Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Limburg

ECLI:NL:RBLIM:2017:1138

2017-02-09 Civiel recht; Burgerlijk procesrecht C/03/230474 / KG RK 17-17
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Limburg
Uitspraakdatum
2017-02-09
Publicatiedatum
2017-02-09
Rechtsgebied
Civiel recht; Burgerlijk procesrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
C/03/230474 / KG RK 17-17
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | AR 2017/765

Inhoudsindicatie

Verzoek ondershandse verkoop door notaris, ontvankelijkheid.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (5.206 tekens)
beschikking
RECHTBANK LIMBURG


Burgerlijk recht



Zittingsplaats Roermond




zaaknummer / rekestnummer: C/03/230474 / KG RK 17-17




Beschikking van de voorzieningenrechter van 9 februari 2017




in de zaak van



de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid


[A] HOLDING B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats A] ,
verzoekster,
notaris mr. J.A.P. Dings,



en


1. mr. H.A.W. van Wel in zijn kwaliteit van curator van de op 22 maart 2016 in staat van faillissement verklaarde de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid


A.N.R. PROJECTEN B.V.,
kantoorhoudende te Weert

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid



[B] BEHEER B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats B] ,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid



[C] BEHEER B.V.,
gevestigd te [Vestigingsplaats C] ,

4. [C],
wonende te [woonplaats C] ,
5. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid



[D] BEHEER B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats D] ,

6. [D],

wonende te [woonplaats D] ,
belanghebbenden.





1De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift met producties,
- de mondelinge behandeling op 7 februari 2017.





1.2.
Namens verzoekster [A] Holding B.V. is verschenen de heer [A] , bijgestaan door de heer mr. J.A.P. Dings en namens belanghebbende [B] Beheer B.V. is de heer [B] verschenen. De overige belanghebbenden zijn, hoewel deugdelijk opgeroepen, niet ter zitting verschenen.





2De beoordeling


2.1.
De ontvankelijkheid van het verzoek.


2.1.1.
Artikel 261 van boek 1 Rv bepaalt dat, voor zover uit de wet niet het tegendeel voortvloeit, titel 3 van toepassing is op alle zaken die met een verzoekschrift moeten worden ingeleid. Artikel 278 lid 3 boek 1 Rv maakt onderdeel uit van deze titel. Daarin is de processuele (hoofd)regel neergelegd dat, tenzij indiening bij de kantonrechter plaatsvindt of ingevolge een bijzondere wettelijke bepaling niet door een advocaat behoeft te geschieden, verzoekschriftenzaken door een advocaat moeten worden ingediend. Dit verzoek is echter ingediend door een notaris en niet door een advocaat. Dat doet de vraag rijzen of verzoekster in haar verzoek kan worden ontvangen. De voorzieningenrechter beantwoordt deze vraag bevestigend en motiveert dat oordeel als volgt.



2.1.2.
Anders dan in artikel 549 boek 1 Rv, dat betrekking heeft op het inroepen van een huurbeding door de hypotheekhouder, is in artikel 548 boek 1 Rv niet expliciet bepaald dat een verzoek ondershandse verkoop door een notaris kan worden ingediend. Daaruit zou kunnen worden afgeleid dat het de bedoeling van de wetgever is geweest om verzoeken tot ondershandse verkoop onder de hierboven geformuleerde processuele hoofdregel te laten vallen en dat deze dus enkel door een advocaat kunnen worden ingediend.



2.1.3.
Echter, in artikel 3:268 lid 3 BW is uitdrukkelijk bepaald dat een dergelijk verzoek ook kan worden ingediend door een notaris. Ondanks dat artikel 3:268 BW in beginsel een materieelrechtelijke bepaling is, heeft naar het oordeel van de voorzieningenrechter voormeld artikellid een puur processuele functie. In materieelrechtelijke zin is dit artikellid immers zinledig. De slotsom is dat een notaris bij de rechtbank namens de hypotheekhouder een verzoekschrift kan indienen niet alleen in het geval waarin laatstgenoemde een beroep doet op een in de hypotheekakte voorkomend huurbeding maar ook indien de hypotheekhouder het verhypothekeerde goed ondershands wil verkopen.




2.2.

De voorzieningenrechter gaat over tot de inhoudelijke beoordeling van het verzoek.
Het strekt tot het verkrijgen van verlof als bedoeld in art. 3:268 lid 2 BW om de hierna vermelde onroerende zaak onderhands te verkopen volgens de bij het verzoek gevoegde koopovereenkomst. Geoordeeld wordt dat het verzoek als gegrond op de wet moet worden toegewezen.














3De beslissing


De voorzieningenrechter:



3.1.
bepaalt dat de verkoop van de hypothecair verbonden onroerende zaak, plaatselijk bekend een perceel (bouw)grond gelegen aan de [adres] , kadastraal bekend gemeente [gemeente] sectie [sectie] nummer [nummer] , groot 12 are en 15 centiare, onderhands kan geschieden overeenkomstig de hierbij goedgekeurde koopovereenkomst.



Deze beschikking is gegeven door mr. J.M.P. Drijkoningen en in het openbaar uitgesproken op 9 februari 2017.




type:
coll: