Verbintenissenrecht. Huurgeschil met beroep op een contractueel beding, beperkende werking van redelijkheid en billijkheid; boetebeding, rechterlijke matiging, maatstaf; kostenvergoeding, ambtshalve matiging bedongen proceskosten.
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:290 BW
Genoemd in 1.364 uitspraken · Officiële wettekst
1.364 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · cache
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Overeenkomstenrecht. COVID-19. Coronapandemie. Huur bedrijfsruimte (art. 7:290 BW). Omzetdaling wegens overheidsmaatregelen. Niet of slechts in geringe mate kunnen exploiteren van gehuurde. Onvoorziene omstandigheden (art. 6:258 BW). Huurprijsvermindering. Verdisco
Verbintenissenrecht. Gemengde overeenkomst (art. 6:215 BW): duurovereenkomst tot verzorgen van catering bij besloten bijeenkomsten in kasteel, gecombineerd met recht van gebruik van ruimten voor een publieksrestaurant. Heeft restauranthouder na beëindiging kasteelcatering recht op huurbescherming?
Prejudiciële procedure op voet art. 392 Rv. Coronacrisis en huur van 290-bedrijfsruimte. Levert verplichte sluiting gehuurde horecapand een gebrek op (art. 7:204 lid 2 BW)? Is coronacrisis een onvoorziene omstandigheid (art. 6:258 BW)? Uitgangspunten bij bepaling van de huurprijsvermindering.
Huur bedrijfsruimte. Na renovatie geen overeenstemming over nieuwe huurprijs. Vordering tot beëindiging huurovereenkomst wegens dringend eigen gebruik en ontruiming. Maatstaf art. 7:296 lid 1 onder b, 7:300 lid 3 BW. Verschil met bescherming huurder woonruimte (HR 26 maart 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL06
Huurrecht. Opzegging overeenkomst tot huur van bedrijfsruimte wegens dringend eigen gebruik; in aanmerking te nemen omstandigheden bij toepassing van art. 7:296 lid 1, aanhef en onder b, BW.
Gemengde huurovereenkomst betreffende woonruimte, art. 7:290-bedrijfsruimte en art. 7:230a-bedrijfsruimte. Splitsing in afzonderlijke huurovereenkomsten mogelijk? Omstandigheden van het geval.
Huur bedrijfsruimte. Huurder exploiteert event- en congrescentrum en lijdt omzetverlies door beperkende overheidsmaatregelen in verband met Corona. Huurder vordert op die grond huurkorting. Corona en in verband daarmee opgelegde exploitatiebeperkingen vormen onvoorziene omstandigheden, op grond waar
Huur van bedrijfsruimte. Contractuele uitsluiting tussentijdse huuraanpassing. Beroep op vernietigbaarheid; art. 7:291 lid 1 BW. Dwingend recht. Verjaring; art. 3:52 lid 1 onder d BW. Op welk moment is de bevoegdheid vernietigingsgrond in te roepen ‘ten dienste komen te staan’?
Huur. Doorbreking rechtsmiddelenverbod art. 7:230a lid 8 BW. Toepasselijkheid afdeling 7.4.6 BW (bedrijfsruimte). Vraag of gehuurde is aan te merken als onroerende aanhorigheid in de zin van art. 7:290 lid 3. Oordeel hof dat beslissend is of de ‘andere’ ruimte - waarbij het gehuurde aanhorig is - aa
3 december 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R04/012HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [verzoekster], gevestigd te [vestigingsplaats], VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. P.J.M. von Schmidt auf Altenstadt, t e g e n 1. [verweerster 1], 2. [verweerder 2], 3. [verweerster 3], gev
Huur onbebouwde onroerende zaak. Bedrijfsruimte (in verband met gebruik opstallen)? Art. 7:290 e.v. BW. Feitelijke waardering.
Bedrijfsruimtehuur; vordering tot nadere huurprijsvaststelling, art. 7:304 lid 1 BW. Inspanningsverplichting partijen zonder tussenkomst van de rechter tot aanpassing huurprijs te komen. Ontvankelijkheid van verzoek tot benoeming deskundige, art. 7:304 lid 2 BW; aan inhoud van overleg tussen partije
Huur bedrijfsruimte. Dringend persoonlijk gebruik (art. 7:296 lid 1, onder b, BW)? Valt vergoeding voor goodwill onder verhuis- en inrichtingskosten (art. 7:297 lid 1 BW)? Waardering deskundigenbericht.
