Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Collectieve actie effectenlease-overeenkomst, art. 3:305a BW. Geldt stuitende werking ook voor bevoegdheid tot buitengerechtelijke vernietiging ex art. 1:89 BW? Zesmaandentermijn van art. 3:316 lid 2 BW.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:316 BW
Genoemd in 701 uitspraken · Officiële wettekst
701 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Koop. Procesrecht. Vervolg op HR 3 december 2010, ECLI:NL:HR:2010:BO0183. Verzuim; beroep op ‘een voor de voldoening bepaalde termijn’, art. 6:83, onder a, BW; maatstaf HR 4 oktober 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE4357, NJ 2003/257. Devolutieve werking hoger beroep. Inroepen stellingen e
Effectenlease-overeenkomst. Geldt voor het Dexia Aanbod het toestemmingsvereiste van art. 1:88 BW? Belang bij antwoord op die vraag? Verjaring van de vordering tot vernietiging van de effectenleaseovereenkomst; beroep op stuiting van de verjaring door een collectieve actie, indie
15 april 2005 Eerste Kamer Nr. C04/044HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: voorheen mr. A.G. Castermans, thans mr. T.F.E. Tjong Tjin Tai, t e g e n UNIDEK VOLUMEBOUW B.V., gevestigd te Gemert, geme
Prejudiciële vraag. Collectieve actie. Stuiting verjaring. Art. 3:317 lid 1 BW. Kan een rechtspersoon, bedoeld in art. 3:305a BW, de verjaring stuiten van rechtsvorderingen van personen wier belangen hij behartigt? Strekking collectieve actie. HR 26 februari 2010, ECLI:NL:HR:2010
Bestuurdersaansprakelijkheid. Beroep op verjaring, art. 3:310 lid 1 BW. Tijdstip waarop verjaringstermijn is gaan lopen; maatstaf. Bekendheid met gedragingen bestuurder die later oorzaak van de schade blijken te zijn. Stuiting van de verjaring door eis in rechte, art. 3:316 lid 2
CAO-recht. Is een werknemersorganisatie gerechtigd als contractspartij uit eigen hoofde nakoming van een door haar met een werkgever gesloten CAO te vorderen?
-
Verjaring en stuiting van individuele vorderingen nadat collectieve actie ex artikel 3:305a BW is geëindigd door toewijzing van verklaring voor recht. Vragen over toepassing van artikel 3:316 lid 2, 3:324, 3:319 lid 2 BW.
Effectenlease; verjaring bevoegdheid tot buitengerechtelijke vernietiging
Beroepsaansprakelijkheid van advocaat. Verzuim om verjaring van de bevoegdheid tot tenuitvoerlegging van rechterlijke uitspraak (art. 3:324 BW) te stuiten? Rechtsgevolg van stuiting door daad van tenuitvoerlegging in de zin van art. 3:325 lid 2, onder c, BW: nieuwe verjaringsterm
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv), effectenleaseovereenkomst; kan de bevoegdheid tot buitengerechtelijke vernietiging van rechtshandelingen collectief gestuit worden? De aan de Hoge Raad voorgelegde vragen zijn: - strekt de stuitende werking op de voet van art. 3:316 BW van een co
Kopers van een nieuwe Volkswagen, Audi, Seat en Škoda met zogenoemde ‘sjoemelsoftware’ hebben recht op een prijsverlaging van 3.000 euro, voor een tweedehands auto is dit 1.500 euro. Dat heeft de rechtbank geoordeeld. Het geldt voor ongeveer 150.000 auto’s die consumenten kochten
Koop. Vordering tot betaling koopprijs. Stuiting verjaring ex art. 3:316 BW? Hof had niet zonder nadere motivering mogen voorbijgaan aan essentiële stelling verkoopster dat verjaring is gestuit door eerdere “van haar zijde” jegens koopster geïnitieerde procedure (HR 2 maart 2001
15 april 2005 Eerste Kamer Nr. C04/045HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: voorheen mr. A.G. Castermans, thans mr. T.F.E. Tjong Tjin Tai, t e g e n UNIDEK VOLUMEBOUW B.V., gevestigd te Gemert, geme
Vervolg op prejudiciële beslissing van de HR van 9 oktober 2015 (ECLI:NL:HR:2015:3018); effectenleaseovereenkomst; stuiting verjaring bevoegdheid buitengerechtelijke vernietiging op de voet van art. 1:89 BW door collectieve vordering in de zin van art. 3:305a BW;
Effectenlease, 1:88/1:89 BW, verjaring vordering onverschuldigde betaling
Vermogensrecht. Verjaring. Collectieve actie op voet van art. 3:305a (oud) BW waarin verklaring voor recht is toegewezen. Geldt zesmaandentermijn van art. 3:316 lid 2 BW t.a.v. op collectieve actie aansluitende individuele vorderingen tot schadevergoeding of begint daarvoor op vo
Hoger beroep; vordering schuldeiser tot vernietiging ex artikel 3:45 BW van ontwikkelingsovereenkomst, hypotheken, aansprakelijkstellingen met bijbehorende akkoordverklaringen, verkoopovereenkomst en van verdere hypotheken en grondoverdrachten; het hof oordeelt wel over de afwikk
Procesrecht. Conservatoir beslag, gevolgd door hoofdzaak waarin in appel verklaring voor recht in plaats van veroordeling wordt gevorderd. Art. 700 lid 3 Rv. Levert arrest executoriale titel op? Verjaringstermijn. Art. 3:324 lid 1 BW. Rangregeling. Art. 552 Rv. Renvooiprocedure.
Effectenlease-overeenkomst. Geldt voor het Dexia Aanbod het toestemmingsvereiste van art. 1:88 BW? Belang bij antwoord op die vraag? Verjaring van de vordering tot vernietiging van de effectenleaseovereenkomst; beroep op stuiting van de verjaring door een collectieve actie, indie
Verjaringstermijn voor de vordering van de bank die resteert nadat het hypothecaire zekerheidsrecht is uitgewonnen bedraagt vijf jaar. Het is in de onderhavige situatie naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar dat de bank cliënten houdt aan de voorwaarde dat
Vermogensrecht. Voor verjaring vereist bezit. Heeft het hof ten aanzien van betwisting van bezit terecht een verzwaarde motiveringsplicht aangenomen?
Mededingingsrecht. Liftenkartel. De rechtbank oordeelt dat zij bevoegd is ondanks een arbitraal beding in de algemene voorwaarden van de liftenleveranciers. Het verjaringsverweer slaagt niet omdat ten aanzien van een aantal vorderingen tijdig stuiting heeft plaatsgevonden. De ove
Valsheid in geschrift, meermalen gepleegd (art. 225.1 Sr) en opzettelijk gebruik maken van vals geschrift, meermalen gepleegd (art. 225.2 Sr) door valse facturen op te stellen en daarvan gebruik te maken. Vordering b.p. en verjaring. Is verjaring van civiele vordering gestuit doo