Art. 81 lid 1 RO. Goederenrecht. Erfdienstbaarheid van overpad (over steegje buurperceel). Verkrijging door verjaring op grond van art. 3:105 BW in verbinding met art. 3:306 BW? Bezit? Bezitsdaden? Behelst art. 3:119 lid 2 BW een uitzondering op art. 3:109 BW?
Burgerlijk Wetboek
Art. 5:42 BW
Genoemd in 359 uitspraken · Officiële wettekst
359 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
(Mede)eigendom boom; art. 5:20 lid 1, onder f, BW. Omstandigheid dat de stam verenigd is met de grond van beide erven brengt mee dat de boom toebehoort aan de eigenaren van beide erven gezamenlijk. Dit geldt ook voor bomen die ooit geplant zijn in de grond van het ene perceel maa
Door verkrijgende verjaring van een strook grond staat de coniferenhaag (feitelijke erfafbakening) thans op de juridische erfgrens. Iedere eigenaar mag verlangen dat een scheidsmuur wordt opgericht voor gezamenlijke rekening van de eigenaren. Vonnis vernietigd. Vorderingen alsnog
Deskundigenkosten ten behoeve van partijdeskundigenrapport (door de oorspronkelijke gedaagde in conventie/eiser in reconventie gemaakt) vallen niet onder art. 6:96 lid 2 sub b BW (indien daarnaast geen – andere - wettelijke verplichting tot schadevergoeding bestaat) en evenmin on
---
Vermogensrecht. Burenrecht. Kwalitatieve verplichting. Burengeschil over beplanting op erf. Uitleg verplichting in notariële akte dat heg niet hoger zal worden dan 1,50 meter. Door grieven ontsloten gebied.
Vermogensrecht. Burenrecht. Kwalitatieve verplichting. Burengeschil over beplanting op erf. Uitleg verplichting in notariële akte dat heg niet hoger zal worden dan 1,50 meter. Grenzen van de rechtsstrijd. Misbruik van eigendomsrecht.
art. 5:42 BW, geen misbruik van eigendomsrecht, geen verjaring vorderingsrecht, geen verkrijgende verjaring erfdienstbaarheid
Burenzaak; artikelen 5:37 en 5:42 BW in verband met (woekerende) bamboe.
Art. 81 lid 1 RO. Rechtspersonenrecht. Burenrecht. Onrechtmatige daad. Art. 5:37 BW en art. 5:50 BW. Hinder. Betekenis bestemmingsplan. Bevel tot sloop met boete op grond van boetebepaling in statuten. Nietigheid Huishoudelijk reglement. Devolutieve werking hoger beroep.
Vervolg van tussenarrest 17 maart 2015. Art. 5:42 BW. Verjaringstermijn van vordering tot verwijdering van bomen op naburig erf begint pas als die bomen hoger reiken dan de scheidsmuur, niet op tijdstip van plaatsen van die bomen.
Burenrecht. Definitie boom.
Eiser en gedaagden zijn buren. Gedaagde hebben hun schutting en beukenhaag gedeeltelijk over de erfgrens geplaatst, en daarmee op de grond van eisers. De vorderingen van eisers om die te verwijderen, zullen worden toegewezen. De ook over de erfgrens gebouwde carport en een boom b
Burenruzie. De schutting is over de erfgrens geplaatst. Beroep op misbruik van bevoegdheid slaagt. Bomen, heesters en heggen hoeven niet verwijderd te worden.
Incident ex artikel 351 Rv. Tussenarrest. Vordering tot schorsing van de uitvoerbaarheid bij voorraad ten aanzien van het verbeuren van de dwangsommen totdat op het hoger beroep is beslist wordt afgewezen. Belangenafweging.
Burenrecht. Eigenaar van de overhangende takken wordt op grond van artikel 6:162 BW veroordeeld tot het verwijderen van de overhangende takken. Artikel 5:44 BW biedt op zichzelf en zonder meer geen grond om de eigenaar van de overhangende takken tot verwijdering te veroordelen. V
Inhoudsindicatie volgt
Burenrecht. Artikelen 5:42 en 5:44 BW. Verwijdering beplanting, waaronder ook van die beplanting overhangende takken en daarvan doorgeschoten wortels.
Burenrecht, vensters en balkons van uitbouw binnen 2 meter van de erfgrens zijn slechts deels verboden. Beroep op bevrijdende verjaring en verkrijging van erfdienstbaarheid van uitzicht slaagt deels
burengeschil over o.m. coniferen(heg); omstandigheden waaronder coniferen in een rij als heg kunnen worden aangemerkt vordering tot opheffing erfdienstbaarheid van weg
Coniferen en taxussen bij de erfgrens. Vormbomen in de zin van de geldende APV, waardoor een geringere afstand tot de erfgrens is toegestaan? Aanvang van de verjaring van de rechtsvordering op grond van artikel 5:42 BW.
Burengeschil over beplanting bij erfgrens. De kantonrechter heeft in eerste aanleg een gerechtelijke plaatsopneming en bezichtiging gehouden. De beslissing in het eindvonnis is mede gebaseerd op de bevindingen tijdens de plaatsopneming. Van de plaatsopneming is tijdens het geding
Burenrecht; verwijdering bomen en planten; schadevergoeding.
Bomen op openbare weg binnen 2 meter van particulier terrein; arrest “Gorsselse bomen”; artikel 5:42 BW.
Goederenrecht. Erfgrenskwestie. Bezit en verjaring. Beschouwing van feiten en omstandigheden in onderling verband.