Huurrecht. Vraag in hoeverre asbest in het plafond van een pand een gebrek oplevert in de zin van art. 7:204 lid 2 BW en of sprake is van een opstal die niet voldoet aan de eisen die men daaraan in de gegeven omstandigheden mag stellen en daardoor gevaar voor personen of zaken oplevert (art. 6:174
Artikelen 7:204 lid 2 BW, 7:207 BW en 6:258 BW. De kantonrechter stelt de volgende prejudiciële vragen aan de Hoge Raad: 1. Dient de als gevolg van de coronacrisis van overheidswege opgelegde sluiting van de horeca beschouwd te worden als een gebrek in de zin van artikel 7:204 lid 2 BW? 2. Zo ja, aa
Verbintenissenrecht. Huurgeschil met beroep op een contractueel beding, beperkende werking van redelijkheid en billijkheid; boetebeding, rechterlijke matiging, maatstaf; kostenvergoeding, ambtshalve matiging bedongen proceskosten.
Huur bedrijfsruimte. Te late opzegging. Conversie? Redelijkheid en billijkheid. Beroep op opschorting in verband met overlast. Ontbinding wegens wanbetaling. Uitleg boetebeding in artikel 18.2 algemene bepalingen kantoorruimte (ROZ-model juli 2003). Mogelijke schade door ontbinding, schadestaat.
Huur bedrijfsruimte. Huurprijsvermindering. De coronacrisis is een onvoorziene omstandigheid die heeft geleid tot een fundamentele verstoring van het evenwicht in het contract tussen partijen. Het financiële nadeel wordt gelijkelijk over partijen verdeeld, waarbij aan de zijde van de huurder rekenin
Uitleg van boetebeding (artikel 25.3) uit de ‘ALGEMENE BEPALINGEN HUUROVEREENKOMST WINKELRUIMTE en andere bedrijfsruimte in de zin van artikel 7:290 BW’. Het in dat artikel genoemde minimumbedrag van € 300,-- per maand moet enkelvoudig worden berekend over het totaal aantal huurtermijnen dat in een
Huur bedrijfsruimte. (Appel)procesrecht; omvang rechtsstrijd; devolutieve werking van het appel. Gezag van gewijsde? Oordeel dat niet dragend was voor de uitspraak.
Huur bedrijfsruimte, horeca. Huurachterstand. Verweer/eis in reconventie: vermindering huurprijs vanwege de huidige coronacrisis. Beroep op 7:203 BW, 7:204 BW, 6:258 BW, 6:75 BW, 6:2/6:248 BW. Wijziging huurovk onvoorziene omstandigheden. Huurprijs 50/50.
Huurrecht. Procesrecht. Oordeel appelrechter dat appelverbod van art. 7:230a lid 8 BW wordt doorbroken gevolgd door terugverwijzing van de zaak naar de kantonrechter in het dictum is tussenbeschikking in de zin art. 401a lid 2 Rv.; niet-ontvankelijkheid in cassatie; overweging ten overvloede; besch
Huurrecht. Cassatieprocesrecht. Is een zwembad een bedrijfsruimte in de zin van art. 7:290 BW? Toelaatbaarheid aanhechten van stukken aan de schriftelijke reactie op de conclusie van de Advocaat-Generaal.
Kort geding. Executiegeschil. Uitleg van dictum/veroordeling. Valt ‘schuurgedeelte’ onder ‘bedrijfsruimte’ of onder ‘woonruimte’? Heeft het hof de juiste maatstaf gehanteerd bij uitleg veroordeling? Is de uitleg van het hof begrijpelijk?
Huurprijsvermindering i.v.m. corona
voorwaardelijk verzoek huurder om verlenging ontruimingstermijn ex art. 7:230a Rv; verhuurder vraagt met tegenverzoek ex 282 lid 4 Rv om onvoorwaardelijkheid; kantonrechter wijst tegenverzoek af; appellabel.
