Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten, veertiendagenbrief (art. 6:96 lid 6 BW). Aanvang veertiendagentermijn. Stelplicht en bewijslast. Gevolgen van onjuiste vermelding van de termijn. Rol van de rechter; verstek en tegenspraak. Gevolgen van gedeeltelijke
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:37 BW
Genoemd in 1.323 uitspraken · Officiële wettekst
1.323 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · cache
Verbintenissenrecht. Verval terugkooprecht? Werking van verklaringen. Vraag wanneer een schriftelijke verklaring de geadresseerde heeft bereikt; te gebruiken adres. Redelijke, op de behoeften van de praktijk afgestemde uitleg van art. 3:37 lid 3 BW.
-
Verbintenissenrecht. Niet aan de overeenkomst beantwoordende prestatie van beleggingsadviseur; schuldeiser heeft de bank bij wie de beleggingsadviseur in dienst was hierover met bekwame spoed mondeling geïnformeerd; hiermee is voldaan aan de eis van art. 6:89 BW, nu het in die bepaling bedoelde pro
Overeenkomstenrecht. Procesrecht. Bewijs dat afspraak tot stand is gekomen. Onbegrijpelijk oordeel daarover? Afstand van recht. Toetsing proceskostenveroordeling in cassatie: misslag? Belang voortbouwklacht in cassatie.
Verzekeringsrecht. Beroep op schending mededelingsplicht (art. 7:928 BW); vereiste dat verzekeraar tijdig heeft gewezen op niet-nakoming mededelingsplicht onder vermelding gevolgen (art. 7:929 lid 1 BW); vraag aan wie die kennisgeving kan worden gedaan in geval van vermissing of overlijden verzekeri
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Verbintenissenrecht; rentederivaat. Informatieverstrekking bij renteswap. Aan beroep op dwaling te stellen eisen; verschil met waarschuwingsplicht; bijzondere zorgplicht banken; HR 5 juni 2009, ECLI:NL:HR:2009:BH2815 (De T. / Dexia). Gevolgen van vernietiging; onge
Effectenleaseovereenkomst. Geldt aan Dexia verzonden brief als ‘opt out-verklaring’ in de zin van art. 7:908 lid 2 BW, hoewel zij niet gericht was aan de notaris die daartoe in de WCAM-overeenkomst (Duisenberg-regeling) is aangewezen?
Personenvennootschap. Verjaring. Stuiting van verjaring vordering op vof en haar vennoten. Afzonderlijke stuiting nodig? Uitleg van jegens vof afgelegde stuitingsverklaring.
Loonbelasting; 30%-regeling;uit het buitenland aangeworven; BV in oprichting.
Verbintenissenrecht. Ondeugdelijke uitvoering van aannemingsovereenkomst? Is ingebrekestelling vereist of is verzuim ingetreden door verstrijken van termijn dan wel door mededeling van de schuldenaar (art. 6:83, onder a en onder c, BW van Curaçao)?
Gemeenschappelijke bijlage bij de conclusies van 30 mei 2025 in de zaken met: 24/04262 ECLI:NL:PHR:2025:623 , 24/04264 ECLI:NL:PHR:2025:624 en 24/04267 ECLI:NL:PHR:2025:625
Arbeidsrecht. Opzegging arbeidsovereenkomst door werkgever. Geldt ‘duidelijk- en ondubbelzinnigheidsmaatstaf’ ook in geval dat werkgever stelt arbeidsovereenkomst te hebben opgezegd en werknemer stelt dat hij dat niet zo heeft begrepen? Motiveringsklacht, art. 3:37 lid 3 BW.
Verzekeringsrecht. Beroep op schending mededelingsplicht (art. 7:928 BW); vereiste dat verzekeraar tijdig heeft gewezen op niet-nakoming mededelingsplicht onder vermelding gevolgen (art. 7:929 lid 1 BW); vraag aan wie die kennisgeving kan worden gedaan in geval van vermissing of overlijden verzekeri
Cassatieprocesrecht. Beroep op niet-ontvankelijkheid van cassatieberoep wegens berusting (art. 400 Rv).
