Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Verbintenissenrecht; rentederivaat. Informatieverstrekking bij renteswap. Aan beroep op dwaling te stellen eisen; verschil met waarschuwingsplicht; bijzondere zorgplicht banken; HR 5 juni 2009, ECLI:NL:HR:2009:BH2815 (De T. / Dexia). Gevolgen van vernietiging; onge
Burgerlijk Wetboek
Art. 6:2 BW
Genoemd in 1.769 uitspraken · Officiële wettekst
1.769 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · cache
Relatievermogensrecht. Samenwoning zonder huwelijk, geregistreerd partnerschap of samenlevingscontract. Vrouw investeert geld in verbouwing woning van de man. Recht op vergoeding van de investering? Analoge toepassing van art. 1:87 BW? Gemeenschap in de zin van titel 3.7 BW? Ongerechtvaardigde verri
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Telefoonabonnement met ‘gratis’ telefoon; uitwerking van HR 13 juni 2014, ECLI:NL:HR:2014:1385, NJ 2015/477 (Lindorff/Statia). Voldoet ‘all-in prijs’ voor abonnement en toestel aan art. 7:61 lid 2 BW en art. 7A:1576 lid 2 BW? Ambtshalve beoordeling en zo nodig ambts
Verbintenissenrecht. Regresvordering op hoofdelijk medeschuldenaar verjaard? Art. 3:310 lid 1 BW van toepassing op regresvorderingen uit hoofde van art. 6:10 BW. Vijfjarige verjaringstermijn art. 3:310 lid 1 vangt niet eerder aan dan op de dag na die waarop de schadevordering opeisbaar is geworden,
-
Erfrecht. Aandeel in goed van de nalatenschap verbeurd wegens opzettelijke verzwijging van dat goed? Art. 3:194 lid 2 BW, vereisten. Vervalt de sanctie na inkeer? Vergelijking met art. 1:135 lid 3 BW (HR 4 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3475, NJ 2016/15). Stelplicht en bewijslast. Grenzen rechtsstri
Arbeidsrecht. Transitievergoeding bij ontslag wegens ziekte kort voor het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd; art. 7:673 lid 1 BW. Vraag of volledige vergoeding naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is; art. 6:2 lid 2 BW en art. 6:248 lid 2 BW. Dwingende wetsbepali
Arbeidsrecht. Wwz. Transitievergoeding oudere werknemers (art. 7:673a (oud) BW). Onregelmatige opzegging waardoor arbeidsovereenkomst net geen tien jaren heeft geduurd. Bestaat desalniettemin recht op de hogere transitievergoeding van art. 7:673a (oud) BW?
Arbeidsrecht. Ontzegging beroep werkgever op vervaltermijn art. 9 lid 3 BBA op grond van beperkende werking redelijkheid en billijkheid (art. 6:248 lid 2 BW). Terughoudende toetsing.
14 januari 2005 Eerste Kamer Nr. C03/167HR JMH/RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. KONINKLIJKE AHOLD N.V., gevestigd te Zaandam, 2. ALBERT HEIJN B.V., gevestigd te Zaandam, 3. GROOTVERBRUIK AHOLD B.V., gevestigd te Ede, Gelderland, 4. WIJNHANDEL GALL & GALL B.V., gevestigd te Nieu
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vermogensrecht. Financieel recht. Is vordering van een bank uit geldlening overdraagbaar aan een niet-bank? Art. 3:83 lid 1 BW. Inhoud gecedeerde vordering. Art. 6:142 en 6:144 BW. Zorgplichten bank. Zorgplichten niet-bank. Verweermiddelen schuldenaar (art. 6:145 BW
-
Cassatie in belang der wet. Koop. Ook aan particuliere verkoper komt jegens particuliere koper beroep toe op schriftelijkheidsvereiste art. 7:2 lid 1 BW. Medewerking aan schriftelijke vastlegging kan niet met rechterlijk vonnis worden afgedwongen. Vordering tot schadevergoeding evenmin toewijsbaar.
Prejudiciële vragen. Huurrecht woonruimte. Artikel 5 Bhw en onderdeel 9 van bijlage I sub A Bhw. Toepassing van woningwaarderingsstelsel in gevallen waarin WOZ-waarde van gehuurde niet bekend is of geen goed beeld geeft van waarde van gehuurde.
