Vordering afgifte auto afgewezen. Eiser is er niet in geslaagd het rechtsvermoeden van artikel 3:109 BW en artikel 3:119, eerste lid, BW voldoende adequaat te weerleggen.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:119 BW
Genoemd in 286 uitspraken · Officiële wettekst
286 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Eigendom diverse roerende zaken van rechtspersoon/oud-bestuurder rechtspersoon/moedervennootschap na koop en verkoop aandelen rechtspersoon. Bewijsvermoedens. Verkrijgende verjaring? Overeenkomst tussen oude en nieuwe bestuurder rechtspersoon?
Tenaamstelling auto
Opheffing executoriaal beslag. Te executeren vonnis niet overgelegd, zodat geldigheid van de te executeren titel niet beoordeeld kan worden. Afgifte van auto, nu bezitter van auto wordt vermoed rechthebbende te zijn (3:119 lid 1 BW), behoudens tegenbewijs dat niet is geleverd.
Buurweg (artikel 719 BW (oud)). Vraag of er sprake is van buurweg of erfdienstbaarheid van weg. Geschil over wijze van uitoefening met betrekking tot parkeergelegenheid. Positie mede-eigenaren en huurders.
Spoedappel waarin de vraag wordt voorgelegd aan wie de intellectuele eigendomsrechten op de door X en Y ontworpen scheepsmodellen en de naam Waarschip toekomen. Op de overdracht van een Benelux-merk is naar analogie van artikel 16 van de Verordening (EG) nr. 207/2009 Nederlands r
Discussie over eigendom bedrijfsinventaris na faillissement. Bewijsvermoedens van artikel 3:109 en van artikel 3:119 lid 1 BW weerlegd. Vordering tot (terug)betaling in escrow gestort bedrag afgewezen in reconventie.
Beroep op verkrijging van een strook grond door bevrijdende verjaring.
Goederenrecht. Merkenrecht. Verkrijging van merkenrechten te goeder trouw van beschikkingsonbevoegde rechtsopvolger geprivatiseerde Russische staatsonderneming? Inroeping nietigheid merkendepot (art. 14.B BMW). Depot te kwader trouw (art. 14bis BMW)? Valt gedogen aan te merken al
Grammaticale uitleg overeenkomst omdat partijen afkomstig zijn uit common-law landen? Grief ten onrechte in de Engelse taal toegelicht.
Vermoeden eigendom onroerende zaken; economische eigendom; rechtmatigheid verhuur van onroerende zaken; gerechtigdheid tot huurpenningen; uitkeringsfraude; verdeling gemeenschap; veroordeling tot medewerking aan levering onroerende zaak.
Onrechtmatige daad door niet afdragen van beslagen gelden door Ontvanger Belastingdienst? Verhaalsbeslag op gestorte borgsom onder Belgische Deposito- en Consignatiekas.
Kort geding. Na beëindiging van hun affectieve relatie strijden partijen om de vraag wie eigenaar is van de aan eiser verkochte en geleverde Porsche, waarvan gedaagde stelt dat zij deze van eiser heeft gekregen. Deze schenking is voorshands niet aannemelijk geworden, een andere v
Recht van buurweg; art. 719 BW (oud). Oordeel hof dat recht van buurweg niet is bewezen, niet onjuist of onbegrijpelijk. Hof heeft niet miskend dat ongestoord bezit van recht van buurweg het voor tegenbewijs vatbare vermoeden oplevert dat van bestemming tot buurweg sprake is (vgl
Bankbrieven. Eerste en latere verkrijgers van ontvreemde bankbrieven niet te goeder trouw in de zin van art. 3:86 BW.
Onrechtmatige daad, artikel 6:162 BW. Zaken op schip zijn geen bestanddelen en scheepstoebehoren op grond van artikel 8:1 lid 3 en lid 4 BW. Toestaan leveren tegenbewijs gelet op wettelijke bewijsvermoeden ex artikel 3:119 BW.
Tijdens samenleving van partijen door de vrouw gekochte motorfiets die man gebruikt heeft. Bij einde van samenleving neemt de man de motorfiets mee. Hij stelt dat de motorfiets aan hem geschonken is. Wie van partijen moet wat bewijzen?
Gedaagden worden vermoed de honden voor zichzelf te houden. Bezitter wordt vermoed rechthebende te zijn.
Geschil over eigendomsverklaring tussen curator die een zaak in de boedel aantreft en een koper die eigendomsverkrijging constitutum possessorium stelt. Bewijsrechtelijke positie bij beroep op art. 42 FW.
Beslag, ten onrechte, voertuigen, internationaal transport, landsgrenzen, eigendom, bezitter, rechthebbende,
Bewijslevering van diverse probanda, met name de vraag of gedaagde bezitter (in de zin van 3:119 BW) van het schilderij was.
Fotoafdrukken die t.b.v. een krant zijn gemaakt; art. 3:109 en 119 BW.
Eiseres heeft voorlopig niet voldoende aannemelijk gemaakt dat de bij gedaagde verblijvende ara's van haar zijn. De vordering tot afgifte van die ara's is dan ook niet toewijsbaar.
eigendom hond, bewijslastverdeling, bezit en houderschap Artikel 3:109 BW, 3:119 lid 1 BW, 3:118 lid 1 en lid 3 BW, Partijen verschillen van mening over de vraag wie eigenaar is van de hond. De rechtbank is van oordeel dat gedaagde met haar verweer gemotiveerd heeft betwist dat z
In het geding is of de oprit is bestemd tot buurweg dan wel dat er een gewoonte bestaat, op grond waarvan gedaagde in conventie / eiser in reconventie, zoals hij stelt, gerechtigd is om een strook met een minimale breedte van 2,80 meter van de oprit tussen de woningen van partije