Verbintenissenrecht. Procesrecht. Geschil over financiële afrekening tussen franchisegever (supermarktketen) en ruim 240 franchisenemers en de vereniging van franchisenemers. Hof wijst vrijwel alle vorderingen van de franchisenemers af. Klachten over de gehanteerde maatstaf bij de uitleg van de fran
Prejudiciële vragen. Overeenkomst tot het bieden van kinderdagopvang door kindercentrum. Kwalificatie als overeenkomst van opdracht. Bedongen opzegtermijn en opzeg- of annuleringsvergoeding verenigbaar met het eenzijdig dwingende recht met betrekking tot particuliere opdrachtgevers van art. 7:406, 7
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Richtlijn consumentenrechten. Moet de rechter bij een op afstand of buiten verkoopruimte gesloten overeenkomst, ambtshalve onderzoeken of is voldaan aan de informatieplichten van art. 6:230m en 6:230v BW? Ambtshalve aan schending van die informatieplichten te verbi
Loonbelasting; 30%-regeling;uit het buitenland aangeworven; BV in oprichting.
Ambtshalve toetsing door de rechter van de informatieplichten van afd. 6.5.2B BW.
Contractenrecht. Verzuim en tekortkoming. Koopovereenkomst onroerend goed met levering 'uiterlijk 31 december 2011'. Was koper in verzuim door verstrijken van een fatale termijn (art. 6:83, onder a, BW), of omdat verkoper uit mededeling van koper mocht afleiden dat deze zou tekortschieten (art. 6:83
Relatievermogensrecht. Samenwoning zonder huwelijk, geregistreerd partnerschap of samenlevingscontract. Vrouw investeert geld in verbouwing woning van de man. Recht op vergoeding van de investering? Analoge toepassing van art. 1:87 BW? Gemeenschap in de zin van titel 3.7 BW? Ongerechtvaardigde verri
Verzet dwangbevel. Wet verplichte deelneming bedrijfstakpensioenfonds. Melding betalingsonmacht. Geldigheid dwangbevel.
Verbintenissenrecht. Miskenning van art. 6:83, aanhef en onder a, BW met betrekking tot het van rechtswege intreden van verzuim wegens het verstrijken van een fatale termijn? Onbegrijpelijk passeren van een bewijsaanbod? Te strenge eisen gesteld aan een ingebrekestelling?
artikel 6:96 lid 6 BW, aanmaning buitengerechtelijke incassokosten, veertiendagentermijn, ontvangsttheorie, termijn van veertien dagen vangt aan de dag na ontvangst van de schriftelijke aanmaning door de consument.
Verbintenissenrecht. Uitleg van de inhoud van een abstracte bankgarantie. Toepasselijke uitlegmaatstaf, Haviltex of cao-norm?
Wet handhaving consumentenbescherming. Boetes. Publicatiebesluit. Telemarketinggesprek. Ne bis in idem.
-
Arbeidsrecht. Opzegging arbeidsovereenkomst door werkgever. Geldt de volgens vaste rechtspraak geldende maatstaf ter beantwoording van de vraag of een werknemer vrijwillig zijn arbeidsovereenkomst heeft willen beëindigen, óók in het geval dat de werkgever stelt de arbeidsovereenkomst te hebben opgez
Faillissementsprocesrecht. WSNP. Kan een schuldenaar die failliet is verklaard, in de verzetprocedure alsnog op de voet van art. 3 Fw om toelating tot de schuldsaneringsregeling verzoeken?
Vermogensrecht. Verjaring van rechtsvordering tot vergoeding van schade wegens ondeugdelijk belastingadvies. Aanvang korte verjaringstermijn (art. 3:310 lid 1 BW). Moment waarop benadeelde voldoende zekerheid heeft verkregen dat schade is veroorzaakt door tekortschietend of foutief handelen van de b
Verjaringstermijn voor de vordering van de bank die resteert nadat het hypothecaire zekerheidsrecht is uitgewonnen bedraagt vijf jaar. Het is in de onderhavige situatie naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar dat de bank cliënten houdt aan de voorwaarde dat haar cliënten tijdi
Goederenrecht. Verbintenissenrecht. Erfgrenskwestie. Uitleg van koop en levering. Betekenis kadastrale aanduiding in dit verband.