Verzekeringsrecht. Letselschade. Is art. 7:941 lid 5 BW (analoog) van toepassing bij WAM-aansprakelijkheid? Bewijsoordeel over vraag of eiseres als passagier in auto zat tijdens ongeval. Betekenis veroordelingen voor plegen/uitlokken van valsheid in geschrift en meineed voor het als bewijs dienen va
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Verbintenissenrecht; rentederivaat. Informatieverstrekking bij renteswap. Aan beroep op dwaling te stellen eisen; verschil met waarschuwingsplicht; bijzondere zorgplicht banken; HR 5 juni 2009, ECLI:NL:HR:2009:BH2815 (De T. / Dexia). Gevolgen van vernietiging; onge
Arbeidsrecht. Aanzegplicht bij arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd; aanzegvergoeding; art. 7:668 lid 1 en 3 BW. Vraag of beroep op verschuldigdheid aanzegvergoeding naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is in geval waarin werkgever mondeling heeft aangezegd in plaats van
Mallorcazaak. Uitgaansgeweld, o.m. openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen (art. 141 Sr) waardoor een slachtoffer (A) is overleden. Vordering benadeelde partij. 1. Groepsaansprakelijkheid, art. 6:166.1 BW. Is verdachte aansprakelijk voor schade die verband houdt met letsel van A? 2. Vord
Verbintenissenrecht. In het kader van onteigeningsprocedure door de Staat gedane toezegging tot aanleggen van brug. Volgens welke maatstaf dient te worden beoordeeld of de Staat gehouden is toezegging na te komen? Toepassing van ABRvS 29 mei 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1694? Art. 6:2 lid 2 BW.
-
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vermogensrecht. Financieel recht. Is vordering van een bank uit geldlening overdraagbaar aan een niet-bank? Art. 3:83 lid 1 BW. Inhoud gecedeerde vordering. Art. 6:142 en 6:144 BW. Zorgplichten bank. Zorgplichten niet-bank. Verweermiddelen schuldenaar (art. 6:145 BW
Arbeidsrecht. Werkgeversaansprakelijkheid. Mesothelioom. Beroep op verjaring (art. 3:310 lid 2 BW) naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar? HR 28 april 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5635, NJ 2000/430 (Van Hese/De Schelde). Betekenis van EHRM 11 maart 2014, nrs. 52067/10 en 41072/11,
Eisers vorderen een verklaring voor recht dat de Staat onrechtmatig heeft gehandeld jegens de weduwen en overige familieleden van de mannen die op 9 december 1947 door Nederlandse militairen zijn geëxecuteerd in Rawagedeh (Indonesië) en jegens de man die gewond is geraakt bij de executies. Daarnaast
Intellectuele eigendom. Auteurscontractenrecht. Vraag of beding onredelijk bezwarend is in de zin van art. 25f lid 2 Auteurswet; toetsing ex tunc; verhouding met art. 6:2 en 6:248 BW. Naburige rechten; art. 1 onder d Wet naburige rechten; vraag of deejay als fonogrammenproducent kan worden aangemerk
Vermogensrecht. Nalatenschap. Afgifte legaat. Verjaring vordering tot afgifte? Art. 3:306 BW en art. 3:313 BW. Beroep op verjaring naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar? Art. 6:2 lid 2 BW. Uitzonderlijk geval? HR 28 april 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5635.
Verzoek tot herstel (art. 31 Rv) dan wel aanvulling (art. 32 Rv) van HR 29 november 2019, ECLI:NL:HR:2019:1864 (zaken met nummers 18/02225, 18/02224, 18/02226 en 18/02236), omdat niet alle cassatiemiddelen zouden zijn behandeld.
Europees Aanbestedingsrecht Exceptio Pluris Litis Consortium Grossmann/rechtsverwerking (6:2 BW) Voldoende proactieve houding door stellen van vragen? Rechtsverwerking bij fundamentele gebreken? 2:163c Aw 2012.
Cassatie in het belang der wet. Vennootschapsrecht. Commanditaire vennootschap. Overtreding beheersverbod door commanditaire vennoot, art. 20 lid 2 WvK. Hoofdelijke aansprakelijkheid commanditaire vennoot? Strekking art. 21 WvK. HR komt gedeeltelijk terug van HR 15 januari 1943, NJ 1943/201.
