Legitimaris die niet tevens erfgenaam is, heeft op grond van de wetsgeschiedenis en de tekst van artikel 4:78 lid 1 BW jegens de erfgena(a)m(en) een verstrekkend recht op informatie voor de berekening van zijn legitieme portie. Daaronder valt ook het recht op afgifte van de banka
Burgerlijk Wetboek
Art. 4:78 BW
Genoemd in 179 uitspraken · Officiële wettekst
179 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Verklaring voor recht dat op de afwikkeling en vererving van de nalatenschap van A. Nederlands recht van toepassing is.
Afwikkeling verschillende nalatenschappen en aansprakelijkheid (gewezen) executeur. Onder meer: inhoud en reikwijdte beheersbevoegdheid executeur, uitoefenen aandeelhoudersbevoegdheden door executeur, afgifte legaten, salaris executeur.
Beroep op exceptio plurium litis consortium gehonoreerd in geschil over nalatenschap. Nicht (wiens vader vooroverleden is) procedeert in eerste aanleg tegen Oom en Tante (een broer en een zus van de vooroverleden vader van Nicht) over nalatenschap van haar opa. Het geschil betref
De vier levensgezellen van erflater vormen samen een VOF ter exploitatie van de door erflater vervaardigde kunstwerken. In geschil is of erflater deze kunstwerken voor een te lage prijs aan de VOF heeft verkocht, zodat sprake is van begiftiging. Artikel 4:67 sub a BW bepaalt dat
Incidentele vordering op grond van artikel 4:78 BW tot afgifte van inzicht in en afschrift van de informatie die nodig is voor het vaststellen van de legitieme portie.
Erfrecht. Kort geding. Vordering van legitimaris, niet erfgenaam, jegens vereffenaar/erfgenaam tot afgifte van stukken wordt afgewezen wegens gebrek aan belang. Het is aan de legitimaris zelf te wijten dat zij niet of niet eerder over de door haar verlangde stukken en inlichtinge
Erfrecht, erflaatster heeft in haar testament bepaald dat haar dochter erfgenaam is voor een deel gelijk aan de legitieme portie en zij heeft in haar testament zelf al een verdeling gemaakt, in die zin dat alle goederen van de nalatenschap zijn toegedeeld aan gedaagde (een andere
In dit kort geding strijden partijen over de vraag of gedaagde aanspraak kan maken op betaling van de dwangsommen. Eiser vindt van niet, maar krijgt ongelijk.
Erfrecht, incident tot niet-ontvankelijkheidverklaring. Executele is niet beëindigd.
Erfrecht, incident tot afgifte van stukken, legitieme portie.
Incident inzage 4:78 BW deels toegewezen, legitimaris heeft recht op bescheiden waarmee omvang en waarde nalatenschap kan worden gecontroleerd.
Gedaagde hoeft niet alle afschriften te verstrekken van de gezamenlijke rekeningen waarvan het saldo voor de helft tot de nalatenschap behoort. Eisers hebben deze afschriften niet nodig voor de berekening van de legitieme.
Erfrecht. Informatierecht legitimaris. 4:78 BW. Legitieme portie. 195 Rv.
Erfrecht. Procesrecht. Legataris vordert uitbetaling legaat. Hof wijst af omdat erfgenaam niet heeft voldaan aan bevel ex art. 22 lid 1 Rv en waarheids- en volledigheidsplicht (art. 21 Rv) heeft geschonden. Stelplicht en bewijslast. Toepassing art. 21 en 22 Rv. Uitvoerbaarheid be
Vonnis in incident afgifte stukken op grond van 4:78 BW. Vordering afgeewzen. Al aan verplichting voldaan.
geen spoedeisend belang bij vorderingen tot afgifte stukken ter berekening legitieme portie en afleggen rekening en verantwoording door gevolmachtigde.
Erfrecht. Afwijzing informatieverzoeken. Artikel 4:78 BW en 843a Rv (oud). Legitieme portie. Legaat.
De rechtbank oordeelt dat een legitimaire vordering overdraagbaar is en het wilsrecht als bedoeld in artikel 4:87 BW ook. Artikel 4:92 lid 3 BW staat aan de overdraagbaarheid van dit wilsrecht niet in de weg. Eiseres, die handelt onder de naam, heeft tegenover de executeur daarom
Inzageverzoek op grond van art. 843a Rv (oud). Rechtmatig belang bij inzage op grond van verplichting tot rekening en verantwoording ex art. 7:403 lid 2 BW? Ten onrechte geen recht op inzage in administratie (ECLI:NL:HR:2024:1773 (Belba))? Moet grondslag inzageverzoek na een bewi
Erfrecht, legitieme portie, tussenvonnis
kort geding. Vordering tot inzage of afschrift van bedscheiden op grond van artikel 4:78 BW voor berekening legitieme portie in hoger beroep afgewezen. Bewaartermijn is verlopen en belang is onvoldoende gesteld. Gezochte betalingen zijn erkend. Rec. vordering tot opheffen beslag
Onvoldoende aanwijzingen dat erflaatster in de jaren voor haar opname haar wil niet kon bepalen en niet in staat was om rekening en verantwoording te vragen. Er zijn evenmin aanwijzingen voor misbruik van omstandigheden. In periode van opname tot aan haar overlijden is door de ka
Verstekvonnis. Het opvragen van stukken op grond van artikel 4:78 BW toegewezen. De vordering komt niet onrechtmatig of ongegrond voor.
benoeming notaris voor opmaken boedelbeschrijving