Artikel 8:24, lid 2, Awb: ontbreken recente schriftelijke machtiging; gerede twijfel vertegenwoordigingsbevoegdheid. Hoger beroep niet-ontvankelijk.
Artikel 8:24, lid 2, Awb: ontbreken recente schriftelijke machtiging; gerede twijfel vertegenwoordigingsbevoegdheid. Hoger beroep niet-ontvankelijk.
Caribische zaak; verjaring ex art. 3:105 BW Sint Maarten; maatstaf inbezitneming (art. 3:113 lid 2 BWSM); posterieure omstandigheden; niet waarneembare intenties houder; grenzen rechtsstrijd
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Procesrecht. Totstandkoming overeenkomst van bindend advies; vereiste van ondubbelzinnig blijken van afstand van recht op toegang tot overheidsrechter; Haviltex.
-
Douanerechten; art. 4, punt 18, art. 5, leden 2 en 4, en art. 201, lid 3, CDW; art. 2:240, leden 2 en 3, art. 3:33, art. 3:37 en art. 3:61, lid 2, BW; directe vertegenwoordiging; douaneschuldenaar; door douane-expediteur overgelegde machtiging om belanghebbende direct te vertegenwoordigen niet recht
Art. 7, lid 2, Kostenwet invordering rijksbelastingen. Art. 11 en 12 Invorderingswet 1990. Art. 1 Eerste Protocol EVRM. Kosten betekening dwangbevel. Verweer dat geen aanmaning is ontvangen kan relevant zijn. Uitsluiting van dit verweer is in strijd met het Eerste Protocol bij het EVRM.
3 juni 2005 Eerste Kamer Nr. C04/125HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], wonende te [woonplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. J.J.Y. Kleingeld, t e g e n WONINGBOUWVERENIGING HET OOSTEN, gevestigd te Amsterdam, VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. K.G.W. van O
Uitleg van uiterste wilsbeschikkingen. De betekenis van de uitlegregels van art. 4:46 BW in het licht van algemene uitlegprincipes en hun totstandkomingsgeschiedenis. Gewijzigde omstandigheden. Redelijkheid en billijkheid.
Verbintenissenrecht. Procesrecht. Geschil over financiële afrekening tussen franchisegever (supermarktketen) en ruim 240 franchisenemers en de vereniging van franchisenemers. Hof wijst vrijwel alle vorderingen van de franchisenemers af. Klachten over de gehanteerde maatstaf bij de uitleg van de fran
Schriftelijke aanzegverplichting. Beroep op beperkende werking redelijkheid en billijkheid. Bewijslastverdeling ontvangst aanzegbrief.
In 2015 droeg Van Lanschot Bankiers een deel van haar zakelijke vastgoedleningen over aan een niet bancaire instelling.
3:35 BW, 3:36 BW, 3:61 lid 2 BW Geen sprake van bevrijdende betaling; Er is een bedrag overgemaakt naar een rekening van een derde op basis van een valse factuur. Geen sprake van onzorgvuldig handelen van schuldeiser. Ook als mogelijk een hack heeft plaats gevonden in de IT-omgeving van de schuldeis
Contractenrecht. Uitleg overeenkomst, opgaan eerdere overeenkomst in latere overeenkomst. Erkenning vordering; nakoming door derde; toerekening aan de schuldenaar.
-
Art. 10e tot en met 10ej Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965; 30%-regeling. Formele rechtskracht. Art. 4:6 Awb. Evidente onredelijkheid. Ingekomen werknemer. Kan met vrucht een nieuw verzoek tot (voortgezette) toepassing van de 30%-regeling worden gedaan voor een andere periode dan die waarvoor ee
Vermogensrechtelijke afwikkeling bij informeel samenlevenden. Stilzwijgende afspraak die recht geeft op helft overwaarde woning van de ander? Ongerechtvaardigde verrijking? Verjaring? Redelijkheid en billijkheid? Toepassing verlengingsregel voor echtgenoten en geregistreerde partners (art. 3:320 jo.
Verzoek voorlopig getuigenverhoor afgewezen; belanghebbende bij een voorlopig getuigenverhoor en belang in verband met een collectieve actie ex artikel 3:305a BW?
7:370 en 376 BW. Opzegging. Verzet tijdig? Tekortkomingen pachter. Tussentijdse vervreemding fosfaatrechten levert geen tekortkoming op.