-
Conclusie van staatsraad advocaat-generaal Snijders over de vraag welke gevolgen een geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel kan hebben. Het gaat dan specifiek om gevallen waarin het bestuursorgaan ondanks het gewekte vertrouwen aan andere, zwaarder wegende belangen voorrang geeft en er voor het
Cassatie in het belang der wet tegen een beslissing van het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg op grond van art. 75 Wet BIG. Heeft een patiënt recht op inzage in de bevindingen van een arts die in opdracht van (de aansprakelijkheidsverzekeraar van) het ziekenhuis – op basis van het medisc
Collectieve actie tegen Aegon over KoersPlan, VermogensPlan en FundPlan in de periode van 1989 tot en met 2004. Riav en ongeschreven rechtsnormen. Bijzondere zorgplicht? Onvoldoende voorlichting? Misleiding? Crashrisico. Fata morgana-effect. Wilsovereenstemming (hoogte van) kosten en overlijdensrici
Appelprocesrecht; devolutieve werking. Rechtspersonenrecht; vordering tot vernietiging van besluit tot statutenwijziging wegens strijd met eisen van redelijkheid en billijkheid (art. 2:15 lid 1, onder b, BW). In eerste aanleg bij wijze van verweer gedaan beroep op art. 3:53 lid 2 BW (geheel of gedee
Verbintenissenrecht. Procesrecht. Vordering tot schadevergoeding wegens tekortkoming afgewezen op de grond dat niet is gesteld of gebleken dat schuldenaar in gebreke is gesteld. Ten onrechte uitgegaan van door schuldenaar in memorie van antwoord aangevoerde stelling? Stelplicht schuldeiser. Hoor en
Prejudiciële procedure. Beleggingsverzekeringen. Derde Levensrichtlijn en nationale uitwerkingen, zoals RIAV 1994 en RIAV 1998. Verhouding tussen sectorspecifieke informatieplichten en privaatrecht. Hebben levensverzekeraars, door te voldoen aan informatieplichten uit Derde Levensrichtlijn en nation
Aanslag Utrechtse tramschutter. Procesverloop: perikelen rechtsbijstand. Terroristisch oogmerk. Straftoemeting: verweren oplegging levenslange gevangenisstraf. Beoordeling vorderingen benadeelde partijen (o.m. shock- en affectieschade) en beoordelingskader.
Procesrecht. Verjaring verschuldige dwangsommen krachtens art. 611g Rv; brief die in het kader van tussen partijen gevoerde onderhandelingen is verstuurd vormt geen stuitingshandeling in de zin van 3:317 BW; redelijkheid en billijkheid; tevergeefs beroep op art. 6:2 BW.
Relatievermogensrecht. Caribische zaak. Partijen hebben samengewoond en zijn nadien gehuwd geweest. Man vordert vergoeding van vrouw i.v.m. betalingen op lening waarvoor hypotheek op woning van vrouw rust. Hebben betalingen geleid tot vermogensverschuiving ten gunste van vrouw? Rente. Grondslag verg
Verbintenissenrecht. Zorgplicht financieel dienstverlener. Aansprakelijkheid bank voor beleggingsverlies. Causaal verband (condicio sine qua non-verband en toerekeningsverband) tussen verwijt aan de bank en de schade; art. 6:98 BW. Vergelijking met HR 23 december 2005, ECLI:NL:HR:2005:AU3713 (Safe H
Aansprakelijkheid van grondroerder voor graafschade. Onzorgvuldige voorbereiding en/of uitvoering van graafwerkzaamheden? Juiste toepassing van ECLI:NL:HR:2018:772? Miskenning van Richtlijn CROW 500 en gewicht van kelderluikfactoren? Csqn-verband. Juiste toepassing van omkeringsregel?
