Procesrecht; art. 24, 347, 353 Rv. Uitleg koopovereenkomst. Toelaatbaarheid eiswijziging na pleidooi in hoger beroep naar aanleiding van door hof ambtshalve opgeworpen vraag naar strijd overeenkomst met art. 3:84 lid 3 BW. Geen uitzondering op “in beginsel strakke regel”. Mogelij
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:84 BW
Genoemd in 681 uitspraken · Officiële wettekst
681 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Goederenrecht. Stille verpanding vorderingen op naam (art. 3:239 lid 1 BW). Omschrijving van de vorderingen in de akte; mate van bepaalbaarheid. Tijdstip registratie akte.
-
Stille verpanding. Rechtsgeldigheid ‘verzamelpandakte’-constructie. Afzonderlijke elementen waaruit onderhavige verpandingsconstructie bestaat, niet in strijd met wet, meer in het bijzonder met art. 3:239 lid 1 BW. Dit geldt ook voor vestiging stil pandrecht op vorderingen die op
-
Procesrecht. IPR. Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens verzuim inschrijving rechtsmiddel (art. 3:301 lid 2 BW jo. art. 433 Rv?). Gezag van gewijsde van in Nederland erkend Belgisch verstekvonnis; art. 33 Verordening Brussel I. Staat gezag van gewijsde Belgisch vonnis in de w
Naburige rechten. Art. 14a Wet Naburige Rechten (WNR). Heruitzenden door kabelexploitanten? Veronderstelt ‘doorgifte via de kabel’ een eerdere ‘mededeling aan het publiek’? Art. 9 lid 1 SatKabRichtlijn (Richtlijn 93/83/EEG). HvJEU 7 maart 2013, zaak C-607/11 (ITV/TVCatchup), ECLI
Goederenrecht. Verpanding van auteursrecht op software. Is voldaan aan vereiste dat het object van pandrecht in de pandakte voldoende bepaald dan wel bepaalbaar is? Art. 3:84 lid 2 BW en art. 3:98 BW.
Erfpacht. Omvang van de canon. Overeenkomst tussen de erfpachtster en de gemeente, tot omzetting van tijdelijke in voortdurende erfpacht met een bepaalde canon. Net zoals de eerste rechter heeft geoordeeld, is een canon die 97,5% boven de marktconforme prijs ligt, onredelijk hoog
Goederenrecht. Eigendomsvoorbehoud, pandrecht. Kan de verkrijger van onder eigendomsvoorbehoud geleverde zaken een geldig pandrecht vestigen op zijn voorwaardelijk eigendomsrecht (art. 3:92 BW)? Voldoening restant-koopsom na faillissement van de koper. Kan het pandrecht worden ui
Luchtvaartkartel. Cessie vorderingen aan claimvehikel. Heeft schuldenaar belang bij vaststelling geldigheid cessie of is voor schuldenaar beslissend of hij op redelijke gronden moet aannemen dat (kan betwijfelen of) cessie geldig is? Art. 6:34 en 6:37 BW. Op cessie-overeenkomst t
Luchtvaartkartel. Cessie vorderingen aan claimvehikel. Heeft schuldenaar belang bij vaststelling geldigheid cessie of is voor schuldenaar beslissend of hij op redelijke gronden moet aannemen dat (kan betwijfelen of) cessie geldig is? Art. 6:34 en 6:37 BW. Op cessie-overeenkomst t
Sale and lease back-overeenkomsten m.b.t. trekkers en opleggers, géén (geldige titel voor) eigendomsoverdracht wegens strijd met art. 3:84 lid 3 BW?, stelplicht en bewijslastverdeling, “werkelijke overdracht” in de zin van HR 19 mei 1995, nr. 15806, NJ 1996, 119 (Sogelease)?, uit
Tussenvonnis. Vervolg in zaak over civielrechtelijke gevolgen van een kartelbeschikking van de Europese Commissie. Aan bod komen de thema's: geldigheid van de cessies aan CDC en verjaring van de vorderingen.
Prejudiciële vragen. Overeenkomst tot het bieden van kinderdagopvang door kindercentrum. Kwalificatie als overeenkomst van opdracht. Bedongen opzegtermijn en opzeg- of annuleringsvergoeding verenigbaar met het eenzijdig dwingende recht met betrekking tot particuliere opdrachtgeve
Overeenkomstenrecht. Koopovereenkomst registergoed. Gelijktijdige uitvoering wederzijdse verplichtingen koper en verkoper. Art. 7:26 lid 3 BW. Art. 25 Wet op het Notarisambt. Taak notaris en functie kwaliteitsrekening. Mag de notaris de op de kwaliteitsrekening gestorte koopsom a
Vallen de op naam van de pachter gestelde varkensrechten in het faillissement van de pachter?
Huurovereenkomst bedrijfsterrein; vervolg op HR 29 oktober 1999, nr. C98/097, NJ 1999, 823; rechtsstrijd in geding na verwijzing, niet voor cassatie gevoerd verweer een nieuwe grief?
Gemeentelijke erfpacht Amsterdam. Goederenrecht. Europees consumentenrecht. Vermelding canon in akte van erfpacht; art. 5:85 lid 2 BW, art. 767 (oud) BW. Beding in Algemene Bepalingen (AB) over periodieke herziening canon door deskundigen; voldoende bepaalbaar (art. 6:227 BW)? Fo
Goederenrecht. Revindicatie in consignatie gegeven schilderij, dat vervolgens in strijd met de in de consignatie-overeenkomst opgenomen voorwaarden - derhalve door een beschikkingonbevoegde - aan een derde is doorverkocht; Vraag of aan de door art. 3:86 BW gestelde voorwaarden vo
Anders dan de rechtbank oordeelt het Hof dat de (navorderings)aanslagen Vpb 2013 en 2015 tijdig en op de voorgeschreven wijze zijn bekengemaakt. Het hoger beroep van de inspecteur slaagt. Het Hof zal daarom alle jaren (2012 tot en met 2015) inhoudelijk beoordelen. Inhoudelijk is
In geschil is of belanghebbende als uiteindelijk gerechtigde recht heeft op teruggaaf of verrekening van ingehouden dividendbelasting. Volgens het Hof heeft de inspecteur – op wie de bewijslast rust – aannemelijk gemaakt dat aan alle voorwaarden van de anti-dividendstrippingmaatr
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Overgang fosfaatrechten (art. 25-31 Meststoffenwet). Is geldige titel voor overdracht in de zin van art. 3:84 lid 1 BW vereist?
Verbintenissenrecht. Medische behandelingsovereenkomst. Complicaties ontstaan door gebruik van 'Miragelplombe' bij oogoperatie. Vraag of sprake is van tekortkoming indien een zaak is gebruikt die ten tijde van de behandeling 'state of the art' is maar op grond van later opgekomen
Kort geding. Cessie- en contractsoverneming mbt “non-performing loans”. Bodemrechter verklaart voor recht dat contractsoverneming nietig is. Eiser vordert voorschot op schadevergoeding omdat cessionaris ten onrechte verpande vorderingen zou hebben geïnd. Eiser kan als cessionaris