Mondelinge koopovereenkomst met betrekking tot percelen grond. Bewijsperikelen met betrekking tot de totstandkoming en de inhoud van de koopovereenkomst.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:301 BW
Genoemd in 395 uitspraken · Officiële wettekst
395 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 13 · live
burengeschil, onrechtmatige daad
Hoger beroep; verkoop/overdracht tegen een te lage prijs en onder verrekening benadeelt de schuldeisers in het faillissement
Verdeling huwelijksgemeenschap. Niet-inschrijven beschikking rechtbank in het rechtsmiddelenregister. Nieuwe grief tijdens mondelinge behandeling in strijd met de twee-conclusieregel en de goede procesorde.
Appellant is niet ontvankelijk in het hoger beroep voor zover dat is gericht tegen oordelen die betrekking hebben op de uitspraak als bedoeld in art. 3:301 lid 2 BW, die mede in het vonnis is opgenomen.
Art. 81 lid 1 RO. Contractenrecht. Koopovereenkomst woning. Procesrecht. Berusting ingevolge vaststellingsovereenkomst? Belang bij cassatieberoep? Inschrijven dagvaarding vereist (art. 3:301 lid 2 BW)? Ambtshalve toetsing aan art. 7:2 BW?
(oud) erfrecht, diverse geschilpunten
Procesrecht. Niet-tijdige inschrijving van rechtsmiddel in openbare registers, art. 3:301 lid 2 BW. Strekking. Niet-ontvankelijkheid? Gedeelte van het dictum dat in de plaats treedt van de tot levering bestemde akte en de daarmee onlosmakelijk verbonden onderdelen (HR 11 septembe
Procesrecht. Appeltermijn van 8 dagen bij reële executie ex art. 3:300 lid 2 BW en art. 433 Rv Indien in het dictum van het vonnis toepassing is gegeven aan de regel van art. 3:300 lid 2 BW (vonnis vervangt akte van levering woning), dan dient op straffe van niet ontvankelijkheid
Ontbindende voorwaarde ingeroepen? Ingebrekestelling noodzakelijk? Opheffing beslag
Geen verkrijgende verjaring van strook grond als gevolg van de aanleg van een grindpad, ook niet in combinatie met de aanwezigheid van een ernaast gelegen ondoordringbare haag van struiken. Doorzichtig raam binnen twee meter van de erfgrens. Wetsartikel: 3:105, 3: 306, 5:50, 6:16
Omvang van te verdelen huwelijksgoederengemeenschap. De vrouw is eerder, op huwelijkse voorwaarden, gehuwd geweest, welk huwelijk is geëindigd door het overlijden van haar eerste man ten gevolge van een auto-ongeval, met achterlating van twee toen nog minderjarige kinderen. Voor
Incident eiswijziging in hoger beroep. Artikel 3:301 lid 2 BW heeft geen betrekking op uitspraken waarin een dwangvertegenwoordiger ter zake de benodigde notariële akte van levering wordt aangewezen.
Procesrecht. Niet tijdige inschrijving van rechtsmiddel in rechtsmiddelregister (art. 433 Rv). Strekking art. 3:301 lid 2 BW. Niet-ontvankelijkheid? Gedeelte van het dictum dat in de plaats treedt van de tot levering bestemde akte en de daarmee onlosmakelijk verbonden onderdelen
Niet-ontvankelijkverklaring mede-erfgenaam die ten behoeve van zichzelf vordering instelt.
Toepasselijkheid algemene voorwaarden; partijen hebben een langdurige handelsrelatie waarbij op de facturen wordt verwezen naar de toepasselijke algemene voorwaarden die op de achterkant ervan zijn afgedrukt. Toepasselijkheid van de algemene voorwaarden aangenomen.
Art. 81 lid 1 RO. Huwelijksvermogensrecht. Afwikkeling echtscheiding. Is overeenkomst tussen echtelieden tot overdracht woning door de man aan de vrouw voorwaardelijk aangegaan?
Vestiging van een erfdienstbaarheid. Inschrijving in het rechtsmiddelenregister van artikel 433 Rv. Artikel 25 Kadasterwet.
Hoger beroep inzake een echtelijke boedelverdeling. Incidentele vordering tot niet-ontvankelijk verklaring. Het hoger beroep is echter tijdig ingeschreven in het rechtsmiddelenregister, conform het bepaalde in art. 3:301 BW. Vordering afgewezen.
Kort geding. Echtscheiding. Geldvordering van de vrouw;: voorziening ter zake verdeling van beperkte gemeenschap (voormalige echtelijke woning) op verzoek van de man.
In het dictum van het bestreden vonnis is bepaald dat dat vonnis in de plaats treedt van een tot levering van een registergoed bestemde akte of een deel van zodanige akte in de zin van artikel 3:300 lid 2 BW. Ingevolge artikel 3:301 lid 2 BW dient het hoger beroep tegen een derge
Procesrecht. Toepassing van art. 3:301 lid 2 BW. De daarin voorziene inschrijving heeft niet binnen de gestelde termijn plaatsgevonden. zodat de appellanten niet ontvankelijk zijn in het tegen het betreffende gedeelte van het vonnis gerichte appel. Wel ontvankelijk ten aanzien va
Erfrecht. Uiterste wilsbeschikking. Uitlegging. Art. 4:46 leden 1 en 2 BW. Overgangsrecht. Legaat van vruchtgebruik van de nalatenschap. Keuzelegaat. Afd. 4.3.1 BW.
Procesrecht. Toepassing van art. 3:301 lid 2 BW. ‘’Binnen acht dagen na het instellen van het rechtsmiddel’’ wil zeggen dat de termijn aanvangt op de dag waarop het rechtsmiddel is ingesteld en voortduurt tot en met de volle achtste dag na laatstbedoelde dag.
art. 37 Fw en onlosmakelijk verbonden overeenkomsten. Overschrijving schip van nederlands naar duits hypotheekregister tijdens faillissement scheepsbouwer/hypotheekhouder. Strekking van art. 69 Fw.