Contractenrecht. Samenwerking met betrekking tot ontwikkeling windmolenparken. In verband met verstrekken financiering door ene partij aan andere worden achtereenvolgens drie vaststellingsovereenkomsten gesloten. Beroep op directe en volledige opeising van al het verschuldigde in derde vaststellings
Relatievermogensrecht. Samenwoning zonder huwelijk, geregistreerd partnerschap of samenlevingscontract. Vrouw investeert geld in verbouwing woning van de man. Recht op vergoeding van de investering? Analoge toepassing van art. 1:87 BW? Gemeenschap in de zin van titel 3.7 BW? Ongerechtvaardigde verri
Deels collectieve actie tegen SRLEV (voorheen Reaal) over Verzekerd Hypotheek Fonds en Swiss Life Belegspaarplan, beleggingsverzekeringen van het type universal life. Ruimte voor aanvullende informatieplicht naast indirecte transparantie, met inachtneming Derde Levensrichtlijn en HvJEU (Nationale Ne
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vermogensrecht. Financieel recht. Is vordering van een bank uit geldlening overdraagbaar aan een niet-bank? Art. 3:83 lid 1 BW. Inhoud gecedeerde vordering. Art. 6:142 en 6:144 BW. Zorgplichten bank. Zorgplichten niet-bank. Verweermiddelen schuldenaar (art. 6:145 BW
“Voorhuwelijks alimentatie-nihilbeding is nietig. Art. 400 lid 2 BW is in beginsel ook van toepassing op levensonderhoud jegens ex-echtgenoot. Is vervolgens het beroep op de nietigheid van het nihilbeding onaanvaardbaar? In dit geval geoordeeld dat, gelet op de omstandigheden, het beroep op nietighe
Personenvennootschap. Verjaring. Stuiting van verjaring vordering op vof en haar vennoten. Afzonderlijke stuiting nodig? Uitleg van jegens vof afgelegde stuitingsverklaring.
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Verplichting tot voorzetting onderhandelingen? Onvoorziene omstandigheden. Eisen van redelijkheid en billijkheid. Verhouding tussen art. 6:248 BW en art. 6:258 BW. Grenzen van de rechtsstrijd. Ontoelaatbare verrassingsbeslissing?
pensioenrecht; nabestaandenpensioen; opbouw of risico? ; wijziging pensioenreglementen; welbewuste instemming; verjaring
mesothelioom, beroep op verjaring naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar?
Vervolg op HR 21 mei 2010, nr. 08/04726, LJN BL5447. Geding in cassatie geldig geschorst? Indien verweerder is verschenen leidt niet-inachtneming betekeningsvoorschriften slechts tot nietigheid in geval van onredelijke benadeling. Sterk persoonlijk belang bij vorderingen niet voldoende om te kunnen
- Huurovereenkomst woonruimte voor bepaalde tijd. Huurprijswijzigingsbedingen en kostenbeding oneerlijk? Indexatiebeding en opslagbeding van maximaal 5%. Incasso- en proceskostenbeding. Artikel 3 lid 1 Richtlijn 93/13/EEG. Wetsartikelen: 6:2 BW, 6:231 e.v. BW, 237 Rv.
Pensioenrecht. Verjaring (art. 3:308 BW). Tijdstip opeisbaar worden premievordering bedrijfstakpensioenfonds. Art. 26 Pw. Vervolg op HR 9 april 2021, ECLI:NL:HR:2021:527.
Zaak na verwijzing ECLI:NL:HR:2021:1527; huwelijksvermogensrecht; art. 1:102 BW; Dozy-clausule; subrogatie; beperkende werking redelijkheid en billijkheid.
Aansprakelijkheidsrecht. Overheidsprivaatrecht. Verjaring. Toezichthoudersaansprakelijkheid. Aansprakelijkheid van adoptiebemiddelingsorganisatie wegens onjuiste en onvolledige gegevens over afkomst en achtergrond van geadopteerde bij adoptie uit Sri Lanka in jaren ’90? Mede aansprakelijkheid van de
Rechtspersonenrecht. Verbintenissenrecht. Coöperatie. Art. 2:60 BW. Art. 2:8 BW. Art. 6:119a BW. (Terug)betaling van transactiesom. Vergoeding van geleverde melk. Wettelijke handelsrente. Samenhang met 22/03229.
Uitleg overeenkomst. Opeisbaarheid. Waarheidsplicht. Verzwaarde motiveringsplicht.
Samenwoners zonder samenlevingsovereenkomst. Vergoedingsrecht inbreng in gemeenschappelijke woning. Verjaring.