Arbeidsrecht, arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, aanzegverplichting, art. 7:668 BW. Heeft de schriftelijke mededeling dat overeenkomst niet zou worden verlengd werknemer bereikt? Bewijswaardering. Art. 6:248 lid 2 BW. Schade aan bedrijfsauto, bewijs
Schriftelijke aanzegverplichting. Beroep op beperkende werking redelijkheid en billijkheid. Bewijslastverdeling ontvangst aanzegbrief.
Contractenrecht. Faillissementsrecht. Vervolg van HR 2 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2729 (prejudiciële uitspraak). Curator van failliet aannemingsbedrijf vordert betaling van aanneemsommen voor meerwerk. Ontstaansmoment en opeisbaarheid; vervangende schadevergoeding; art. 6:87 en 6:88 BW. Ongerech
Wwz. Ontvankelijkheid verzoek tot vernietiging ontslag op staande voet, verzoekschrift op laatste dag termijn om 23.59 uur verzonden. Ontvangsttheorie. Aanspraak op transitievergoeding? Geen ernstige verwijtbaarheid. Art. 7:686a lid 3 BW Art. 7:686a lid 4 sub a BW Art. 7:673 lid 7, aanhef en sub c B
Vraag of tussen partijen overeenkomst van aanneming van werk tot stand is gekomen
Douanerechten; art. 29, 62, 78 CDW en art. 221 CDW; art. 147 CDW; art. 7:6 Algemene douanewet; herziening van douaneaangiften; mag aangever terugkomen van bij aangifte gekozen transactieprijs?; tijdstip verjaring van douaneschuld; in acht nemen aanslagtermijn: verzending of ontvangst van de mededeli
WWZ. Bij wijze van prorogatie zijn aan het hof verschillende vorderingen van een ontslagen statutair bestuurder voorgelegd. Een daarvan betreft de, door het hof afgewezen, vordering tot toekenning van een billijke vergoeding.
Verrekening gevangenisstraf. Hoe moet een zelfmelder worden opgeroepen? Aanwijzing Executie.
Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht. Vernietiging wegens dwaling van nieuwe pensioenregeling, omdat werkgever onjuiste informatie heeft gegeven over gevolgen van overstap. Samenhang met 16/02700 (vrijwaringszaak).
aanzegverplichting, 7:668 BW, ontvangsttheorie, 3:37 lid 3 BW
Vermogensrechtelijke afwikkeling van samenleving. Opzegging samenlevingsovereenkomst is zonder effect gebleven. Beroep op verjaring slaagt ten dele. Gelijkstelling samenwoners en echtgenoten in het kader van artikel 3:321 BW. Bewijsopdracht ten aanzien van de herkomst van vermogen dat in Iran is opg
Na verwijzing door de Hoge Raad. Verhuurder heeft aangetoond dat twee naar de postbus van huurder verzonden aanmaningen daar zijn aangekomen maar niet zijn afgehaald. In totaal zijn in ieder geval drie rechtsgeldige aanmaningen verzonden, waardoor het terugkooprecht van huurder is komen te vervallen
Verbintenissenrecht. Volmacht. Makelaar brengt bod uit op een pand en dat wordt geaccepteerd. Verkoper vordert nakoming koopovereenkomst. Is de makelaar opgetreden als 'bode' van de cliënt, was een opdracht tot een bieding gegeven of schijn van bevoegdheid daartoe gewekt? Maatstaf, mede in het licht
Vraag of eigenaar zich mag beroepen op met verkopen overeengekomen vervalbeding voor terugkooprecht. Bepalend of de vereiste aanmaningen door de verkoper zijn ontvangen, c.q. of deze te verkoper hebben bereikt. Zie ook LJN BU3631 en BU3634
-
Verzekeringsrecht. Schending mededelingsplicht door verzekeringnemer bij aangaan arbeidsongeschiktheidsverzekering. Kennisgevingsplicht van verzekeraar (art. 7:929 lid 1 BW) en opzegging verzekeringsovereenkomst wegens opzet tot misleiding (art. 7:929 lid 2 BW). Aanvang tweemaandentermijn. Hoe moete
Dekking onder opstalverzekering. Consumentenovereenkomst. Uitleg contra proferentem. Voor wiens risico komt optreden van tussenpersoon?
