Procesrecht. Goederenrecht. Rechtsmiddelenverbod van art. 3:268 lid 3 BW analoog van toepassing op beschikking tot verblijven van verpand goed aan pandhouder (art. 3:251 BW)? Vgl. HR 17 juni 1994, ECLI:NL:HR:1994:ZC1401, NJ 1995/367.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:268 BW
Genoemd in 496 uitspraken · Officiële wettekst
496 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Machtiging tot beheer en ontruiming op grond van beheerbeding in hypotheekakte (3:267 BW). Hoger beroep van beschikking waarbij machtiging is verleend.
Kort geding. Eisers vorderen dat het hen wordt toegestaan hypothekaire schuld in te lossen. art. 3:268 BW en art. 3:269 BW. Gerechtshof heeft rechtsmiddelenverbod van art. 3:268 lid 3 BW doorbroken en alsnog een eerder goedgekeurde onderhandse verkoopovereenkomst afgewezen. Onder
Verzoek tot goedkeuring onderhandse verkoop ex artikel 3:268 BW. Bereidheid geïnteresseerde ter zitting om hoger bod uit te brengen. Bevoegdheid tot voorleggen hoger bod.
Hoger beroep tegen weigering toestemming voorzieningenrechter ex art. 3:251 BW/ Doorbreking van appelverbod in deze aan de orde (zie HR 17 juni 1994, ECLI:NL:HR:1994:ZC1401 en HR 10 februari 2017, ECLI:NL:HR:2017:213) / Naleving blokkeringsregeling door executerende eerste pandho
Procesrecht. Toestemming onderhandse verkoop (art. 3:268 lid 2 BW). Mededeling aan en oproeping van belanghebbenden (art. 548 lid 3 Rv). Doorbreking rechtsmiddelenverbod van art. 3:268 lid 3 BW wegens schending hoor en wederhoor? Oproeping in hoger beroep (art. 361 lid 1 Rv).
Procesrecht. Goederenrecht. Parate executie bij hypotheek (art. 3:268 BW). Verlof voor onderhandse verkoop (art. 3:268 lid 2 BW). Doorbreking van het rechtsmiddelenverbod van art. 3:268 lid 3 BW. Wijze waarop aan belanghebbende op grond van art. 548 lid 3 Rv mededeling moet worde
Incident. Toewijzing van het verzoek tot uitvoerbaarverklaring bij voorraad (artikel 234 Rv) van een beschikking waarin het verzoek tot onderhandse verkoop van een woning (artikel 3:268 lid 2 BW) is toegewezen.
artikel 3:268 lid 2 BW / geen doorbreking van het rechtsmiddelenverbod / niet-ontvankelijk / een potentiële koper mag meebieden / artikel 358 lid 2 Rv
De voorzieningenrechter geeft bij beschikking ex artikel 3:268 lid 2 BW toestemming tot onderhandse verkoop van een woning met bevel tot ontruiming. Tegen deze beschikking is geen hogere voorziening toegelaten. In dit geval leidt het niet op correcte wijze oproepen van de schulde
Verzoek onderhandse verkoop – doorbreking appelverbod.
Onderhandse verkoop ex art. 3:268 lid 2 BW ; geen doorbreking rechtsmiddelenverbod ; gestelde betalingsafspraak is niet nagekomen; niet-ontvankelijk
Verzoek ondershandse verkoop door notaris, ontvankelijkheid.
Procesrecht. Goederenrecht. Rechtsmiddelenverbod van art. 3:268 lid 3 BW analoog van toepassing op beschikking tot verblijven van verpand goed aan pandhouder (art. 3:251 BW)? Vgl. HR 17 juni 1994, ECLI:NL:HR:1994:ZC1401, NJ 1995/367.
Vordering uitvoerbaar bij voorraad verklaren beschikking onderhandse verkoop ex artikel 3:268 BW toegewezen. Notaris veroordeeld tot medewerking aan passeren leveringsakte. Na het instellen van hoger beroep tegen een toegewezen beschikking onderhandse verkoop ex artikel 3:268 BW
Artikel 3:251 BW procedure. Opeisbaarheid onderliggende vordering wordt betwist door schuldenaar. Uitwinningsbevoegdheid en pandhouderschap worden betwist door belanghebbende partij aan wie vordering van verzoekster verpand is, die stelt dat het onderliggende zekerheidsrecht daar
onvoorziene omstandigheden, discretionaire bevoegdheid (kanton)rechter tot wijziging of buitenwerkingstelling van een regeling als bedoeld in artikel 3:168 lid 1 BW
Antillenzaak; procesrecht. Ten onrechte geoordeeld dat griffierecht in hoger beroep niet tijdig was voldaan. Door hof afgewezen verzoek tot herroeping beslissing tot vervallenverklaring en doorhaling op de rol. Geen kennelijke fout die zich voor eenvoudig herstel leent. Onjuist o
Rekest. Hoger beroep tegen verlofverlening aan de bank voor de gezamenlijke onderhandse verkoop van onroerende zaken ex art. 3:268 BW afgewezen.
Appeltermijn: drie maanden of vier weken? Gegrond beroep op doorbreking van het appelverbod. Omvang rechtsstrijd in hoger beroep na doorbreking.
Appeltermijn: drie maanden of vier weken? Gegrond beroep op doorbreking van het appelverbod. Omvang rechtsstrijd in hoger beroep na doorbreking.
Geschil over onderhandse executoriale verkoop van een woning. (81 RO)
Verzoek onderhandse verkoop, art. 3:268 lid 3 BW. Voorzieningenrechter benoemt taxateur. De ambtshalve opgeroepen belanghebbenden (beslagleggers) worden (mede) veroordeeld in de kosten van het deskundigenonderzoek. Deze kosten beslissing is niet appellabel.
-