Verbintenissenrecht. Vordering van saunaclub tot herstel bankrelatie (bankrekening en storten contant geld) na opzegging wegens o.m. witwasrisico. Contractsvrijheid; maatschappelijke positie banken; belang bankrekening in maatschappelijk verkeer; art. 4:71f Wft; belangenafweging.
Beleggingsverzekering collectieve procedure over Vermogensgroeiplan polissen en OpmaatVerzekeringen. informatieverstrekking en voorlichting door Achmea, aanvullende zorgplicht Achmea. Toetsingskader in het licht van Hof van Justitie EU jurisprudentie.
Huwelijksgoederenrecht. Verdeling van huwelijksgoederengemeenschap. Motiveringsklacht.
Schadevergoeding; verjaring. Vaststellingsovereenkomst met voorbehoud voor bepaalde toekomstige schade. Voorwaardelijke vordering? Aanvullen van rechtsgronden. Verjaring o.g.v. art. art. 3:307 lid 2 BW; aanvangsmoment. Bewijs dat voldaan is aan voorwaarde in voorbehoud, ondanks verloren gaan cruciaa
Ondernemingsrecht (Curaçao). Rechtsverwerking m.b.t. verzoek om enquête te gelasten? Vereisten. Kapitaalseis van art. 2:272 BWC (art. 2:346 BW); HR 11 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:905, NJ 2014/296 (Slotervaartziekenhuis). Tevoren uiten van schriftelijke bezwaren (art. 2:273 BWC, art. 2:349 BW). Verh
30-jarige verjaringstermijn. Aansprakelijkheid werkgever. Blootstelling aan asbest tijdens werk op scheepswerf in de jaren 1952-1964. Mesothelioom, causaal verband. Gezichtspunten uit HR 28 april 2000, NJ 2000, 430. Derogerende werking redelijkheid en billijkheid. AVB-verzekeraar.
Onrechtmatige overheidsdaad. Aansprakelijkheid gemeente voor geven van onjuiste of onvolledige inlichtingen aan belanghebbende? Hoge Raad doet zelf de zaak af.
IB 2001; artikel 6:10, lid 1, BW; resultaat uit overige werkzaamheden; verlies op regresvordering op BV; invloed van omslag op andere hoofdelijk aansprakelijken (artikel 6:13 BW).
Conclusie AG. Medeplegen doodslag (art. 287 Sr) en verschillende diefstallen (art. 310/311 Sr). Middel 1 en 2: bewijsklachten over medeplegen doodslag en opzet op de dood i.v.m. vaststellingen die over de geweldinwerking op het hoofd van het slachtoffer zouden ontbreken. Deze middelen falen volgens
Mallorcazaak. Zinloos en excessief uitgaansgeweld door groep Nederlandse jongeren tegen twee andere groepen Nederlandse jongeren op het Spaanse eiland Mallorca. Veroordeling voor medeplegen van poging tot zware mishandeling en voor het openlijk in vereniging geweld plegen tegen in totaal zeven perso
WHOA, verzoek ex artikel 378 Fw van de herstructureringsdeskundige, duiding aspecten die van belang zijn voor het tot stand brengen van een akkoord
Afstand van alimentatie bij huwelijks voorwaarden nietig. Is nietigheid naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar? Vrouw heeft ondubbelzinnig afstand gedaan van haar recht op alimentatie. Advocaatkosten in strafzaak en tandartskosten vallen onder het begrip kosten huishouding va
Huur bedrijfsruimte, horeca. Huurachterstand. Verweer/eis in reconventie: vermindering huurprijs vanwege de huidige coronacrisis. Beroep op 7:203 BW, 7:204 BW, 6:258 BW, 6:75 BW, 6:2/6:248 BW. Wijziging huurovk onvoorziene omstandigheden. Huurprijs 50/50.