- huurregime onbemand tankstation; bedrijfsruimte als bedoeld in artikel 7:290 BW
Huurovereenkomst bedrijfsruimte. Uitleg garantiebeding. Gevolgen van tussentijdse ontbinding van de huurovereenkomst.
huurkorting corona; voorwaardelijke ontbinding
huurovereenkomst. Ontruiming. Betaling niet op grond van koop maar op grond van huurovereenkomst
Huurprijsvaststelling middenstandsbedrijfsruimte. Wijziging van eis in hoger beroep toegestaan. Weging gehuurde vloeroppervlakte voor de berekening van de huurprijs. Waardering vierkantemeters op functionaliteit en berekening vierkantemeterprijs vergelijkbare bedrijfsruimte. Verhouding tussen advies
Voorwaardelijk verzoek tot verlenging ontruimingstermijn; beantwoording voorvragen; treden buiten de grenzen van het verzochte?
Huurrecht bedrijfsruimte. Traiteur-/cateringbedrijf. 290-bedijfrsruimte of 230a-bedrijfsruimte. Gemengde huurovereenkomst? Bewuste keuze gemaakt voor toepassing huurregime afdeling 7.4.6 BW (290-bedrijfsruimte)?
*
Kwalificatie huurovereenkomst voor onbemand tankstation.
Kwalificatie huurovereenkomst voor onbemand tankstation.
Kwalificatie huurovereenkomst voor onbemand tankstation
(Verlenging)huurovereenkomsten van kavels voor de exploitatie van strandhuisjes gesloten door gemeente. Criteria Didam-arrest ook van toepassing in deze situatie? Zittende huurders enige serieuze gegadigden.
Artikelen 7:290 en 3:42 BW; opzegging van exploitatie-overeenkomst door NS Fiets van exploitant fietsenwinkel annex fietsenmaker bij station, die ook de fietsenstalling beheert. Duurzaam dringend eigen gebruik, geldige opzegging; conversie. Geen belangenafweging of toepassing van redelijkheid en bi
De uitbater van een ijscozaak aan de Nieuwendijk hoeft minder huur te betalen omdat de inkomsten uit zijn winkel door de coronacrisis grotendeels zijn weggevallen.
Kort geding. Huur bedrijfsruimte. Vordering tot betaling achterstallige huurtermijnen. Coronapandemie is onvoorziene omstandigheid. In dit geval toch geen huurkorting, omdat huurder het door haar gestelde financiële nadeel onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt. Ontruiming toegewezen, tenzij binnen v
Huurrecht. Huur winkelruimte ex artikel 7:290 BW; contractuele boete; beroep op onvoorziene omstandigheden i.v.m. Corona-crisis verworpen maar wel matiging boete; geen huurprijsvermindering.
Huur bedrijfsruimte. Coronamaatregelen. Gebruik gehuurde. Onvoorziene omstandigheden (6:258 BW). Wijziging huurovereenkomst. Huurprijsvermindering.
Huurrecht. Huurder komt (nog) geen opschortingsrecht toe. Opschorting volledige huur gaat ook te ver. Verhuurder moet op korte termijn met onderhoudsplan komen. Coronamaatregelen waardoor het horecabedrijf gedwongen de deuren moet sluiten is geen gebrek als bedoeld in artikel 7:204 BW op grond van d
Inhoudsindicatie: huur perceel grond met daarop tankstation, huurregime, wegbreekrecht. Memo: ‘Huur van een perceel grond met daarop een tankstation. Verhuurder heeft de huurovereenkomst opgezegd met inachtneming van een opzegtermijn van een jaar. Huurder wenst de huurovereenkomst voort te zetten. P
Huurovereenkomst staanplaats. Vraag welke huurbepalingen van toepassing zijn.
Huur onbebouwde onroerende zaak. Bedrijfsruimte (in verband met gebruik opstallen)? Art. 7:290 e.v. BW. Feitelijke waardering. Andere situatie dan in HR 10 november 1989, LJN AC1687, NJ 1990/273.
Huur. Doorbreking rechtsmiddelenverbod art. 7:230a lid 8 BW. Toepasselijkheid afdeling 7.4.6 BW (bedrijfsruimte). Vraag of gehuurde is aan te merken als onroerende aanhorigheid in de zin van art. 7:290 lid 3. Oordeel hof dat beslissend is of de ‘andere’ ruimte - waarbij het gehuurde aanhorig is - aa
Huur bedrijfsruimte. Toegewezen vordering verhuurder tot huurbeëindiging en ontruiming; geen connexiteitseis voor beslissing ex art. 7:295 en beslissing over verhuis- en herinrichtingskosten als bedoeld in art. 297 BW; beleidsvrijheid feitenrechter.
