. Ongeoorloofd onderscheid tussen mannelijke en vrouwelijke werknemers? EU-richtlijnen over gelijke behandelin
Ernstig verwijtbaar handelen door werkgever. Transitievergoeding en billijke vergoeding toegewezen.
Reden niet voortzetten arbeidsovereenkomst in strijd met verbod direct onderscheid tussen mannen en vrouwen in de zin van artikel 7:646 lid 1 BW jo. lid 5 sub b ?
Zwangerschapsdiscriminatie. Arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van zwangere werkneemster niet verlengd. Werkneemster heeft voldoende gesteld om zwangerschapsdiscriminatie te vermoeden en werkgever heeft niet bewezen dat het anders is. Werkneemster heeft recht op schadevergoed
Zwangerschapsdicriminatie (artikel 7:646 BW). Arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van zwangere werkneemster niet verlengd. Vraag of werkneemster voldoende heeft gesteld om zwangerschapsdiscriminatie te kunnen doen vermoeden. (tussenbeschikking - eindbeschikking op 01-04-2025).
Afwijzing ontbindingsverzoek op de g-grond wegens strijd met artikel 7:646 lid 14 BW. De gestelde verstoorde arbeidsverhouding hangt onlosmakelijk samen met de discriminatieklacht die de werknemer heeft ingediend.
Arbeidsovereenkomst niet verlengd vanwege zwangerschap/chronische ziekte, verboden onderscheid, billijke vergoeding.
De kantonrechter oordeelt dat de werknemer recht heeft op een billijke vergoeding omdat het opzeggen van de arbeidsovereenkomst door de werkgever het gevolg is ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever, te weten het maken van een verboden onderscheid naar geslacht.