Vordering van de vader en zus van de in 1992 in Zaandam om het leven gebrachte M. Beroep op verjaring. Toetsend aan de criteria van het Hoge Raad arrest De Schelde/Van Hese komt de rechtbank tot het oordeel dat het in dit geval gaat om een uitzonderlijk geval en dat het beroep op verjaring onaanvaar
asbestzaak; wergeversaansprakelijkheid ex art. 7:658 BW voor ziekte mesothelioom van werknemer a.g.v. blootstelling aan asbest? vordering verjaard o.g.v. art. 3:310 lid 2 BW; geen uitzondering daarop o.g.v. art. 6 EVRM/art. 3:310 lid 4 BW/of art. 6:2 BW
Onrechtmatige daad. Verjaring vordering op grond van gevoerd voogdijbewind, art. 1:377 (oud) BW. Overgangsrecht, art. 73 Ow NBW en Invoeringswet Boeken 3, 5 en 6 NBW. Gronden voor verlenging? Vertegenwoordiging en bewind, art. 3:321 lid 1, aanhef en onder b en c, en lid 2 BW. Opzettelijk verborgen h
Opzegging van de erfpacht wegens ernstige tekortkoming in de nakoming van de verplichtingen van erfpachter door exploitatie hennepkwekerij. Samenloop art. 5:87 lid 2 BW en 5:99 BW. Recht van erfpacht/benoeming deskundige
30-jarige verjaringstermijn. Aansprakelijkheid werkgever. Blootstelling aan asbest tijdens werk op scheepswerf in de jaren 1950-1964. Mesothelioom, causaal verband. Gezichtspunten uit HR 28 april 2000, NJ 2000, 430. Derogerende werking redelijkheid en billijkheid.
Onwaardigheid; art. 4: 3 lid 1 sub b BW; art. 1: 100 lid 1 BW; art. 3: 166 lid 3 BW; art. 6:2 Bw.
Relatievermogensrecht. Afwikkeling affectieve relatie tussen informeel samenlevenden. Vergoedingsrecht bij aflossing lening t.b.v. gemeenschappelijke woning uit privé-vermogen? Eenvoudige gemeenschap. Stelplicht verjaringsverweer. Uitleg grieven.
Verbintenissenrecht; procesrecht; opzegging duurovereenkomsten, afwikkeling relatie, causaal verband tekortkomingen en onrechtmatige daad en schade, toepassing HR 2 februari 2018, ECLI:NL:HR:2018:141, NJ 2018/98 (Goglio/SMQ Groep); grenzen rechtsstrijd
Procesrecht. Gezag van gewijsde. Beperkende werking redelijkheid en billijkheid. Ontslag(besluit) inzake stichtingbestuurder.
Het geschil draait om informatiebeschikkingen ziende op eventuele niet (volledig) aangegeven buitenlandse bankrekeningen. Rechtmatigheid en reikwijdte van de informatiebeschikkingen. Kunnen belanghebbenden vertrouwen ontlenen aan de ‘Handreiking wet Dezentjé’ die naar aanleiding van een WOB-verzoek
Vorderingen in adoptiezaak tegen de Staat en Stichting Kind en Toekomst verjaard De rechtbank heeft vandaag uitspraak gedaan in de zaak van een vrouw die in 1992 is geadopteerd uit Sri Lanka tegen de Staat en de Stichting Kind en Toekomst, de destijds betrokken bemiddelingsorganisatie. De rechtbank
Insulinezaak. De verdachte is onder meer veroordeeld voor vier moorden, zeven pogingen tot moord en één poging tot doodslag, De verdachte heeft deze levensdelicten gepleegd door bij de slachtoffers ten onterechte (te veel) insuline toe te dienen. De slachtoffers waren allen (hoog)bejaard en leden aa
Vrijwaringszaak ten opzichte van de hoofdzaak 17/02787. Erfrecht. Beroepsaansprakelijkheid notaris jegens echtgenote van erflater. Vordering notaris jegens (stief)kinderen erflater tot vrijwaring, op grond van ongerechtvaardigde verrijking dan wel onrechtmatige daad van de (stief)kinderen. Afwijzing
De rechtbank stelt prejudiciële vragen aan de Hoge Raad (artikel 392 Rv) naar aanleiding van het beroep op dwaling met betrekking tot een met een bank overeengekomen rentederivaat. De vragen zien op de omvang van mededelingsplicht van artikel 6:228 lid 1 onder b BW (verhouding tot HR 5 juni 2009, EC
De rechtbank stelt prejudiciële vragen aan de Hoge Raad (artikel 392 Rv) naar aanleiding van het beroep op dwaling met betrekking tot een met een bank overeengekomen rentederivaat. De vragen zien op de omvang van mededelingsplicht van artikel 6:228 lid 1 onder b BW (verhouding tot HR 5 juni 2009, EC
Door verkrijgende verjaring van een strook grond staat de coniferenhaag (feitelijke erfafbakening) thans op de juridische erfgrens. Iedere eigenaar mag verlangen dat een scheidsmuur wordt opgericht voor gezamenlijke rekening van de eigenaren. Vonnis vernietigd. Vorderingen alsnog toegewezen.