Verbintenissenrecht. Huurrecht. Art. 7:290 BW van toepassing? Procesrecht. Bestemming van gehuurde gebouwde onroerende zaak. Mogelijkheid om afdeling 7.4.6 BW op de huurovereenkomst van toepassing te verklaren. Essentiële stellingen.
Huur bedrijfsruimte voor auto "stalling/showroom" "niet ex art. 7A:1624 BW". Regime van art. 7:290 of 7:230a BW? Bestemming krachtens huurovereenkomst, inrichting, gebruik. Geen bestemmingswijziging. Niet in overwegende mate voor verkoop. Dwangsommen verbeurd.
(ver-)huur van een onbemand tankstation. Opzeggingsperikelen en kwalificatievraag. De kantonrechter leidt uit de aanwezigheid van een luifel (met randen) en een voormalige shop met technische installatie af dat sprake is van een gebouwde onroerende zaak. Omdat een betaalpaal onderdeel uitmaakt van h
Huurrecht, kwalificatie 290-bedrijfsruimte of 230a-ruimte, kapsalon in woonzorgcentrum niet voor publiek toegankelijk?
onbemand tankstation is bedrijfsruimte ex artikel 7:290 BW; gebouwde onroerende zaak
huur bedrijfsruimte, gemengde overeenkomst ex art. 7:290 BW en art. 7:230a BW, vraag naar zwaartepunt gebruik, geen nietige opzegging ex art. 7:294 BW, ontvankelijk verzoek ex rt. 7:230a BW tot verlenging van de ontruimingstermijn
Huurrecht. Kwalificatie overeenkomst. Het onbemande tankstation bestaat eigenlijk alleen uit een luifel, zodat van een ‘gebouw’ geen sprake is en de huurovereenkomst tussen partijen daarom eindigt na de overeengekomen duur (artikel 7:228 lid 1 BW).
Huur 290-bedrijfsruimte. Belangenafweging. Belang gelegen in hogere huurprijs die een opvolgend huurder wil betalen.
Ontruiming bedrijfsruimte in kort geding. Hof oordeelt met kantonrechter dat de huurovereenkomst van een gedeelte van de boerderij gesplitst kan worden in een overeenkomst voor het woongedeelte en een huurovereenkomst voor de meegehuurde (delen van) schuren en het achtererf. Wettelijke ontruimingsbe
Huur bedrijfsruimte niet betaald. Volgens huurster heeft Heineken twee onjuiste mededelingen gedaan zodat zij de huurovereenkomst mocht vernietigen op grond van bedrog of dwaling. Bevoegdheid vanwege eerste mededeling verjaard. Bevoegdheid vanwege tweede mededeling afgewezen omdat causaal verband on
Huur bedrijfsruimte. Kort geding. Vordering tot opschorting huur i.v.m. coronacrisis. Voldoende (spoedeisend) belang. Geen opschorting met terugwerkende kracht. Onvoorziene omstandigheden. “Delen van de pijn”. TVL-methode. Geen algeheel ontslag van de exploitatieverplichting. Wetsartikelen: 6:258 BW
Dringend eigen gebruik bij verhuur van 290-bedrijfsruimte. Komt de verhuurder die eerder zelf een hotelonderneming heeft gedreven in het nadien door hem verhuurde pand een beroep toe op dringend eigen gebruik nu hij een forse winst kan behalen met zelfexploitatie?
Vordering tot ontbinding van de huurovereenkomsten (bedrijfsruimte grand café en woonruimte) afgewezen. Beoordeling afspraken omzetafhankelijke huurprijs met minimum (Haviltex). In reconventie vordering tot huurprijsvermindering vanwege de coronacrisis deels (12%) toegewezen. Vanaf 1 april 2021 geen
huurrecht bedrijfsruimte, Covid-19. Tussenvonnis, Huurachterstand. Ontbinding afgewezen. Onvoorziene omstandigheden. huurder krijgt gelegenheid nader bewijs te leveren wbt TVL< schade beperkende maartregelen, btw-aangiftes.
