Ontbinding o.g.v. art. 6:265 BW in dit geval niet gerechtvaardigd. Toepasselijke huurregime; 7:290-bedrijfsruimte of 7:230a-bedrijfsruimte? Vormvereisten opzegging.
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:296 BW
Genoemd in 338 uitspraken · Officiële wettekst
338 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 7 · live
De rechtbank bepaalt dat de huurovereenkomst tussen partijen eindigt, veroordeelt partij B om de bedrijfsruimte te verlaten en te ontruimen en stelt in reconventie een bedrag dat partij A aan partij B moet betalen als tegemoetkoming in de verhuis- en inrichtingskosten. Partij A v
De vorderingen van eiseres worden afgewezen. Eiseres is ontvankelijk in haar vorderingen omdat zij na turbo-liquidatie is blijven bestaan voor de vereffening vanwege potentiële baten. De vordering van eiseres tot schadevergoeding is tijdig gestuit en niet verjaard. Artikel 14 van
Huur 290-bedrijfsruimte tussen erfgenamen. Het hof oordeelt dat geen sprake is van dringend eigen gebruik en dat de belangenafweging in het voordeel van de huurder uitvalt. De opzegging van de verhuurder blijft zonder rechtsgevolg. Wel dient de huurder de verhuurder nog een bedra
Huur bedrijfsruimte, opzegging wegens dringend eigen gebruik
In deze zaak vordert een verhuurster beëindiging van de huurovereenkomst op grond van renovatie. Verhuurster heeft voldoende aangetoond dat sprake is van duurzaam gebruik. Naast de vaststelling dat plaats en functie zullen wijzigen, is de omvang van de renovatie dermate veelomvat
In deze zaak vordert een verhuurster beëindiging van de huurovereenkomst op grond van renovatie. Verhuurster heeft voldoende aangetoond dat sprake is van duurzaam gebruik. Naast de vaststelling dat plaats en functie zullen wijzigen, is de omvang van de renovatie dermate veelomvat
Huur van woon- en bedrijfsruimte; tekortschieten betalingsverplichting; ontbinding (art. 6:265 BW); tenzij-clausule; terme de grace; rechtsverwerking; devolutieve werking appel; grenzen rechtsstrijd
Vordering tot beëindiging van een huurovereenkomst die met betrekking tot horeca-bedrijfsruimte bestaat tussen particuliere verhuurders en Grolsch als hoofdhuurder, tevens onderverhuurder, op grond van een redelijke afweging van de belangen zoals bedoeld in artikel 7:296 lid 3 BW
afwijzing afwijkende huurbedingen. Einde van de huurovereenkomst van rechtswege. Afwijkende regeling huuraanpassing. Aan omzet gerelateerde opzegging die geen wettelijke grond voor beëindiging is en waarbij de rechter niet kan worden ingeschakeld.
Artikel 7:296 lid 1 sub b BW: niet aannemelijk geworden dat voortzetting van de exploitatie van het gehuurde door huurder gedurende renovatie ondoenlijk is. Ziekenhuis heeft onvoldoende inzichtelijk gemaakt waarom het voortzetten van de huurovereenkomst het leveren van academisch
Huur bedrijfsruimte (stationfietsenstalling). Rechtsgeldige opzegging wegens dringend eigen gebruik.
Huurbedrijfsruimte, dringend eigen gebruik. Verhuurder heeft haar stelling dat sprake zal zijn van een aanzienlijke rendementsverbetering onvoldoende onderbouwd. Dringende noodzaak tot renovatie is daardoor onvoldoende aannemelijk gemaakt.
Beëindiging huurovereenkomst bedrijfsruimte wegens dringend eigen gebruik met toekenning vergoeding voor verhuis- en herinrichtingskosten.
dringend eigen gebruik van 7:290 BW bedrijfsruimte door zoon van de verhuurder niet aannemelijk gemaakt. Belangenafweging valt in het voordeel uit van de huurder die in het gehuurde een restaurant exploiteert.
Verhuurder heeft huurovereenkomst bedrijfsruimte opgezegd tegen het einde van de termijn waarmee de huurovereenkomst was verlengd (art. 7:296 lid 3 BW). Verhuurder heeft aannemelijk gemaakt dat zij het verhuurde persoonlijk in duurzaam gebruik wil nemen en het verhuurde daartoe d
Opzegging huur bedrijfsruimte na huurachterstanden, belangenafweging, vergoeding ex artikel 7”297 BW, korting op de huur wegens corona / covid - sluitingen
Art. 81 lid 1 RO. Stationsfietsenstalling. Huur bedrijfsruimte; art. 7:290 BW. Opzegging, dringend eigen gebruik, termijn implementatie nieuw bedrijfsmodel, belangenafweging; art. 7:300 BW, art. 7:295 BW, art. 7:296 BW. Bepaling nieuwe datum einde huurovereenkomst en ontruiming.
Huur. Kwalificatie: woonruimte of bedrijfsruimte? Woning met kapsalon. Verhuurder wil geen bedrijfsvoering meer toestaan en weigert het gehuurde te verhuren aan de door huurster voorgedragen kandidaat, die de kapsalon wil overnemen en in de woning wil gaan wonen. Alle omstandighe
Huuropzegging wegens dringend eigen gebruik dan wel belangenafweging. Niet voldoende aannemlijk dat verhuurders het gehuurde dringend nodig hebben. Niet voldaan aan vereisten art. 7:296 lid 1 sub b. Ook belangenafweging valt in nadeel van verhuurders uit
7:295 BW / 7:296 BW Vordering tot vaststelling einde huurovereenkomst bedrijfsruimte. Slechte bedrijfsvoering huurder? Belangenafweging.
Huur bedrijfsruimte, opzegging wegens dringend eigen gebruik, toewijzing met tegemoetkoming verhuis- en inrichtingskosten
‘Huur bedrijfsruimte en woonruimte, opzegging wegens dringend eigen gebruik’.
huurovereenkomst bedrijfsruimte; dringend eigen gebruik
Verhuur bedrijfsruimte (7:290 BW) door erfpachter. Erfpacht eindigt. Verhuurder vordert beëindiging huur. Oplevering aan erfverpachter is geen dringend persoonlijk duurzaam gebruik verhuurder. Belangenafweging in voordeel huurder. Art. 5:94 lid 2 BW