Ontvankelijkheid in civiele vordering na bestuursrechtelijke procedure; reikwijdte formele rechtskracht. Verhouding Faillissementswet en Wet op primair onderwijs (WPO)
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:80 BW
Genoemd in 79 uitspraken · Officiële wettekst
79 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
bescherming veilingkoper onroerende zaak executieveiling op grond van een later vernietigde uitspraak
Erfrecht. Aanspraak op legitieme portie. Conservatoir beslag mogelijk op niet-opeisbare vordering (art. 441 Rv)? Overgangsrecht, art. 128 Ow NBW: in welke vorm kan legitimaris ‘oude’ bevoegdheden uitoefenen gedurende overgangstermijn?
Procesrecht, erfrecht. Rechtsopvolging hangende eerste aanleg. Erfopvolging zonder betekening en schorsing. Beneficiaire aanvaarding nalatenschap. Hoger beroep van partij die tevens erfgenaam en vereffenaar is. Wie als geïntimeerden te dagvaarden?
Verdeling ontbonden huwelijksgemeenschap. Voor het huwelijk door de vrouw van haar ouders verkregen economische eigendom van onroerende zaken en verkoopopbrengsten daarvan vallen in de huwelijksgemeenschap, nu waardeontwikkeling voor rekening en risico van de vrouw als economisc
Heeft na beëindiging van de pachtovereenkomst het feit dat varkensrechten op het moment van faillisssement op naam van de voormalig pachter geregistreerd staan tot gevolg dat de varkensrechten in de boedel vallen?
Vernietiging van het vonnis waarvan beroep; artikel 395a van het Wetboek van Strafvordering. Veroordeling ter zake van overtreding van art. 5 WVW tot een voorwaardelijke geldboete van € 300. Bewezenverklaarde feitelijke gedraging(en) aan te merken als gedraging(en) waardoor gevaa
Verkrijging door verjaring; bezitsoverdracht; splitsing grondstuk; erfgrens; kadastrale grens.
Gedaagde is tegenover dochters aansprakelijk voor de schade die zij (deels door erfopvolging) hebben geleden doordat hun vader is overleden als gevolg van de strafbare feiten die gedaagde jegens hun vader heeft gepleegd. Toewijzing vorderingen uit hoofde van affectieschade, onver
Erfrecht. Informatierecht legitimaris. 4:78 BW. Legitieme portie. 195 Rv.
Handelszaak. Geschil tussen parochie en stichting over beheer en eigendom van een kerkgebouw. Geen eigendom voor Stichting op grond van verjaring want geen langdurig ‘ondubbelzinnig bezit’ (altijd gezag/positie van de Bisschop erkend). Ook andere gronden voor de eigendomsclaim wi
Conclusie AG. Mallorcazaak. Zinloos en excessief uitgaansgeweld door groep Nederlandse jongeren. Vorderingen benadeelde partijen (ouders en vriendin van omgekomen slachtoffer dat door het geweld in coma is geraakt en, zonder te ontwaken, na vijf dagen is overleden). Volgens midde
Art 530 Sv. Strafzaak geseponeerd i.v.m. overlijden verdachte. Erfgenaam verzoekt vergoeding van kosten rechtsbijstand. Positie erfgenaam als rechtsopvolger onder algemene titel (art 3:80 BW). Art 530 lid 5 Sv staat daaraan niet in de weg; daaruit volgt niet dat schadevergoeding
Art. 3:27 BW, rechterlijke verklaring dat door verkrijgende verjaring een eigendomsrecht is verkregen, tegendeelbewijs, inbezitneming, art. 3:113 lid 2 BW, machtsuitoefeningen, vestiging opstalrecht bij notariële akte, arrest gemeente Heusden, beschikkingsonbevoegdheid niet gehee
Verdeling nalatenschap; onttrekkingen door erfgenaam; verbeuren aandeel in vordering (art. 3:194 lid 2 BW); levering vereist?
Erfgenaam vordert toegang tot Facebookaccount van overleden partner. Rechtbank wijst vordering deels toe. Die toegang is beperkt tot de (persoons)gegevens van de erflater. Geen volledige toegang tot alle gegevens in Facebookaccount. Privacybelangen van derden verzetten zich daart
tussentijds hoger beroep van incidentele vordering artikel 843a Rv – uitvoerbaarheid bij voorraad afgewezen
Erfrechtelijke zaak. Meerwaardeclausule ook van toepassing bij overlijden van de verkrijger van de registergoederen (echtgenoot van geïntimeerde)? Bewijsopdracht. Lijfrenteclausule: appellante heeft op grond van artikel 3:303 BW geen belang bij haar verzoek de lijfrente onder te
Erfgenaam verblijft zonder recht of geldige titel in de woning van erflaatster. Hiermee handelt de erfgenaam onrechtmatig omdat de vereffening niet kan worden voltooid. De voorzieningenrechter wijst de vordering tot ontruiming toe. De vordering tot het doen uitschrijven uit de Ba
Eiser is niet-ontvankelijk. De uit de overeenkomst voortvloeiende rechten en plichten zijn niet op eiser overgegaan.
Aansprakelijkheid van twee oud bestuurders van een stichting op grond van artikel 2:9 BW. Beroep op verjaring slaagt niet. Schade wordt gematigd.
Prejudiciële vragen. Overheidsprivaatrecht. Overdracht publiekrechtelijke vermogensrechten. Vallen verhuurde fosfaatrechten in het faillissement van de huurder? Titelvereiste art. 3:84 lid 1 BW en bijzondere regeling Meststoffenwet. Arresten Dircks/Dircks en Agin/Libosan q.q.
Burenruzie tussen woonbooteigenaren. Waar ligt de erfgrens? Verkrijgende verjaring.
Vordering van eiser (betaling advocatenfactuur) afgewezen omdat eiser na overdracht van de vordering geen rechthebbende meer is (art 225 Rv). Tegenvordering ook afgewezen omdat geen sprake is van schade als gevolg van wanprestatie van eiser eiser.
Levenstestament. Onverschuldigd betaalde/onrechtmatig onttrokken gelden. Sprake van opzettelijk verzwijgen, zoek maken of verborgen houden van een tot de gemeenschap behorend goed?