Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Collectieve actie effectenlease-overeenkomst, art. 3:305a BW. Geldt stuitende werking ook voor bevoegdheid tot buitengerechtelijke vernietiging ex art. 1:89 BW? Zesmaandentermijn van art. 3:316 lid 2 BW.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:49 BW
Genoemd in 85 uitspraken · Officiële wettekst
85 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Geschil over de vraag of de door de koper van een woonhuis voorgenomen sloop te volgen door nieuwbouw van twee woningen valt onder “normaal gebruik” in de zin als bedoeld in de voorgedrukte verklaring van de verkoper in art. 5.3 van de standaard NVM-koopakte; garantie?, uitleg, H
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Verbintenissenrecht; rentederivaat. Informatieverstrekking bij renteswap. Aan beroep op dwaling te stellen eisen; verschil met waarschuwingsplicht; bijzondere zorgplicht banken; HR 5 juni 2009, ECLI:NL:HR:2009:BH2815 (De T. / Dexia). Gevolgen va
-
Gemeentelijke erfpacht Amsterdam. Goederenrecht. Europees consumentenrecht. Vermelding canon in akte van erfpacht; art. 5:85 lid 2 BW, art. 767 (oud) BW. Beding in Algemene Bepalingen (AB) over periodieke herziening canon door deskundigen; voldoende bepaalbaar (art. 6:227 BW)? Fo
Renteswap; overhedge; beroep op dwaling deels verjaard, deels ongegrond; bank niet tekortgeschoten in nakoming van zorgplicht en informatieplicht; artikel 3:52 BW; artikel 3:310 BW; artikel 3:311 BW
Arbeidsrecht. Bedrog door werknemer bij sluiten arbeidsovereenkomst. Mogelijkheid tot vernietiging arbeidsovereenkomst op grond van art. 3:44 BW. Buitengerechtelijke vernietiging (art. 3:50 lid 1 BW). Verhouding tot wettelijk stelsel van ontslagrecht. Mogelijkheid werking van ver
Door gemeente (meer dan) 75 jaar geleden uitgeven erfpachtrechten zijn geldig ondanks dat wetgeving ie gewijzigd. Het hof vernietigt ambtshalve de algemene bepaling dat de gemeente eenzijdig de voorwaarden mag wijzigingen. Het ligt in beginsel niet op de weg van de burgerlijke re
Toetsing cessieverboden (3:83 lid 2 en 3:84 lid 3 BW); verjaring (3:310 BW); rechtsverwerking; renteswap en bijzondere zorgplicht bank.
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Renteswap. Onderliggende procedure geroyeerd; HR ziet af van beantwoording; art. 393 lid 9 Rv. Vragen gelijkluidend aan die, gesteld in zaak 18/03941 (nog in behandeling).
Effectenlease. Buitengerechtelijke vernietiging; art. 1:89 BW. Verjaring vernietigingsbevoegdheid; art. 3:52 lid 1, aanhef en onder d, en lid 2 BW. Verjaringstermijn loopt vanaf tijdstip waarop ‘andere’ echtgenoot met de overeenkomsten daadwerkelijk bekend is geworden; stelplicht
Collectieve actie ingesteld op grond van de Wet collectieve afdoening massaschade (WCAM) door Stichting ten behoeve van Nederlandse consumenten die in de periode tussen 2004 en 2012 hypothecaire geldleningen in Zwitserse franken (CHF-leningen) hebben afgesloten bij rechtsvoorgang
Goederenrecht, (appel)procesrecht. Revindicatie schilderij. Vervolg van HR 14 november 2008, ECLI:NL:HR:2008:BF0462, NJ 2009/137. Vermeerdering van eis na cassatie en verwijzing; tweeconclusieregel; toelaatbaarheid herhaalde eiswijziging nadat deze eerder niet was toegelaten; art
(Duur)overeenkomst voor informaticaprestaties. Tijdig geklaagd. Beroep op dwaling tijdig gedaan maar afgewezen. Ingebrekestelling vereist, beroep op wanprestatie afgewezen. Geen onredelijk bezwarend beding m.b.t. opzegging tegen een ontbindingsvergoeding.
Ontslag op staande voet, vernietiging beëindigingsovereenkomst wegens dwaling aan zijde werkgever.
Procesrecht. Aandelenlease. Dexia. Is de verjaringstermijn voor een beroep op vernietiging aandelenlease-overeenkomst ex art. 1:88 en 1:89 BW door echtgenote ingevolge art. 3:52 lid 1 BW verstreken? Ten onrechte vanwege een onvoldoende onderbouwing met concrete feiten gepasseerd
bestuurdersaansprakelijkheid, betalingsonmacht, betalingsonwil en pauliana.
Dwaling bij koop van woning doordat verkopers kopers niet hebben ingelicht over ontwikkelplannen van het nabijgelegen perceel waarvan het perceel van verkopers onderdeel was. De subsidiaire vorderingen van kopers in reconventie wijst de rechtbank toe toewijsbaar en de vorderingen
geschil over contractuele beeindigingsvergoeding
Huwelijksvermogensrecht. Kort geding. Partiële nietigheid na vernietiging rechtshandeling door niet-handelende echtgenote (art. 3:41, 1:88 en 1:89 BW)? Grenzen van de rechtsstrijd.
Koop van paard met ECVM. Wederzijdse dwaling. Ongedaanmakingsverplichtingen.
Partijen zijn publieke figuren die na beëindiging van hun relatie een vaststellingsovereenkomst met geheimhoudingsbeding hebben ondertekend. Eiser stelt dat gedaagde het geheimhoudingsbeding heeft overtreden en een boete verschuldigd is. Eiser wil ook een publicatieverbod voor ee
Aansprakelijkheid van de Staat voor schade geleden als gevolg van herroepen besluiten van de ACM. Uitlegging van een kwijtingsbeding in vaststellingsovereenkomsten: was volledige of slechts gedeeltelijke kwijting verleend? Beroep op het gelijkheidsbeginsel in de verhouding tusse
Vaststellingsovereenkomst. Beroep op vernietiging wegens bedreiging slaagt.
Werknemer heeft enkele grensoverschrijdende opmerkingen gemaakt, maar haar gedrag als geheel is, in de gegeven omstandigheden, niet als ernstig verwijtbaar aan te merken. Daarentegen heeft werkgever wel ernstig verwijtbaar gehandeld, vanwege onterechte aan werknemer gemaakte besc