Goederenrecht. Vraag of pandrecht kan worden gevestigd op een assurantieportefeuille (art. 3:228 BW). Is assurantieportefeuille een goed in de zin van art. 3:1 BW? Betekenis van art. 4:103 lid 4 Wft.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:228 BW
Genoemd in 28 uitspraken · Officiële wettekst
28 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Goederenrecht. Leidt een contractueel onoverdraagbaarheidsbeding met goederenrechtelijke werking als bedoeld in art. 3:83 lid 2 BW steeds ook tot onverpandbaarheid? (art. 3:81 lid 1 BW; art. 3:228 BW).
Vorderingen uit hoofde ledenlening en participatiereserve coöperatie FloraHolland rechtsgeldig verpand? Uitleg statuten. Artikel 3:83 lid 2 BW beding goederenrechtelijke werking. HR Coface/Intergamma. Bestaande vorderingen op datum faillissement.
Peeters/Gatzen-vordering; aansprakelijkheid extern insolventie-adviseur; gezamenlijkheid van schuldeisers;
Onoverdraagbaarheidsbeding = onverpandbaarheidsbeding? Is per datum faillissement sprake van toekomsitge vorderingen?
Brengt een onoverdraagbaarheidsbeding met goederenrechtelijke werking met zich dat ook de verpandbaarheid van een vordering is uitgesloten? Artikel 3:228 BW, 3:83 lid 2 BW.
Zijn vorderingen uit hoofde van coronasteunregelingen overdraagbaar en verpandbaar?
Coöperatie; verpanding van aanspraken lid uit hoofde van ledenlening en participatierekening; bestaande of toekomstige vorderingen?; leidt goederenrechtelijke onoverdraagbaarheid ex art. 3:83 lid 2 BW tevens tot onverpandbaarheid?
Goederenrecht. Vraag of pandrecht kan worden gevestigd op een assurantieportefeuille (art. 3:228 BW). Is assurantieportefeuille een goed in de zin van art. 3:1 BW? Betekenis van art. 4:103 lid 4 Wft.
Pandrecht op assurantieportefeuille niet mogelijk.
Verkoop particulier en zakelijk gedeelte assurantieportefeuille. Is assurantieportefeuille een goed? Verpanding mogelijk?
art. 3:83 lid 2 BW, art. 3:228 BW
Tussenvonnis. Omvang van de rechten van de pandhouder op vermogensbestanddelen van failliet, voor en na datum faillissement. Pandrechten op NOW en TVL gelden?
Contractueel verpandingsverbod heeft in dit geval geen goederenrechtelijke werking. Alleen de eerste pandhouder is inningsbevoegd. Een vordering als gevolg van de ontbinding van de overeenkomst ontstaat met de ontbinding en kan daarom niet worden verrekend als de wederpartij inmi
Vermogensrecht. Art. 3:83 BW. Zijn vorderingen uit hoofde van de NOW- en TVL-regeling (coronasteun) overdraagbaar en daarmee verpandbaar? Sprongcassatie. Rb. beantwoordt deze vraag bevestigend. Klachten: Rb. vult criterium of de aard van het recht zich tegen overdracht verzet te
Onoverdraagbaarheidsbeding met goederenrechtelijke werking. Vordering is niet verpand. Stelplicht ten aanzien van toestemming door debiteur van de vordering.
Pandrechten. Is de bestendige handelsrelatie een rechtsverhouding als bedoeld in artikel 3:239 lid 1 BW waaruit vorderingen rechtstreeks worden verkregen? Pandrecht op handelsnaam en klantcontracten?
Eiser wil de koopovereenkomst van de auto ontbinden dan wel vernietigen op grond van bedrog en/of dwaling, omdat de navigatie, bluetooth-module en USB-aansluiting niet werken. Gedaagde is echter niet in verzuim omdat gedaagde meermaals herstel van de gebreken heeft aangeboden. Va
Erfpachtvoorwaarden. Niet-nakoming toestemmingsvereiste vestiging hypotheekrecht. Niet-nakoming toestemmingsvereiste teeltpacht/gebruik door derden. Boete.
Tijdelijk erfpacht- en opstalrecht; gerechtvaardigd vertrouwen op toezegging tot heruitgifte?; beding opstalvergoeding in strijd met art. 5:105 lid 3 jo. 5:99 lid 1 BW? art. 170 Overgangswet NBW; aanvang verjaringstermijn ex art. 3:52 lid 1 sub d BW; digitale (Skype) zitting
Art. 3:228 BW. Is een opdrachtenportefeuille voor overdracht vatbaar? Neen.
Onrechtmatige daad. Aansprakelijkheid insolventieadviseur jegens gezamenlijke faillissementscrediteuren; Peeters/Gatzen-vordering. Ingangsdatum wettelijke rente, art. 6:83, onder b, BW. Verder grotendeels art. 81 lid 1 RO.
De vraag of de bank rechtsgeldige pandrechten heeft verkregen op de opdrachtenportefeuilles van een makelaarskantoor wordt door de rechtbank ontkennend beantwoord.
Claims op paardenhandelaar van teleurgestelde amazone met olympische ambitie afgewezen. Geen overeenkomst van opdracht, maar koopovereenkomst. Geen van de ontwikkelde rechtsfiguren vormt een basis voor schadevergoeding.
Bank vordert na opzegging van de financieringsrelatie en uitwinning van verstrekte zekerheden de betaling van het restant kredietbedrag. De voormalige ondernemers verwijten de bank te kort geschoten te zijn door a) in het verleden de onderneming te overkrediteren, b) op enig mome