Verjaringsperikelen: de korte en de lange verjaringstermijn van artikel 3:310 BW.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:316 BW
Genoemd in 701 uitspraken · Officiële wettekst
701 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 27 · live
Kennelijk onredelijk ontslag. Vordering tot schadevergoeding. Beroep op verjaring verworpen. De kantonerchter is van oordeel dat stuiting van de verjaring kan geschieden op de wijze als vermeld in artikel 3:317 lid 1 BW, nu het een vordering tot nakoming van een verbintenis in de
Aandelenlease, sprintplan, 30-70%.
Arbeidsrecht. Kennelijk onredelijk/onregelmatig ontslag; vordering tot herstel dienstbetrekking en schadevergoeding; verjaring op grond van art. 7:683 BW; stuiting; schriftelijke mededeling in art. 3:317 lid 1 BW; daaraan te stellen eisen; ondubbelzinnig voorbehoud van recht op
leidingschade; is eiser vorderingsgeechtigd; verjaring; onderzoeksplicht aannemer; informatieplicht leidingbeheerder.
Sprintplan.
Betreft een vordering van een pluimveevangbedrijf tot terugbetaling van de premie die ten onrechte zou zijn betaald als gevolg van het feit dat de eisende partij ten onrechte aangesloten is geweest bij diverse bedrijfstakregelingen en - fondsen in de agrarische sector. Vordering
In deze grief handhaaft SHP uitdrukkelijk haar zowel door de voorzieningenrechter als door de rechtbank gemotiveerd verworpen standpunt dat de mogelijkheid van verwerving van eigendom door extinctieve verjaring als vervat in artikel 3:105 BW eerst in 2012 ontstaat. Het hof verwer
Internationale zaak. Bevoegdheid van de Nederlandse rechter om kennis te nemen van een vordering die is gebaseerd op art. 3:45 BW (Pauliana) kan niet worden gebaseerd op de EEX-verordening maar wel op artikel 9, aanhef en onder a Rv. Grenzen aan de bevoegdheid debiteur om zijn ve
Het hof is van oordeel dat [geïntimeerde] geen beroep op artikel 3:86 lid 3 BW toekomt, nu [geïntimeerde] de hoogwerker niet binnen de in dat artikel gestelde termijn van drie jaar als zijn eigendom heeft opgeëist en niet is gebleken dat [geïntimeerde] deze termijn tijdig heeft g
Aansprakelijkheidsrecht. Geschil over de onrechtmatigheid van in het kader van strafvervolging verrichte onderzoeksrapportages over lichamelijk en geestelijk welzijn van verdachte (81 RO).
* Vordering ex art. 7:681 BW niet ontvankelijk wegens verjaring * Vordering ex art. 7:658 BW direct afgewezen vanwege onvoldoende feitelijke onderbouwing
Lid 1 van artikel 10 van de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen (hierna: WAM) bepaalt dat een uit deze wet voortvloeiende rechtsvordering van de benadeelde tegen de verzekeraar verjaart door verloop van drie jaar te rekenen van het feit waaruit de schade is ontstaan,
toepasselijkheid CAO na overgang van onderneming, nawerking, verjaring, rechtsverwerking en "ne bis in idem" ivm schikking
Aansprakelijkheidsrecht. Bevrijdende verjaring, bekendheid art. 3:310 lid 1 BW, ‘civiel plafond’ staat in de weg aan regres door UWV/ABP op de voor verkeersongeval aansprakelijke persoon.
Afwijzing van vordering tot vergoeding van schade op te maken bij staat. Onvoldoende feiten en omstandigheden gesteld om te kunnen concluderen tot causaal verband tussen het, zonder zich met eiser te verstaan, legaliseren van de volmacht door de notaris en de door eiser als gevol
Afwijzing van vordering tot vergoeding van schade op te maken bij staat. Onvoldoende feiten en omstandigheden gesteld om te kunnen concluderen tot causaal verband tussen het, zonder zich met eiser te verstaan, legaliseren van de volmacht door de notaris en de door eiser als gevol
Geoordeeld wordt dat de gebruiker van een stuk grond door bevrijdende verjaring eigenaar is geworden. De eerdere eigenaar heeft een beroep gedaan op het Eerste Protocol bij het EVRM, op grond waarvan eigendom alleen kan worden ontnomen in het algemeen belang. Dit beroep wordt ver
De gemeente Apeldoorn en Koninklijke Reesink N.V. hebben een overeenkomst gesloten waarbij de gemeente bouwgrond aan Reesink zou leveren. Bij vonnis van de rechtbank Zutphen, bekrachtigd door het hof Arnhem, is de gemeente veroordeeld om tot levering over te gaan en wel op straff
Eiseres is in 1956 toegetreden tot de congregatie van de zusters van de H. Jozef. Zij is in 1970 wegens haar gedrag ontslagen van het lidmaatschap van de congregatie. Zij is tevens weggezonden van de communiteit. Eiseres vordert in kort geding dat zij weer als lid in het huis van
Bekendheidscriterium artikel 3:309 BW. Wetenschap van de curator ten aanzien van handelingen die hij heeft verricht ter vereffening van de boedel en het doen van uitkeringen aan schuldeisers is niet gelijk te stellen met de wetenschap van de gefailleerde.
Faillissement Vie d'Or. Vorderingen curatoren op assurantietussenpersoon en diens bestuurders. Winstcommissie-overeenkomst: strijd met Wet Assurantiebemiddelingsbedrijf 1991? pauliana? Rekening-courantverhouding: stuiting verjaring door een derde.
Eindvonnis. Huwelijk/ samenleving. Verdeling gemeenschap.
Consumentenkoop. Korte verjaringstermijn artikel 7:28 BW. Ook i.g.v. ontbinding + verv. schadevergoeding van toepassing.
Vordering verjaard? Hof verwijst naar rol voor uitlating opdat vervolgens kan worden beoordeeld of de verjaringstermijn is gestuit ex art. 3:317 lid 1 BW.