Huur bedrijfsruimte i.c. café. Verhuurder dient huurder vooralsnog 'korting' op de huurprijs te geven vanwege de verplichte horeca-sluiting door de corona-crisis. Zo wordt de 'pijn' niet alleen bij de huurder neergelegd.
is de Benzinewet van toepassing op de nieuwe overeenkomst tussen partijen waarin met de huurder/exploitant o.a. een agentuurovereenkomst wordt aangegaan
Huurecht; Vordering verhuurder tot beëindiging van de huurovereenkomst bedrijfsruimte; Opzeggingsgrond art. 7:296 lid 1 onder b (dringend persoonlijk/eigen gebruik); Belangenafweging art. 7:296 lid 3 BW
De atelierovereenkomst en museumovereenkomst zijn rechtsgeldig opgezegd door de gemeente Den Helder. Daarom kan in het midden blijven of sprake is van huur of gebruik. Indien sprake is van huur, dan is dit huur van bedrijfsruimte ex art. 7:230a BW en niet van middenstandsbedrijfsruimte of woonruimte
huur; kort geding; (permanente) ontruiming in verband met renovatie zonder voortzetting of terugkeer; (contractuele) gedoogplicht?
Bestuurdersaansprakelijkheid en concernaansprakelijkheid. Motiveringsklachten. Betekenis van stellingen die zijn aangevoerd in verband met een in hoger beroep niet-gehandhaafde grondslag voor aansprakelijkheid.
Huur bedrijfsruimte op Schiphol. Combinatie van concessie en huur. Ontruimingsbescherming. Mogelijkheid in verzoekschriftprocedure verklaringen voor recht te vragen. Kwalificatie van het gehuurde. Uitleg van de huurovereenkomst: is tussen partijen overeengekomen dat het einde van de concessieovereen
Huurrecht: artt.7:230a BW en 7:290 BW; doorbreking appelverbod van art. 7:230a lid 8 BW; kwalificatie armenhuisje als (aanhorige) bedrijfsruimte ex art. 7:290 lid 3 BW ?; in de gegeven omstandigheden geen sprake meer van connexiteit met nabijgelegen restaurant; art. 7:230a BW van toepassing op armen
Art. 81 lid 1 RO. Huurrecht. Opzegging huurovereenkomst bedrijfsruimte door curator van gefailleerde huurder; geldt deze opzegging ook de medehuurder? Hadden de huurders een gezamenlijke en ondeelbare vordering op de verhuurder? Veroordeling tot betaling van zowel achterstallige huurtermijnen als ov
Huurzaak.
Geschil verhuurder en huurder over verschuldigdheid contractuele boete. Verhuurder stuurt facturen waarop betalingstermijn is vermeld die afwijkt van de contractuele termijn. Naar het oordeel van het hof is geen nieuwe overeenkomst, tot stand gekomen, inhoudende dat de op de facturen vermelde betali
Vordering tot ontruiming van gehuurde parkeerplaats. Beoordeling verweer dat gehuurde parkeerplaats connexiteit vertoont met gehuurde woonruimte en dus het hierbij behorende beschermingsregime van toepassing is (vergelijk HR 14 oktober 1983, NJ 1984/253; HR 10 februari 2012, NJ 2012/434; connexiteit
Huur bedrijfsruimte. Door huurder gestelde afspraak tot huurverlaging met voorgaande verhuurder is niet komen vast te staan. Huurachterstand rechtvaardigt ontbinding en ontruiming. Terme de grâce.
Huur bedrijfsruimte. Vordering tot betaling van huurachterstand en boete. Uitleg boetebeding in algemene bepalingen bij de huurovereenkomst. De uitleg van het beding in de zin dat op de boete die minimaal verschuldigd is voor elke termijn die in die maand niet volledig is voldaan (ongeacht het totaa
Franchise. Dwaling omtrent prognose. Zorgplicht ten aanzien van begeleiding.
V.o.f. sluit, als huurder, huurovereenkomst. De oorspronkelijke vennoten treden uit. De huurovereenkomst wordt nadien ontbonden. Verhuurder spreekt eerst de voortzettende vennoten aan, maar later ook de uitgetreden vennoten. Uitgetreden vennoten blijven aansprakelijk voor de nakoming van de verbinte
Huur van bedrijfsruimte artikel 7:290 BW; verhuurder zegt huur op omdat hij het verhuurde (een restaurant) persoonlijk in duurzaam gebruik wil nemen en hij daartoe het verhuurde dringend nodig heeft; tegemoetkoming in verhuis- en herinrichtingskosten; bedrag dat verhuurder moet betalen indien later
Artikel 9.2 van de Algemene Bepalingen Huurovereenkomst Winkelruimte en andere bedrijfsruimte (model ROZ, juli 2003) wijkt niet ten nadele van de huurder af van het bepaalde in artikel 7:304 BW.
