Huur bedrijfsruimte. Dringend persoonlijk gebruik (art. 7:296 lid 1, onder b, BW)? Valt vergoeding voor goodwill onder verhuis- en inrichtingskosten (art. 7:297 lid 1 BW)? Waardering deskundigenbericht.
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:296 BW
Genoemd in 338 uitspraken · Officiële wettekst
338 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Huurrecht. Overeengekomen voortgezet gebruik door kinderen van wijlen huurster. Huurovereenkomst? Alsgeheeltoets. Ingebruikgeving tegen tegenprestatie in de zin van art. 7:201 BW? Vaststellingsovereenkomst.
Dringend eigen gebruik bij verhuur van 290-bedrijfsruimte. Komt de verhuurder die eerder zelf een hotelonderneming heeft gedreven in het nadien door hem verhuurde pand een beroep toe op dringend eigen gebruik nu hij een forse winst kan behalen met zelfexploitatie?
Beëindiging huurovereenkomsten bedrijfsruimte wegens dringend eigen gebruik (renovatie). Maatstaf. Wetsvoorstel verbetering huurbescherming huurders bedrijfsruimte (33 018). Geen schadeloosstelling wegens afbraak in het algemeen belang als bedoeld in art. 7:309 BW. Geen tegemoetk
Huurrecht. Opzegging overeenkomst tot huur van bedrijfsruimte wegens dringend eigen gebruik; in aanmerking te nemen omstandigheden bij toepassing van art. 7:296 lid 1, aanhef en onder b, BW.
Opzegging van een huur- annex exploitatieovereenkomst met betrekking tot bedrijfsruimte (stationsfietsenstalling). Kon het hof tot het oordeel komen dat de verhuurder de ruimte dringend nodig heeft voor eigen gebruik, in de zin van art. 7:296, lid 1 onder b, BW?
Huur bedrijfsruimte. Einde huurovereenkomst na opzegging. Gebrek door overheidsmaatregelen i.v.m. corona. Huurprijsvermindering uitgesloten bij algemene voorwaarden. Beperkende werking redelijkheid en billijkheid / onvoorziene omstandigheden door corona?
Art. 81 lid 1 RO. Huurrecht. Huur bedrijfsruimte; art. 7:290 BW. Opzegging door verhuurder. Dringend persoonlijk gebruik in verband met renovatie; art. 7:296 BW.
Art. 81 lid 1 RO. Huurrecht. Huur bedrijfsruimte; art. 7:290 BW. Opzegging door verhuurder. Dringend persoonlijk gebruik en belangenafweging; art. 7:296 BW.
Eindvonnis na bewijsopdracht. Verhuurder heeft aannemelijk gemaakt dat het rendement, de mogelijke verkoopopbrengst en het BAR stijgen met de omvorming van de ruimte tot woning. Alternatieve scenario onvoldoende onderbouwd door huurder.
Opzegging huurovereenkomst 7:290 bedrijfsruimte.
Beoordeling opzegging huurovereenkomst kapperszaak wegens dringend eigen gebruik. Verhuurder wil gehuurde renoveren en er woonruimte van maken. Dringend eigen gebruik voldoende aannemelijk gemaakt. Partijen mogen zich nog uitlaten over tegemoetkoming in verhuis- en inrichtingskos
Huurrecht. Bedrijfsruimte. Opzegging wegens DEG. Vaststelling einde van de huurovereenkomst. Geen tegemoetkoming in verhuis- en inrichtingskosten. Voor vaststelling van schadeloosstelling als bedoeld in artikel 7:309 BW is een vordering nodig.
Eigenaar winkelcentrum heeft wezenlijk belang bij renovatie winkelcentrum en renovatie is niet mogelijk zonder beëindiging van de huurovereenkomst met huurder. Vordering tot beëindiging huurovereenkomst toegewezen. De beëindigingsdatum wordt vastgesteld op drie maanden na de dag
Huurrecht, bedrijfsruimte, opzegging, dringend eigen gebruik, bouw nieuw winkelcentrum, moeder- en dochtervennootschap, vereenzelviging, geen verhuis- en inrichtingsvergoeding, schending waarheidsplicht door huurder
Ontbinding o.g.v. art. 6:265 BW in dit geval niet gerechtvaardigd. Toepasselijke huurregime; 7:290-bedrijfsruimte of 7:230a-bedrijfsruimte? Vormvereisten opzegging.
Opzegging huur bedrijfsruimte na huurachterstanden, belangenafweging, vergoeding ex artikel 7”297 BW, korting op de huur wegens corona / covid - sluitingen
huur bedrijfsruimte; vordering tot beëindiging huurovereenkomst en veroordeling ontruiming toegewezen op grond van belangenafweging; tegemoetkoming in verhuis- en inrichtingskosten; geen termijn ex art 7:297 lid 2 BW. Zie ECLI:NL:GHAMS:2019:1336.
Huur middenstandsbedrijfruimte. Opzegging hoofdhuurovereenkomst wegens belangenafweging. Hoofdverhuurder is ook onderhuurder. Geen uitvoerbaar bij voorraad.
Reeds 19 jaar lopende huur bedrijfsruimte in de zin van artikel 7:290 BW. Verzoek van verhuurder tot bepaling (op de voet van artikel 7:295 lid 2 BW) van datum waarop de huurovereenkomst eindigt, en tot bepaling (op de voet van artikel 7:296 lid 5 BW) dat het gehuurde op dat tijd
Huur bedrijfsruimte. Dringend eigen gebruik. Renovatie. Tegemoetkoming verhuis- en inrichtingskosten.
Huur bedrijfsruimte. Dringend persoonlijk gebruik (art. 7:296 lid 1, onder b, BW)? Valt vergoeding voor goodwill onder verhuis- en inrichtingskosten (art. 7:297 lid 1 BW)? Waardering deskundigenbericht.
Huurzaak. Onderhuurder (café-exploitant) verwerft eigendom van het gehuurde en wordt zo hoofdverhuurder van huurder/onderverhuurder (brouwerij). Daarop volgende poging om de in de onderhuurovereenkomst opgenomen exclusieve drankafnameverplichting te vernietigen wegens strijd met
samenloop franchise en huur; autowasstraat; bedrijfsruimte vernietiging opzegging verjaring art. 7:290 BW; art. 3:51 lid 3 BW; art. 7:306 lid 1 BW; 6:215 BW
Art. 81 lid 1 RO. Beëindiging huurovereenkomst bedrijfsruimte (met eerste recht van koop) wegens dringend eigen gebruik, art. 7:296 lid 1 BW. Belangenafweging, art. 7:296 lid 3 BW. Mocht huurder erop vertrouwen winkelpand uiteindelijk te kunnen kopen? Uitleg overeenkomst, beteken