WWZ-zaak. Transitievergoeding. De in de Cao van NN opgenomen premievrije opbouw van het pensioen bij arbeidsongeschiktheid is niet een gelijkwaardige voorziening als bedoeld in artikel 7:673 b lid 1 BW. Geen ongerechtvaardigde verrijking en geen strijd met artikel 6:2 lid 2 BW.
Geldlening en renteswap bij verschillende banken van hetzelfde concern. Afzonderlijk te beoordelen rechtsverhoudingen. Verwerking van het recht zich te weren tegen opslagen op de rente onder de geldlening. Deels verjaring van de verwijten over de swap.
Werkgeversaansprakelijkheid. Erven van aan mesothelioom overleden werknemer stellen werkgever aansprakelijk. Beroep op verjaring naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar (uitgebreide toetsing aan de door de Hoge Raad in het arrest Hese/De Schelde vermelde gezichtspunten). Smart
Asbest, mesothelioom, doorbreking verjaring.
Asbestzaak. Geschil tussen aansprakelijkheidsverzekeraar van een (niet meer bestaande) werkgever en de erfgename van een oud-werknemer over werkgeversaansprakelijkheid op grond van art. 7:658 BW wegens blootstelling van deze werknemer aan asbeststof in de periode januari 1952 tot juni 1964. In het l
Art 7:658 lid 4 BW ziet mede op vrijwilligerswerk.
-
Zaak waarin een persoon op naam van een ander een WAM-verzekering afsluit voor een auto waarvan die persoon feitelijk eigenaar, althans bestuurder is, de verzekeringspremies voldoet en aldus direct belanghebbende is bij die verzekering, terwijl vaststaat dat zij die zelf niet kon afsluiten. Het hof
Onrechtmatige daad. Schade aan naastgelegen pand door plaatsing afzinkkelder. Inbreuk op een recht? Maatschappelijk onzorgvuldig gehandeld?
Bank beëindigt relatie met vennootschap en haar bestuurders op grond van artikel 35 ABV en artikel 5 lid 3 Wwft. Artikel 2 lid 2 ABV en artikel 3 ABV zijn niet onredelijk bezwarend; vordering tot vernietiging afgewezen. Opzegging bankrelatie op grond van artikel 5 lid 3 Wwft en/of op grond van grove
Art. 79 en 83 Rv. Verplichte procesvertegenwoordiging: schriftelijke stukken moeten worden geschreven door een advocaat en niet door een partij. Wet verevening pensioenrechten: verevening of conversie overeengekomen in echtscheidingsconvenant?
zaaknummer / rolnummer: C/09/594910 / HA ZA 20-600 (ECLI:NL:RBDHA:2021:12781) en zaaknummer / rolnummer: C/09/585234 / HA ZA 19-1286 (ECLI:NL:RBDHA:2021:12780 en ECLI:NL:RBDHA:2021:5308) Uitspraken in zaken interlandelijke adoptie Vandaag heeft de rechtbank uitspraak gedaan in twee zaken die gaan ov
Huwelijksvermogenrecht. Procesrecht. Beperkende werking redelijkheid en billijkheid t.a.v. uitoefening vergoedingsrechten. Ambtshalve bijgebrachte grond en dus strijd met art. 24 Rv? Miskenning stelplicht en bewijslast m.b.t. beperkende werking? Wel en niet relevante feiten en omstandigheden.
Afwikkeling vermogen ex-samenlevenden. Wie is gerechtigd tot saldo en/of-rekening? Stilzwijgende overeenkomst om spaarsaldo gemeenschappelijk te laten zijn. Vergoedingsvorderingen wegens inbreng in woning verjaard.