Executiegeschil in kort geding op de voet van artikel 438 lid 2 Rv. De geëxecuteerde is in een bodemprocedure op vordering van zijn buurman op straffe van een dwangsom veroordeeld tot het volledig verwijderen van een buitensporig grote Canadese populier uit zijn kleine achtertuin
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:218 BW
Genoemd in 14 uitspraken · Officiële wettekst
14 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
28 januari 2005 Eerste Kamer Nr. C03/121HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Eiser 1], 2. [Eiseres 2], beiden wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, incidenteel verweerders, advocaat: mr. L.Ph.J. baron van Utenhove, t e g e n [Verweerster], gevest
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Effectenleaseovereenkomst. Buitengerechtelijke vernietiging o.g.v. art. 1:89 lid 1 BW in verbinding met art. 1:88 lid 1, onder d, BW. Bindt een beslissing over de rechtsgeldigheid van de vernietiging in een procedure waarin slechts een van beide
Pacht. Verpachter vordert ontbinding pachtovereenkomst wegens tekortkoming pachter in verplichtingen pachtovereenkomst. Verpachter stelt geen bedrijfsmatig gebruik en geen persoonlijk gebruik. Gerede twijfel. Verzwaarde motiveringsplicht pachter. Pachter in gelegenheid gesteld na
Huur van bedrijfsruimte. Huurder voert tevergeefs aan dat hij heeft betaald aan persoon die gerechtigd was de huur te innen, en dat het vruchtgebruik en de volmacht van de verhuurder zijn geëindigd. Vordering tot terugbetaling in vrijwaring toegewezen.
Afwijzing incidentele vordering tot schorsing tenuitvoerlegging. De kantonrechter heeft geen klaarblijkelijke misslag begaan door vorderingen op basis van huurovereenkomst toe te wijzen, los van de vraag of verhuurder vruchtgebruik had.
Bevel tot verwijdering van een 20 meter hoge boom.
Procesrecht. Vordering met betrekking tot processueel ondeelbare rechtsverhouding (boedelbeschrijving en verdeling nalatenschap). Te dagvaarden partijen; HR 8 november 1991, ECLI:NL:HR:1991:ZC0405, NJ 1992/34. Gelegenheid tot herstel op de voet van art. 118 Rv; HR 15 maart 2013,
Letselschade. Deelgeschil. Wel ontvankelijk, ondanks strijd met artikel 7:954 lid 6 BW. Verzoek afgewezen op grond van artikel 1019z Rv. Nog diverse andere fundamentele geschilpunten. Begroting van en veroordeling in kosten deelgeschil.
Ontbinding koopovereenkomst met zakelijk recht van gebruik en bewoning. Of sprake is van een of twee overeenkomsten blijft in het midden, nu in het laatste geval tussen beide overeenkomsten een nauwe samenhang bestaat zodat ontbinding van de ene overeenkomst meebrengt dat de ande
Aanspraak van vruchtgebruikster van de nalatenschap, waaronder uit de pachtovereenkomst voortvloeiende rechten, op nakoming door de pachter van uit de pachtovereenkomst voortvloeiende betalingsverplichtingen (artikel 3:9 lid 2 juncto 3:216 BW). Toepasselijkheid van artikel 8 PW/7
28 januari 2005 Eerste Kamer Nr. C03/121HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Eiser 1], 2. [Eiseres 2], beiden wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, incidenteel verweerders, advocaat: mr. L.Ph.J. baron van Utenhove, t e g e n [Verweerster], gevest
12 maart 2004 Eerste Kamer Nr. C02/321HR JMH/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [A] B.V., gevestigd te [vestigingsplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. R.Th.R.F. Carli, t e g e n: [De vrouw], wonende te [woonplaats], VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr.
12 maart 2004 Eerste Kamer Nr. C02/319HR JMH/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [De vrouw], wonende te [woonplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. E. Grabandt, t e g e n [A] B.V., gevestigd te [vestigingsplaats], VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. R.Th.