Verkoop van woning op Bonaire, waar geen wettelijk schriftelijkheidsvereiste geldt. Koopovereenkomst tot stand gekomen? Makelaar als bode (art. 3:37 lid 4 BW). Gerechtvaardigd vertrouwen (art. 3:35 BW). Toerekening van door bode gewekte schijn aan de achterman? Concordantiebeginsel.
Verzuim. Nadat het geval van art. 6:83 aanhef en onder c BW zich voordeed (mededeling van verkopers dat zij zouden tekortschieten), heeft de koper aan de verkopers een termijn gesteld om te verklaren dat zij alsnog na zullen nakomen. Is daarmee de ingangsdatum van het verzuim opgeschoven? Schadeomva
Procesrecht. Hoger beroep in verzoekzaak. Bestand beroepschrift, dat is verzonden via Veilig Mailen, kan niet door hof worden geopend. Art. 359 Rv. Herstelmogelijkheid?
Surseance van betaling; verrekening; maatstaf ontbreken goede trouw (art. 54/235 Fw); gezichtspunten; cash pooling; overboekingen zonder toestemming bewindvoerder (art. 228 Fw); contractuele meerpartijenverrekening; reikwijdte verruimde verrekening (Mulder q.q./CLBN, NJ 1996/471).
Vordering op oud-vennoot van vof is niet verjaard. Geen aansprakelijkheid vennoot wegens niet melden van ziekte bij aangaan levensverzekering. Niet gebleken dat vof hiervan indertijd op de hoogte was.
Verbintenissenrecht. Verkoop bedrijfspand. Non-conformiteit vanwege ontbreken nieuwe dakbedekking (art. 7:17 BW)? Verzuim o.g.v. art. 6:83 sub c BW; exoneratie; vervangende schadevergoeding; schadebegroting.
Verzuim en ingebrekestelling. Meerwerk. Kon en mocht de opdrachtgever uit mededelingen van de aannemer afleiden dat de aannemer het (meer)werk in onvoltooide staat heeft beëindigd en dat de aannemer in de nakoming van haar verbintenissen zou tekortschieten of had de opdrachtgever juist kunnen en moe
Verbintenissenrecht. Procesrecht. Toepassing imputatieregel art. 6:43 BW. Gerechtelijke erkentenis door een dwaling afgelegd (art. 154 lid 2 Rv)? Essentiële stellingen gepasseerd?
Verhinderen vochtproblemen in het souterrain van de woning van kopers het normale gebruik daarvan en zijn verkopers voor de daardoor geleden schade aansprakelijk? De rechtbank heeft de vorderingen van kopers vanwege onvoldoende onderbouwing afgewezen. Het hof is van oordeel dat op grond van de door
Is het handelen van een printerfabrikant die bij fabricage of via latere updates van de software van verkochte printers een dynamische beveiliging installeert om het gebruik van inktpatronen (cartridges) van andere fabrikanten tegen te gaan, onrechtmatig jegens de eigenaar van de desbetreffende prin
Zie einduitspraak [vindplaats: ECLI:NL:GHSHE:2022:1308]
Huurrecht. Burgermeesterssluiting. Ontbindingsverklaring kan ook voorafgaand aan de daadwerkelijke sluiting van de woning worden verzonden, mits de ontbinding pas effect sorteert op het moment van de feitelijke sluiting van de woning.
Artikel 1 Fw Artikel 3:37 BW Artikel 15b Fw Bekrachtiging afwijzing verzet (tevens inhoudende verzoek om toepassing WSNP) tegen faillietverklaring. Griffiersbrief. Omzetting faillissement?
Verzekeringsrecht; Schending mededelingsplicht bij invullen Gezondheidsverklaring.7:928 lid 1 BW; Twee maanden termijn van artikel 7:929 lid 1 BW; Gezondheidsverklaring is geen Algemene Voorwaarde; Kernbeding.
Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht. Art. 3:35 en 3:37 BW. Arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd die ingevolge art. 7:668a lid 1 BW als voor onbepaalde tijd aangegaan gold. Na veronderstelde einddatum is aan de arbeidsovereenkomst geen uitvoering meer gegeven. Heeft werknemer de arbeidsovereenkomst opge
Goederenrecht. Samenlevingsovereenkomst. Verdeling gemeenschappelijke goederen. Art. 3:172 BW.