Huur bedrijfsruimte. Beroep op gezag van gewijsde. Brouwerij wordt geplaatst tussen verhuurder en huurder als nieuwe huurder/onderverhuurder. Contractsoverneming? Goed huurderschap?
Artikel 7:304 BW. Verzoekster verzoekt benoeming van een deskundige ex artikel 7:304 lid 2 BW. Verweerster stelt dat verzoekster niet ontvankelijk is in het verzoek omdat zij niet de in artikel 9.2 van de algemene bepalingen voorgeschreven route heeft gevolgd om tot toetsing van de huurprijs te kome
De termijn ex artikel 7:296 lid 2 BW is niet van toepassing indien een huurovereenkomst met een initiële looptijd van 10 jaar wordt opgezegd tegen het einde van die looptijd. Een stichting heeft de juridische eigendom van een complex (een gebouwde onroerende zaak). De economische eigendom van dit co
Huurrecht. Schoonheidssalon is in dit geval een 7:230a BW-bedrijfsruimte.
Verzoek ex artikel 7:230a BW. Tussen partijen is in geschil of de tussen Kuwait en de rechtsvoorganger van verweerder gesloten overeenkomst als huurovereenkomst dient te worden aangemerkt of als gebruiksovereenkomst. Ook is in geschil of sprake is van bebouwd of onbebouwd onroerend goed en of een on
"Huur bedrijfsruimte of free lance-overeenkomst? Vervolg van HR 13 februari 2009, LJN BF8925"
Huur bedrijfsruimte, art. 6:290 BW, art. 2301a BW, verlenging, meekleuren, fietsenstallingsarrest
Verzoekster huurt van verweerster een deel van het door verweerster gehuurde pand voor de exploitatie van een schoonheidssalon. Verweerster, die een kapsalon exploiteerd, heeft aan verzoekster de huur opgezegd, daar zij zelf een andere locatie heeft betrokken. Zij kan haar huurovereenkomst niet opze
Vervroegde onteigening ten behoeve van stadsvernieuwing; schadeloosstelling, berekening van jaarlijks te verwachten inkomensschade van huurder bedrijfsruimte als bedoeld in art. 7:290 BW; kostenvergoeding.
Herinrichting (sloop met vervangende nieuwbouw) van winkelcentrum. Verhouding artikel 7:296 BW tot artikel 7:220 BW bij dringend eigen gebruik. Misbruik renovatieclausule.
Huur van standplaats aan parkeerplaats heeft geen betrekking op gebouwde onroerende zaak. Terras met kiezels en tegels, op hoogovenslak, en voorzien van elektriciteitsaansluiting, ontbeert enig relevant bouwsel, ondanks tijdelijk geplaatste snackunit. Geen huurbescherming.
Huurrecht. Opzegging overeenkomst tot huur van bedrijfsruimte wegens dringend eigen gebruik; in aanmerking te nemen omstandigheden bij toepassing van art. 7:296 lid 1, aanhef en onder b, BW.
Huur bedrijfsruimte. Ontruimingsbescherming, ontvankelijkheid van een voorwaardelijk verzoek van de huurder op de voet van art. 7:230a BW. Procesrecht; niet-ontvankelijk zelfstandig verzoek dat in hoger beroep voor het eerst is gedaan; ontvankelijkheid cassatieberoep, vermelding in rekest van in hog
kantonzaak, huurrecht. Indeplaatstelling onder voorwaarden.
kantonzaak, huurrrecht. pedicure geen ambacht; geen art. 7:290 bedrijfsruimte. Niet elke wanbetaling staat verlenging in de weg.
Huurrecht. Geschil tussen verhuurster en huurster van bedrijfspand; nadere huurprijsvaststelling, ontvankelijkheid hoger beroep tegen beschikking van kantonrechter tot toewijzing van verzoek van de huurster ex art. 7:304 lid 2 BW tot benoeming deskundige, eindbeschikking?
Huurrecht. Is onbemand tankstation gebouwde onroerende zaak in zin van art. 7:290 BW? Geldt daarvoor dezelfde maatstaf als geldt voor gebouwde onroerende zaak in zin van art. 7:230a BW? Samenhang met ECLI:NL:HR:2026:553.
Verbintenissenrecht; huurrecht bedrijfsruimte. Is dit onbemande tankstation een ‘gebouwde onroerende zaak’ in de zin van art. 7:230a BW en/of art. 7:290 BW? Toepassing van HR 14 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:899 (Vliegveld Valkenburg).