Financieel recht. Effectenlease (Dexia). Negatieve verklaring voor recht; daarvoor vereist belang; stelplicht en bewijslast. Advisering en schadeverdeling. Buitengerechtelijke kosten en van kleur verschieten ex art. 6:96 lid 3 BW en art. 241 Rv. Geen belang bij slagen klacht in p
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:302 BW
Genoemd in 345 uitspraken · Officiële wettekst
345 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Klimaatzaak Urgenda. Mensenrechten. EVRM. VN-Klimaatverdrag. Bevel aan Staat om maatregelen te nemen tegen klimaatverandering. Gevaar klimaatverandering. Beschermingsomvang art. 2 en 8 EVRM; positieve verplichtingen. Effectieve rechtsbescherming art. 13 EVRM. Deelverantwoordelijk
Ontvankelijkheid in cassatie, hoedanigheid procespartij. Tussenarrest, art. 401a Rv. Belang bij vordering en verweer, art. 3:302 en 303 BW. Ontvankelijkheid in hoger beroep, verlies van hoedanigheid tijdens instantie.
Prejudiciële procedure (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing van minderjarige bij pleegouders. Dienen de pleegouders toestemming te verkrijgen van de ouders met gezag dan wel de gecertificeerde instelling voor een uitstapje of vakanti
De kantonrechter oordeelt dat de rechtsverhouding tussen Deliveroo en haar bezorgers is aan te merken als een arbeidsovereenkomst.
Dexia-zaak, vordering verklaring voor recht dat Dexia niets verschuldigd is (waiver-zaak), advies van remisier zonder benodigde vergunning
Beslagrecht, goederenrecht, derdenbescherming (art. 3:36 BW). Doorhaling hypotheekrecht in registers; rechtsgeldige afstand van hypotheekrecht? Wordt beslaglegger beschermd tegen gewekte schijn van afstand? Nadeelvereiste? Reikwijdte van de bescherming van art. 3:36 BW; aard van
Overheidsaansprakelijkheid. Twee gedupeerden van de toeslagenaffaire die te maken hebben gekregen met terugvordering van voorschotten op kinderopvangtoeslagen en verregaande invorderingsmaatregelen, spreken de Staat aan wegens onrechtmatig handelen. Eisers hebben voldoende belang
Procesrecht. Wet Bopz. Toetsing na cassatie en verwijzing van verzoek om machtiging: ex tunc of ex nunc? Kan machtiging ook worden verleend na verstrijken geldigheidsduur? Enkelvoudig horen en meervoudig beslissen: toepasselijkheid regels HR 22 december 2017, ECLI:NL:HR:2017:3264
Art. 81 lid 1 RO. Beroepsaansprakelijkheidsverzekering advocaat. Verzekeraar sluit vaststellingsovereenkomst met cliënt van advocaat zonder inzage te geven in brief van advocaat aan advocaat van verzekeraar. Onrechtmatig? Beroep verzekeraar op afgeleid verschoningsrecht. Belang b
Goederenrecht. Procesrecht. Niet-inschrijving cassatieberoep in rechtsmiddelenregister (art. 3:29 lid 3 BW). Herstel mogelijk? Ratio inschrijvingsvoorschrift. Onverbrekelijk samenhangend oordeel dat deelt in niet-ontvankelijkheid?
Financieel recht. Effectenlease (Dexia). Negatieve verklaring voor recht; daarvoor vereist belang; stelplicht en bewijslast. Advisering en schadeverdeling. Buitengerechtelijke kosten en van kleur verschieten ex art. 6:96 lid 3 BW en art. 241 Rv. Geen belang bij slagen klacht in p
Gemeentelijke erfpacht Amsterdam. Goederenrecht. Europees consumentenrecht. Vermelding canon in akte van erfpacht; art. 5:85 lid 2 BW, art. 767 (oud) BW. Beding in Algemene Bepalingen (AB) over periodieke herziening canon door deskundigen; voldoende bepaalbaar (art. 6:227 BW)? Fo
Rechtspersonenrecht. Art. 2:14-2:15 BW. Bestrijding van besluiten i.v.m. ontslag van stichtingbestuurder (Cornelis Haga Lyceum).
Collectieve actie over kostencomponent stadsverwarming. Ontbreken rechtsgrond voor het in rekening brengen van periodieke, geindexeerde en rentedragende aansluitbijdrage. Ontvankelijkheid claimstichting.
Prejudiciële procedure (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing van minderjarige bij pleegouders. Dienen de pleegouders toestemming te verkrijgen van de ouders met gezag dan wel de gecertificeerde instelling voor een uitstapje of vakanti
Art. 81 lid 1 RO. Intellectuele eigendom. Octrooirecht. Procesrecht. Vordering tot verklaring voor recht van niet-inbreuk op op een Europees octrooi voor staalplaat. Belang? Mocht het hof zijn oordeel mede baseren op Japanse octrooien, waarvan geen vertaling was overgelegd? Uitle
Overheidsaansprakelijkheid. Collectieve actie van de Woonbond tegen onder meer de Staat en een woningcorporatie over afgifte en gebruik van de inkomensverklaring ex artikel 7:252a, derde lid, BW, voor inkomensafhankelijke huurverhoging. Ontvankelijkheid. Taakverdeling burgerlijke
Beslagrecht, goederenrecht, derdenbescherming (art. 3:36 BW). Doorhaling hypotheekrecht in registers; rechtsgeldige afstand van hypotheekrecht? Wordt beslaglegger beschermd tegen gewekte schijn van afstand? Nadeelvereiste? Reikwijdte van de bescherming van art. 3:36 BW; aard van
Rechtsmachtverdeling burgerlijke rechter en bestuursrechter. Collectieve actie (art. 3:305a BW) m.b.t. hoogte instellingscollegegeld van universiteiten. Rechtsgang van titel 7.4 WHW met voldoende waarborgen omkleed? Niet-ontvankelijkheid van vordering bij burgerlijk rechter (HR 2
Chauffeur beroepsgoederen vervoer vordert nabetaling van loon over vakantiedagen i.v.m. (overwerk)toeslagen. O.g.v. HvJ-jurisprudentie wordt de vordering toegewezen.
Collectieve actie in verband met in Ivoorkust gestorte (afval)stoffen. 1. Rechtsmacht. De Nederlandse rechter is bevoegd ex art. 8 sub 1 Verordening Brussel I-bis. 2. Ivoriaans recht. Het Ivoriaanse recht is niet van belang voor de beoordeling van de ontvankelijkheid. 3. Gelijkso
Huurrecht. Wooncomplex voor jongeren. Vordering tot betaling van afrekening servicekosten over jaren 2017 tot en met juni 2021 voor aanvullende diensten die aanvankelijk in Dienstenovereenkomst waren begrepen. Artikel 51 Uhw. Vordering slechts toewijsbaar jegens de huurders die b
en inzake C/09/632771 / HA ZA 22-632. Benzinewet; Convenant Alternatief traject 'MDW benzine hoofdwegennet'. Betekenissen "motorbrandstoffen" en "locatie". Elektriciteit is geen motorbrandstof. zie ook ECLI:NL:RBDHA:2022:1693
Proces- en goederenrecht. Toewijzing van verklaring voor recht dat hypotheekrechten als gevolg van art. 3:45 BW nietig zijn. Hoger beroep niet-ontvankelijk omdat niet is voldaan aan de verplichting om een hoger beroep tegen een vonnis met een verklaring van waardeloosheid van een