Effectenrecht/verbintenissenrecht. Prospectusaansprakelijkheid. Volgende onderwerpen komen aan de orde: A. ontvankelijkheid Stichting; cessie en lastgeving; B. collectieve actie als bedoeld in art. 3:305a BW; C. algemene uitgangspunten prospectusaansprakel
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:94 BW
Genoemd in 684 uitspraken · Officiële wettekst
684 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Wooncomplex voor jongeren. Verplichte dienstenovereenkomst naast huurovereenkomst levert onredelijk voordeel (7:264 BW) op en is nietig. In beginsel recht op terugbetaling van hetgeen huurders uit hoofde van deze dienstenovereenkomst hebben betaald. Beroep op verrekening door beh
Bij tussenuitspraak van 28 april 2023, in zaak nr. 22/2463T, heeft de rechtbank Noord-Nederland op grond van art. 16 van de Tijdelijke wet Groningen prejudiciële vragen aan de Afdeling gesteld. De zaak bij de rechtbank Noord-Nederland, waarin de prejudiciële vragen zijn gesteld,
Luchtvaartkartel. Cessie vorderingen aan claimvehikel. Heeft schuldenaar belang bij vaststelling geldigheid cessie of is voor schuldenaar beslissend of hij op redelijke gronden moet aannemen dat (kan betwijfelen of) cessie geldig is? Art. 6:34 en 6:37 BW. Op cessie-overeenkomst t
-
Luchtvaartkartel. Cessie vorderingen aan claimvehikel. Heeft schuldenaar belang bij vaststelling geldigheid cessie of is voor schuldenaar beslissend of hij op redelijke gronden moet aannemen dat (kan betwijfelen of) cessie geldig is? Art. 6:34 en 6:37 BW. Op cessie-overeenkomst t
Vermogensrecht. Verkrijging door advocaat van vordering waarover procedure aanhangig is; nietigheid ingevolge art. 3:43 lid 1, onder a, BW? Uitleg ‘aanhangig’, art. 125 lid 1 Rv; uitleg ‘verkrijging’ in geval van stille cessie, art. 3:94 lid 3 BW. Verrekening, eis van wederkerig
Luchtvaart. Buitengewone omstandigheden. COVID-19 pandemie, gedurende een bepaalde tijd waren alle vluchten op Melbourne geschorst. Alle redelijke maatregelen getroffen.
Pandrecht. Vestigingshandelingen voor stil pandrecht (met inachtneming van grondslagvereiste van art. 3:239 lid 1 BW voor pandrecht op toekomstige vorderingen) en openbaar pandrecht in één akte? Uitleg pandakte.
Mededingingsrecht. Liftenkartel. Schending van artikel 101 VWEU. Follow-on procedure ter zake de gestelde schade van woningcorporaties die liften (en roltrappen) zouden hebben gekocht en laten installeren en onderhouds- en renovatiecontracten zouden hebben gesloten met (één van)
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vermogensrecht. Financieel recht. Is vordering van een bank uit geldlening overdraagbaar aan een niet-bank? Art. 3:83 lid 1 BW. Inhoud gecedeerde vordering. Art. 6:142 en 6:144 BW. Zorgplichten bank. Zorgplichten niet-bank. Verweermiddelen schuld
Vervolg op HR 21 mei 2010, nr. 08/04726, LJN BL5447. Geding in cassatie geldig geschorst? Indien verweerder is verschenen leidt niet-inachtneming betekeningsvoorschriften slechts tot nietigheid in geval van onredelijke benadeling. Sterk persoonlijk belang bij vorderingen niet vol
Kort geding. Cessie- en contractsoverneming mbt “non-performing loans”. Bodemrechter verklaart voor recht dat contractsoverneming nietig is. Eiser vordert voorschot op schadevergoeding omdat cessionaris ten onrechte verpande vorderingen zou hebben geïnd. Eiser kan als cessionaris
Luchtvaartkartel. Rechtsgeldigheid cessies aan litigation vehicle. Stelplicht en bewijslast. Niet in strijd met fiduciaverbod. Vorderingen voldoende bepaalbaar, akten van cessie bevatten voldoende gegevens om te kunnen vaststellen om welke vorderingen het gaat.
De fractievoorzitter van de SP in de gemeenteraad van Noordoostpolder stapte naar de rechter omdat zij vindt dat haar raadsvergoeding op de bankrekening van de landelijke SP gestort moet worden. De rechtbank Midden-Nederland heeft vandaag beslist dat de gemeente hier niet aan mee
consumentenkrediet, oneerlijk rentebeding, geen recht op rente, geen aanpassing vordering tot vergoeding ter hoogte van wettelijke rente. Hof wijst tussenarrest met het oog op de berekening van de verschuldigde hoofdsom.
Mededingingsrecht. Liftenkartel. De rechtbank oordeelt dat zij bevoegd is ondanks een arbitraal beding in de algemene voorwaarden van de liftenleveranciers. Het verjaringsverweer slaagt niet omdat ten aanzien van een aantal vorderingen tijdig stuiting heeft plaatsgevonden. De ove
Vermogensrecht. Verkrijging door advocaat van vordering waarover procedure aanhangig is; nietigheid ingevolge art. 3:43 lid 1, onder a, BW? Uitleg ‘aanhangig’, art. 125 lid 1 Rv; uitleg ‘verkrijging’ in geval van stille cessie, art. 3:94 lid 3 BW. Verrekening, eis van wederkerig
Luchtvaartkartel. Rechtsgeldigheid cessies aan litigation vehicle. Stelplicht en bewijslast. Niet in strijd met fiduciaverbod. Vorderingen voldoende bepaalbaar.
Conclusie van staatsraad advocaat-generaal Snijders over de prejudiciële vragen zoals op grond van de Tijdelijke wet Groningen door de Rechtbank Noord-Nederland gesteld bij tussenuitspraak van 28 april 2023, in zaak nr. 22/2463T, in het geding tussen [eiser] tegen het Instituut M
Kort geding, bijzondere overeenkomst: cessie btw-vordering, verplichting tot mede-ondertekenen en paraferen vaststellingsovereenkomst btw-plichtige.
Luchtvaartclaim. Handtekening van de passagier op het ‘re-assignment’ formulier wijkt af van de handtekening op het paspoort van de passagier. Passagier niet-ontvankelijk.
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vermogensrecht. Financieel recht. Is vordering van een bank uit geldlening overdraagbaar aan een niet-bank? Art. 3:83 lid 1 BW. Inhoud gecedeerde vordering. Art. 6:142 en 6:144 BW. Zorgplichten bank. Zorgplichten niet-bank. Verweermiddelen schuld
Luchtvaartzaak. Indien in de dagvaarding alle voor de beslissing van belang zijnde feiten, waaronder de cessie, volledig en naar waarheid zouden zijn aangevoerd, zou de vordering op voorhand kansloos zijn geweest. Door een procedure op naam van de passagiers in te stellen in een
Goederenrecht. Pandrecht. Is vordering stil verpand, zonder dat deze was vermeld in pandakte? Uitleg pandakte. Bepaaldheidsvereiste; art. 3:84 lid 2 jo. art. 3:98 BW.