Overbouw. Verhouding tussen bijzondere regel van art. 5:54 BW en misbruik van bevoegdheid (art. 3:13 BW). Samenloop. Geen exclusiviteit.
Burgerlijk Wetboek
Art. 5:54 BW
Genoemd in 253 uitspraken · Officiële wettekst
253 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Goederenrecht. Erfdienstbaarheid; legalisering gepleegde overbouw; begrip grove schuld uit art. 5:54 lid 3 BW; fout van architect; misbruik van bevoegdheid, art. 3:13 BW.
Vordering ongedaanmaking overbouwing toegewezen, geen misbruik van recht. Verzoek tot schorsing geding ex art. 225 lid 1 onder c Rv. afgewezen, gezien belangen benadeelde.
Gedaagde heeft grensoverschrijdend gebouwd en dient over te gaan tot verwijdering.
31 oktober 2003 Eerste Kamer Nr. C01/252HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [eiser 1], 2. [eiseres 2], beiden wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, advocaat: mr. T.H. Tanja-van den Broek, t e g e n 1, [verweerder 1], 2. [verweerster 2], beiden wo
Caribische zaak (Sint Maarten). Verzuim te beslissen over verklaring voor recht dat sprake is van onrechtmatig handelen en schadeplichtigheid? Goederenrecht, onrechtmatige daad.
Art. 81 lid 1 RO. Burenrecht. Overbouw; legalisering door vestiging erfdienstbaarheid; art. 5:54 lid 1 BW. Kan de eigenaar die de overbouw tot stand heeft gebracht, kwade trouw of grove schuld in de zin van art. 5:54 lid 3 BW worden verweten?
Burenrecht. Burgerlijk procesrecht. Vordering ongedaanmaking overbouw. Verzoek tot schorsing geding ex art. 225 lid 1, onder c, Rv. Misbruik van bevoegdheid (art. 3:13 BW). Legalisering overbouw (art. 5:54 lid 1 BW). Grove schuld of kwade trouw ex art. 5:54 lid 3 BW.
Overbouw. Verhouding tussen bijzondere regel van art. 5:54 BW en misbruik van bevoegdheid (art. 3:13 BW). Samenloop. Geen exclusiviteit.
Burenrecht; amotie; legalisering van overbouw (art. 5:54 lid 1 BW); toestemming rechtsvoorganger voor overbouw (art. 5:54 lid 3 BW); kwade trouw en grove schuld (art. 5:54 lid 3 BW); passeren bewijsaanbod; misbruik van eigendomsrecht (art. 3:13 BW)
Burenrecht; appartementseigenaar vordert verwijdering nieuwbouw; ‘grenslijn’ in de zin van art. 5:50 lid 1 BW; uitvoerbaarverklaring bij voorraad
Burenrecht. De eigenaar van een woning heeft een uitbouw gerealiseerd met gebruikmaking van de buitenmuur van de woning van de buurman met een beroep op een erfdienstbaarheid op grond waarvan dit zou zijn toegestaan. Uit de notariële akte van levering van de buurwoning door de pr
Eiser en gedaagden zijn buren. Gedaagde hebben hun schutting en beukenhaag gedeeltelijk over de erfgrens geplaatst, en daarmee op de grond van eisers. De vorderingen van eisers om die te verwijderen, zullen worden toegewezen. De ook over de erfgrens gebouwde carport en een boom b
vervolg van (onder andere) 25 september 2018, ECLI:NL:GHAMS:2018:3490. Beslissing over eigendom van stukje grond na uitlating door ex art. 118 Rv in het geding geroepen partij. Bespreking van een aantal burenrechtelijke vorderingen, waarvan een deel voor het eerst in appel ingest
Burenrecht. Appartementencomplex gebouwd op steeg die bij een buurperceel behoort. Verjaring? Vordering tot afbraak na belangenafweging in kort geding afgewezen.
procedure na verwijzing Hoge Raad. Bouwen over de helft van mandelige muur niet toegestaan. Vordering tot verwijdering muur toegewezen.
Reikwijdte van het recht op gebruik van de ruimte boven de grond door de eigenaar van de grond (art 5:21 BW)
Civiel, verklaring voor recht dat sprake is van onrechtmatige overbouw, onrechtmatigheid geleden schade, onrechtmatige plaatsing, schadevergoeding, verjaringstermijn, nakoming van haar ontruimingsverplichting.
Appellant heeft een perceel gekocht, waarbij de rechtsvoorganger voor 6,4 m² op het perceel van geïntimeerde heeft gebouwd. In een bodemprocedure is de rechtsvoorganger veroordeeld om die overbouwing ongedaan te maken. De rechtsvoorganger heeft daaraan geen gevolg gegeven. In kor
Op ca 6,4 m² van het perceel van geïntimeerde is gebouwd. In een bodemprocedure is de appellant veroordeeld de overbouwing ongedaan te maken. Aan die veroordeling heeft appellant geen gevolg gegeven en hangende de bodemprocedure heeft hij zijn perceel met nieuwbouw aan een derde
Vordering tot amotie van overbouw. Houten schuur blijikt gedeeltelijk op het perceel van de buren te zijn gebouwd. 70 centimeter over een lengte van 9 meter. Vordering tot verwjdering levert geen misbruik van recht op. Verwijdering is niet onoverkomelijk kostbaar en lijkt ook bou
Burengeschil; erfgrens. Gedaagde is bij de bouw van een bedrijfspand bewust van de vergunning afgeweken en heeft hij ervoor gekozen geen kadastrale inmeting te laten plaatsvinden, ook al waren de erfgrenzen op het indertijd nog braakliggende terrein visueel niet zichtbaar. Daarme
Burengeschil. Erfgrensoverschrijding door aanbouw van de ene buur. Dient de aanbouw te worden afgebroken voor zover sprake is van overbouw? Toepassing artikel 5:54 lid 1 BW. Schadevergoeding?
Erfdienstbaarheid; wijziging wegens algemeen belang (art. 5:78 sub b BW); wijzigingsvonnis uitvoerbaar bij voorraad; tijdstip wijziging; overdracht heersend erf hangende hoger beroep; ontvankelijkheid oorspronkelijk eigenaar; grenzen rechtsstrijd; schadeloosstelling (art. 5:81 BW
Overbouw op het perceel van de buren. Vordering tot overdracht van het betrokken perceelgedeelte of vestiging erfdienstbaarheid op grond van artikel 5:54 lid 1 BW. Grove schuld/kwade trouw in de zin van artikel 5:54 lid 3 BW. Geen misbruik van eigendomsrecht van de buren om verwi