Huurrecht. Verstoorde relatie tussen verhuurder en huurder. Beperking in de tijd van een eerder aan de verhuurder opgelegd omgevingsverbod. Handhaving van het opgelegde contactverbod. Huurder dient door haar zonder toestemming van verhuurder in de tuin geplaatst bouwwerk (dat wor
Burgerlijk Wetboek
Art. 7:221 BW
Genoemd in 26 uitspraken · Officiële wettekst
26 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Verbintenissenrecht. Schadestaatprocedure na veroordeling verhuurder tot vergoeding schade (onder)huurders na onterechte ontruiming. Gederfde huurinkomsten en winst. Verlies van bij ontruiming afgevoerde zaken.
huur woonruimte; logeerkamer is ingericht als seksruimte; is sprake van een tekortkoming die ontbinding rechtvaardigt? Beroepen vonnis bevat in strijd met artikel 230 lid 1 sub g Rv niet de naam van de rechter die het vonnis heeft gewezen.
Huurrecht. Verkoop en terughuur. Vorderingen tot ontbinding en ontruiming. Vraag of verhuurder contractueel afstand heeft gedaan van het recht op ontbinding. Tekortkomingen zijn van voldoende gewicht om ontbinding en ontruiming te rechtvaardigen.
Erfgenaam (eisende partij) van een overleden vastgoedeigenaar vordert onder meer ontruiming van een gedeelte van een voormalig kantoorpand, dat door de partner (gedaagde partij) van de vastgoedeigenaar wordt bewoond. De erfgenaam stelt dat de partner de woonruimte zonder recht of
Onderverhuurder Multi is niet tekortgeschoten in de nakoming van een onderhuurovereenkomst van een pand in Amsterdam-Zuid.
Verzoek om verlenging ontruimingsbescherming van een sloopterrein op grond van art. 7:230a BW wordt toegewezen. Verhuurder heeft onvoldoende onderbouwd waarom haar belang bij ontruiming een acuut belang is. Belangenafweging valt daarom in voordeel van huurder uit.
Partijen hebben een huurgeschil. Eiser vordert onder meer ontbinding van de huurovereenkomst, ontruiming van het gehuurde en betaling van achterstallige huur inclusief energiekosten, contractuele boetes, huurschade en herstel van (ruit)schade aan het gehuurde. Daar zijn gedaagden
Curaçao. Gebruik van een huis op huurgrond van de overheid. Maatschappelijke opvattingen.
Vordering tot ontbinding huurovereenkomst en ontruiming gehuurde. Eiseres (een woningbouwcorporatie) stelt dat gedaagde in strijd met de huurovereenkomst niet haar hoofdverblijf in het gehuurde (een woning) en/of dat zij de woning onderverhuurt, dan wel de woning geheel of gedeel
Huur woonruimte – huurachterstand. Geen ontbinding en ontruiming. Vordering ingesteld ten tijde van schuldsaneringstraject gemeente. Kantonrechter is anders dan woningbouwvereniging van oordeel dat huurschuld sinds de aanvraag schuldhulp niet is opgelopen. Woonbelang huurder grot
Tussenvonnis. Bewijsopdracht met betrekking tot prijafspraak huurprijs. Beroep op coronakorting en verrekening vanwege gebreken slaagt niet.
Geen verkrijging perceel grond door verjaring. Slechts houderschap. In ieder geval geen kenbaar bezit.
huurovereenkomst woonruimte; onrechtmatige inwoning van drie zoons en kleinzoon bij vader?; tekortkoming?; verzoek medehuurderschap ex art. 7:267 BW; duurzame gemeenschappelijke huishouding?; verjaring ex art. 3:306, 3:311 en 3:314 BW.
Huurgrond – weekendhuis Choloma – geen opstal vergoeding – toestemming verhuurder voor ingebruikgeving door huurder – houderschap – bezit -
Ontbinding huurovereenkomst. Geheel of gedeeltelijk in gebruik geven van het gehuurde en geen hoofdverblijf.
Huur van grond. Gemeente verleent aan sportvereniging toestemming tot plaatsing scorebord met sponsorreclame op de door haar van de Gemeente gehuurde grond. Gerealiseerd wordt een commerciële mast met reclame gericht op de snelweg zonder functionerend scorebord. Vijf jaar later v
Kort geding. Ontruiming wegens hennepdrogerij. Hoofdelijk aansprakelijk. Sloop gehuurde rechtvaardigt geen uitzondering op zero tolerance beleid.
Opzegging huurovereenkomst 7:230a-bedrijfsruimte de eerste tien jaar niet mogelijk vanwege een kwalitatiteve verplichting in de koopovereenkomst (art. 7:259 lid 1 sub a BW). Geen sprake van wanbetaling of 'andere wettige reden' om hiervan af te wijken.
Gevorderde ontbinding huuroverkomst wegens overlast toewijsbaar. Aan de tevens aan de vorderingen ten grondslag gelegde schending van de contractuele verplichtingen en strijd met de wet vanwege de bij de huurder aangetroffen spullen voor het opzetten van een hennepkwekerij komt d
Huurrecht. Onder(ver)huur. Schiet hoofdhuurder die onbevoegd is (geworden) tot onderverhuur tekort in de nakoming jegens zijn onderhuurder, of kan hij het genot van de zaak (nog) aan de onderhuurder verschaffen? Art. 7:201, 7:203 en 7:204 BW. Ontbinding op de voet van art. 6:80
Het betreft de vordering van de huurster (kunstenares) om een berging weer aan haar ter beschikking te stellen nadat zij die had afgestaan in verband met het uitvoeren van werkzaamheden. Geoordeeld wordt dat de berging deel uitmaakt van het gehuurde. Partijen hebben onderhandeld
Contractsoverneming.
beëindiging huurovereenkomst woonruimte met stallingsmogelijkheid paarden wegens dringend eigen gebruik als bedoeld in art. 7:274 lid 1 sub c BW.
Verzoek tot verlenging van de termijn waarbinnen ontruiming moet plaatsvinden toegewezen op grond van het belang van de onderhuuder.