Overschrijding redelijke termijn (ORT). Art. 6 EVRM. Art. 13 EVRM. Stelplicht ter zake van immateriële schade bij schadevordering wegens ORT. HR 11 januari 2013, ECLI:NL:HR:2013:BX8360. Dient vordering wegens ORT in civiele procedure te worden ingesteld in een afzonderlijke proce
Burgerlijk Wetboek
Art. 5:78 BW
Genoemd in 153 uitspraken · Officiële wettekst
153 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Burengeschil over erfdienstbaarheden m.b.t. het gebruik van een tussen hun panden gelegen gang, spiegelbeeldigheid van erfdienstbaarheden, onmogelijkheid tot uitoefening van erfdienstbaarheid na uitbouw van beide panden waardoor de gang is volgebouwd; opheffing erfdienstbaarheid;
Goederenrecht. Erfdienstbaarheden. Erfdienstbaarheid van weg ten behoeve van perceel waarop thans een schoolgebouw is gevestigd, dat mede gelegen is op een aan het heersend erf grenzend perceel. Omvat de erfdienstbaarheid ook gebruik ten behoeve van dit aangrenzend perceel? HR 31
Opheffing/wijziging erfdienstbaarheid. Wegens wijziging inrichting heersend erf en verzwaring uitoefening onvoorziene omstandigheden aanwezig die wijziging rechtvaardigen.
Uitleg van een erfdienstbaarheid van overpad; verzoek om opheffing dan wel wijziging.
Geschil over opheffing erfdienstbaarheden van weg in een centrumgebied in Plaats. Gedaagde is eigenaar van een perceel; eiser (de Gemeente) is (inmiddels) eigenaar van de naastgelegen percelen. De erfdienstbaarheden zijn ten gunste van gedaagde gevestigd op een perceel van de Gem
Artikel 5:79 BW bepaalt dat de rechter een erfdienstbaarheid kan opheffen indien de eigenaar van het heersende erf geen redelijk belang bij de uitoefening meer heeft en niet aannemelijk is dat het redelijk belang daarbij zal terugkeren. Over dit wetsartikel heeft de Hoge Raad in
Goederenrecht. Erfdienstbaarheid. Opheffing door rechter (art. 5:79 BW); ontbreekt redelijk belang bij uitoefening erfdienstbaarheid? Motivering dat sprake is van erfdienstbaarheid; onverenigbaarheid tussen de overwegingen in de uitspraak van het hof en het dictum?
Goederenrecht. Erfdienstbaarheden. Erfdienstbaarheid van weg ten behoeve van perceel waarop thans een schoolgebouw is gevestigd, dat mede gelegen is op een aan het heersend erf grenzend perceel. Omvat de erfdienstbaarheid ook gebruik ten behoeve van dit aangrenzend perceel? HR 31
erfdienstbaarheid; opheffing?; erfgrens; schadevergoeding
Kort geding. Vordering tot verwijdering van een paaltje die de doorgang voor auto’s blokkeert toegewezen. Aangenomen wordt dat sprake is van een buurweg in de zin van art. 719 (oud) BW.
Burenrecht. 5:79 BW. Opheffing erfdienstbaarheid. Redelijk belang bij handhaving erfdienstbaarheid. Voorwaarde verbonden aan opheffing van de erfdienstbaarheid.
Erfdienstbaarheid. Opheffing wegens ontbreken van redelijk belang (art. 5:79 BW). Aard van die maatstaf en verhouding tot misbruik van bevoegdheid (art. 3:13 BW). Hernieuwd onderzoek naar de totstandkomingsgeschiedenis van art. 5:79 BW en andere onderdelen van titel 6 van Boek 5
Opheffing erfdienstbaarheid (artikel 5:79 BW); uitleg notariële akte; geen misbruik van bevoegdheid en redelijk belang bij uitoefening erfdienstbaarheid.
Erfdienstbaarheid van overpad en waterafvoer. Zijn de erfdienstbaarheden teniet gegaan door non-usus (artikel 754 BW oud)? Moeten de erfdienstbaarheden worden opgeheven (5:78, 5:79 BW)? Verklaring voor recht over de inhoud van de erfdienstbaarheden.
Geschil erfdienstbaarheden van weg. Opheffing, verlegging of wijziging afgewezen. Onder Oud BW geen verkrijging door verjaring wegens ontbreken bezit. Ook daarna geen ondubbelzinnig bezit.
Erfdienstbaarheid van weg. Vordering in conventie tot opheffing erfdienstbaarheid op grond van artikel 5:78/5:79 BW afgewezen. Vordering in reconventie tot herstel van de weg in oude staat afgewezen.
Erfdienstbaarheid; wijziging wegens algemeen belang (art. 5:78 sub b BW); wijzigingsvonnis uitvoerbaar bij voorraad; tijdstip wijziging; overdracht heersend erf hangende hoger beroep; ontvankelijkheid oorspronkelijk eigenaar; grenzen rechtsstrijd; schadeloosstelling (art. 5:81 BW
Burengeschil onder meer over de ligging van de eigendomsgrens tussen twee buurpercelen en over een erfdienstbaarheid van het hebben van licht en uitzicht.
Geschil over de erfgrens en het gebruik van de reed. Beroep op bevrijdende verjaring. Opheffing erfdienstbaarheid ex artikel 5:78 BW. Beroep op 5:79 BW.
Partijen zijn in geschil of erfdienstbaarheid mag worden gebruikt voor autoverkeer. Uitleg van reikwijdte erfdienstbaarheid mede aan de hand van objectief kenbare omstandigheden bij vestiging. In deze uitleg betrekken de inrichting van de percelen waarop de erfdienstbaarheid rust
Goederenrecht. Erfdienstbaarheid van weg. Na verwijzing. HR 8 september 2017, ECLI:NL:HR:2017:2270. Geen onvoorziene omstandigheden waardoor ongewijzigde instandhouding van de erfdienstbaarheid niet van dienend erf kan worden gevergd.
Twee in elkaar ‘tandende’, in 1989 kadastraal gesplitste, woningen. Diverse strijdigheden met het burenrecht. Nieuwe grensoverschrijdende dakopbouw gelegaliseerd door aanvaarding van uit verschillende aktes af te leiden derdenbeding, oudere strijdigheden met het burenrecht door e
Maakt de eigenaar van het heersend erf misbruik van recht in de zin van artikel 3:13 BW door zich jegens de Provincie te beroepen op twee erfdienstbaarheden (uitzicht en uitweg), om daarmee de (althans een bepaalde wijze van) aanleg van een openbare weg (een rotonde met aan- en a
Inhoud van erfdienstbaarheid. Vordering tot opheffing erfdienstbaarheid op grond van art. 5:79 BW (ten onrechte door rechtbank gezien als vordering ex art. 7:78 BW) wordt afgewezen. Toepasselijke wetsartikelen: 5:56, 5:79 BW