erfdienstbaarheid, houderschap
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:105 BW
Genoemd in 996 uitspraken · Officiële wettekst
996 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 30 · live
werknemer treft geld aan in een printer die als afval is aangeboden aan afvalverwerkingsbedrijf; is geld afval?; wie is vinder van het geld in de zin van art. 5:5 BW, berdrijf of werknemer?
Erfdienstbaarheid. Beroep op de verkrijgende verjaring van artikel 3:105 BW wordt verworpen. Onvoldoende gesteld ten aanzien van de uitoefening van ondubbelzinnig bezit van een recht van overpad. Ook is het gebruik van het (gestelde) overpad niet onafgebroken geweest.
Van perceel A maakt een circa 35 cm brede strook grond deel uit, die ligt tussen een muur van de garage op dat perceel en de erfgrens met het buurperceel B. De eigenaar/eigenaren van perceel B hebben gedurende 20 jaar op de strook eerst planten laten groeien en er een ladder bove
Burengeschil inzake een erfgrens. Vordering van eisers toegewezen ex artikel 3:105 BW (verkrijgende verjaring)
Geschil over erfgrens. Eiser vordert vast te stellen dat de erfgrens gelijk is aan de kadastrale grens. De kantonrechter oordeelt dat uitgangspunt is de kadastrale erfgrens. Toch is het mogelijk dat gedaagde het strookje grond heeft verkregen. Voor verkrijging van de grond door v
Artt. 3:105 lid 1, 107, 108, 114 en 306 BW; 5:57 lid 1 BW. Kort geding. Erfdienstbaarheid; bevrijdende verjaring; noodweg.
Civiel. Ontruiming. Nalatenschap.
burengeschil, verkrijgende verjaring, bezit, houderschap
Civiel. Kosteloos procederen. Eigendom. Bezit. Verkrijgende verjaring.
Geschil over gesloopte bebouwing op perceel grond. Is de bebouwing bestandeel geworden van het pand (3:4 lid 1 en 2 BW). Verkrijgende verjaring perceel grond en daardoor ook van de bebouwing?
Door landaanwinning ontstane gronden. Verkrijgende verjaring. Bezit. Erfpacht.
verkrijgende verjaring 3:99 lid 1 BW / eigendomsverkrijging door bevrijdende verjaring 3:105 lid 1 BW. Rechtsvordering tot opheffen van een onrechtmatige toestand 3:314 lid 1 BW jo 3:306 BW, echter leerstuk overhangende beplanting 5:44 BW van toepassing
Afwijzing van vordering tot verklaring voor recht dat perceel belast is met een erfdienstbaarheid van overpad. Er is geen sprake van bestendig gebruik van uitrit en eventuele verjaringstermijn van twintig jaren is voortijdig afgebroken, althans is niet voldaan aan het vereiste be
Hoger beroep; kort geding; belangenafweging; ontruiming met uitzondering van woonschip
Burenrecht. Verjaring van strook grond; nadere bewijslevering nodig waarvoor in dit kort geding geen plaats. Plaatsing van een twee meter hoog en dichtbegroeid hek als afscheiding tussen twee erven; sterk verminderde lichtinval in een van de woningen. Onrechtmatige hinder.
Geschil tussen buren over erfdienstbaarheid van overpad. De termijn van verjaring is niet in discussie. De vraag is of het gebruik van het pad kan worden aangemerkt als het bezit van een erfdienstbaarheid. De voorgangers van eisers hebben de mogelijkheid het pad te betreden nooit
Appel van ECLI:NL:RBNHO:2014:5387. Bezit van steeg? Bekrachtiging.
loop erfgrens, verjaring, rechtsverwerking, bewijslastverdeling bij voorshands aanname, partijgetuige
Kortgeding. Bij tuin gebroken strook grond. Anders dan de eerste rechter oordeelde, kan verjaring bedoeld in art. 3:105 BW niet zijn voltooid en is bovendien bezit onvoldoende gesteld.
perceelgrens, eigendom, verkrijgende verjaring, extinctieve verjaring
Gedaagde is op grond van extinctieve verjaring eigenaar geworden van een strook grond.
Burengeschil. Verklaring voor recht dat eisers door verjaring eigenaar zijn geworden van de strook grond tussen de gereconstrueerde erfgrens en de erfafscheiding.
Verkrijging door extinctieve verjaring - pretentie van eigendom - ontruimingsvordering afgewezen
Bevrijdende en verkrijgende verjaring, gebruik van een strook gemeentegrond.