-
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:295 BW
Genoemd in 11 uitspraken · Officiële wettekst
11 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Kort geding. Uitoefening retentierecht door aannemer (geïntimeerde). Een derde heeft door geïntimeerde geplaatste sloten doorgeknipt, borden verwijderd en vernielingen aangericht. Vordering tot herstel retentierecht en daarmee samenhangende vorderingen door voorzieningenrechter t
Huurgrond – weekendhuis Choloma – geen opstal vergoeding – toestemming verhuurder voor ingebruikgeving door huurder – houderschap – bezit -
Kort geding. Vordering tot afgifte goederen door bewaarder aan beslagene ex art. 860 lid 2 Rv. Ingeroepen pandrechten op goederen staan niet aan afgifte in de weg.
Kort geding. Bevoegdheid voorzieningenrechter in verband met arbitraal beding. Vordering tot vrijgave van goederen (handelsvoorraad) onder conservatoir beslag bij bewaarder. Ordemaatregel op grond van belangenafweging en om patstelling te doorbreken. Geleidelijke vrijgave onder v
Kort geding. Voormalige (?) retentor legt conservatoir beslag onder eigenaar nadat rechtbank retentierecht afwijst en retentor in hoger beroep komt. Art. 3:294 BW. Art. 3:295 BW. Opheffing beslag? Belangenafweging. Misbruik bevoegdheid?
Einde retentierecht. Houderschap retentor? 3:294 en 3:295 BW.
Kan een voor onbepaalde tijd verlengde huurovereenkomst ex artikel 7:290 BW worden opgezegd met als gevolg dat zij dan niet langer dan twee jaar heeft geduurd. Ja, volgens artikel 7:228 kan opgezegd worden. Huurder lijdt schade door het deels ten onrechte uitgeoefende retentierec
Beroep op retentierecht op administratieve bescheiden
Rententierecht op onroerende zaken zoals schepen is in beginsel mogelijk, mits de retentor op ook voor derden voldoende kenbare wijze de feitelijke macht over het schip uitoefent. Nu het schip in de macht van de eigenaar van het schip is gekomen, is het retentierecht op grond van
-