Contractenrecht; pachtrecht. Wie is de contractuele wederpartij? HR 11 maart 1977, ECLI:NL:HR:1977:AC1877 (Kribbebijter). Maatstaf om overeenkomst als pachtovereenkomst aan te merken; art. 7:311 BW;. Onderscheid tussen uitleg en kwalificatie. Bedoeling van partijen.
Afrekeningsgeschil Albert Heijn-franchisenemers. Uitleg standaard franchiseovereenkomst. Haviltexnorm
Verbintenissenrecht; rentederivaat. Informatieverstrekking bij renteswap. Aan beroep op dwaling te stellen eisen; verschil met waarschuwingsplicht; bijzondere zorgplicht banken; invloed bestaan adviesrelatie; HR 5 juni 2009, ECLI:NL:HR:2009:BH2815 (De T. / Dexia) en HR 28 juni 2019, ECLI:NL:HR:2019:
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Renteswap. Onderliggende procedure geroyeerd; HR ziet af van beantwoording; art. 393 lid 9 Rv. Vragen gelijkluidend aan die, gesteld in zaak 18/03941 (nog in behandeling).
prejudiciële vragen aan de Hoge Raad. Kort gezegd is niet duidelijk op welke wijze een verzoek ex artikel 1062 Rv (een verzoek om een arbitraal vonnis ten uitvoer te mogen leggen) moet worden beoordeeld als het én om een arbitraal verstekvonnis gaat én gedaagde een consument is. In de beschikking va
beroepsaansprakelijkheid advocaat 2 voor (eventuele) fout in de procedure ter zake de beroepsaansprakelijkheid van advocaat 1; dagvaarding in hoger beroep op termijn van (ruim) een jaar; niet tijdig stellen naar aanleiding van een anticipatie-exploot van de wederpartij; heeft de cliënte het exploot
Aanzegvergoeding van artikel 7:668 lid3 BW moet bij verzoekschrift worden gevorderd. Daarom de spoorwissel van artikel 69 Rv. toegepast. Geen recht op de aanzegvergoeding hoewel niet vaststaat dat de aanzegbrief de werknemer heeft bereikt, omdat de werknemer op tijd wist dat de tijdelijke arbeidsove
contractsovername
Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht. Arbeidsovereenkomst met statutair bestuurder; overeenkomst voor onbepaalde of bepaalde tijd? Geëindigd door opzegging? Aanvulling rechtsgronden? Weging gevolgen van het ontslag.
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten, veertiendagenbrief (art. 6:96 lid 6 BW). Aanvang veertiendagentermijn. Stelplicht en bewijslast. Gevolgen van onjuiste vermelding van de termijn. Rol van de rechter; verstek en tegenspraak. Gevolgen van gedeeltelijke
Faxperikelen.
Veel voorkomende kwestie van gecedeerde vordering ter zake van onbetaalde energiekosten. Vragen van verzuim en betalingsuitstel wegens getroffen regeling tot afbetaling schuld. Tekorten in procesvoering en onwaarachtige voorstelling van zaken aan de zijde van eisende partij en haar (incasso)gemachti
Slecht onderbouwde vordering van ziektekostenverzekeraar haalt toch grotendeels de eindstreep. Vaak moeilijk te volgen redeneringen gedaagde, die op geheim adres in Maastricht woonachtig is . Debat over hoofdverplichting - achterstallige premie - berust op weigering verzekerde om de over twee maande
Art. 81 lid 1 RO. Proceskostenveroordeling bij subjectieve cumulatie. Bewijslastverdeling. Contractsoverneming. Schuldoverneming. Schadestaatprocedure bij vervangende schadevergoeding?
Stuiting verjaring. Artikel 3:317 BW. Artikel 3:37 BW. Algemene voorwaarden. Het niet voldoen aan de in de algemene voorwaarden opgenomen verplichting tot het doorgeven van adreswijzigingen heeft te gelden als een handeling/omstandigheid in de zin van artikel 3:37 lid 3 BW die rechtvaardigt dat het