Geschil over kosten vervanging watertransportleiding: verhouding artikel 19 Spoorwegwet / opstalrecht en verhouding publiekrechtelijke en privaatrechtelijke toestemming.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:105 BW
Genoemd in 996 uitspraken · Officiële wettekst
996 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 29 · live
Verkrijgende verjaring, bezit, economische eigendomsoverdracht, inbezitneming, misbruik van recht.Ter beantwoording ligt voor of de eigenaren (voorheen economisch eigenaren) van een hotel door verjaring de eigendom van een stuk gemeentegrond onder hun hotelserre hebben verkregen.
Recht van opstal door verjaring van elektriciteitshuisje? Geen bruikleenovereenkomst. Bewijsopdracht.
Geen bevrijdende verjaring van erfdienstbaarheid van overpad. Artikel 3:306 BW juncto 3:105 BW, 3:107 BW, 3:108 BW
Verjaring. Bezit (art. 3: 305 lid 1 BW). Verkeersopvatting en uiterlijke feiten bepalend. Snoeien – gedurende vele jaren - van een haag onvoldoende om als bezitsdaad te kunnen gelden.
Eiser vordert een verklaring voor recht dat hij eigenaar is van bepaalde percelen grond. Verjaring. (Criterium voor) inbezitneming: HR 18 september 2015, ECLI:NL:HR:2015:2743. Artt. 3:105 lid 1 BW, 3:306 BW, 3:314 lid 2 BW, 3:108 BW.
Er is geen sprake geweest van inbezitneming van een strook grond. Het beroep op verjaring van de rechtsvordering tot beëindiging van het bezit en de claim eigenaar te zijn geworden van de strook grond kunnen dan ook niet slagen.
buurweg? of erfdienstbaarheid van weg? Afspraak tot overpad en art. 6:249 BW
De buurvrouw mag niet langer over het terrein van de buren lopen. En de deur naar het terrein van de buren moet worden dichtgemetseld. De buurvrouw kan namelijk niet bewijzen dat zij sinds lange tijd over het terrein van haar buren naar een gemeenschappelijke tuin loopt.
Uitweg afgesloten door buurman. Onvoldoende gebleken dat een erfdienstbaarheid is gevestigd. Erfdienstbaarheid van weg verkregen door verjaring van 1992 tot 2012? Contact tussen de buren over gebruik, onderhoud, snoeien en afsluiting verhindert aannemen van bezit. Ook geen buurwe
Kort geding; aanwezigheid transformatorstation in pand; geen afdwingbare toezegging tot verwijdering; recht van opstal verkregen door verjaring; geen onrechtmatig handelen van eigenaar transformatorstation
Burengeschil over erfafscheiding met coniferen en hek. Appellant is de afgescheiden strook grond (enkel door het planten van de coniferen en het plaatsen van het hek) niet voor zichzelf gaan houden, gelet op zijn intentie met de coniferen rommel aan het zicht te onttrekken en met
Verkrijgende verjaring brede strook grond aan de weg in buitengebied. Al heel lang bestaande toestand. Kadastrale grens. Bezit. Goede trouw. Geen reden om anders te oordelen als het gaat om gemeentegrond.
Burengeschil. Vaststelling erfafscheiding. Gebouw ten dele op erf ander. Verjaring. Verkoop of vestiging erfrecht (art. 5:54 BW). Belangenafweging.
Goederenrecht. Erfdienstbaarheid van licht. Akte onduidelijk? Betekenis art. 727 BW (oud) BW.
Goederenrecht. Verkrijgende verjaring van strook grond. Art. 3:107, 108 en 113 lid 2 BW. Verschaffing (voortgezet) bezit door rechtsvoorganger? Vereiste bezitsdaden voor inbezitneming.
Appel van ECLI:NL:RBAMS:2016:2375. Bekrachtiging. Geen verkrijgende verjaring van deel van kadastraal perceel. Ook geen verjaring van de vordering tot beëindiging van het bezit.
Civiel. Ontruiming.
Art. 81 lid 1 RO. Goederenrecht. Is gebruiker van perceel eigenaar geworden door verjaring? Art. 3:107-108 BW.
extinctieve verjaring artikel 3:105 BW, Overgangswet Nieuw BW, bekendheid eigenaar met inbezitneming.
Bewijswaardering na getuigenverhoren. Extinctieve verjaring. Erfdienstbaarheid van weg ontstaan door 20 jaar onafgebroken bezit.
Geen verkrijging door verjaring van strook gemeentegrond. Onderhoud en aanleg van vrij toegankelijke parkeerplaatsen onvoldoende voor inbezitneming.
Bewijsopdracht. Gedaagde mag bewijzen dat zij gedurende twintig jaren anders kan krachtens een overeenkomst of gedogen een strookje grond heeft gebruikt.
burenrecht; overhangende takken; artikel 5:44 BW; erfdienstbaarheid die verplicht om overhangende takken te dulden; positie van de niet-eigenaar in het kader van artikel 5:44 BW; voorwaarden voor een geslaagd beroep op het wegsnijrecht; relevantie van de periode waarin mag word
Beperkte rechten. Geen inbezitneming van erfdienstbaarheid. Partijen zijn ieder eigenaar van 2 naast elkaar gelegen winkelpanden in de Vijzelstraat in Arnhem. Op de bovenverdieping is in het verleden een doorgang gemaakt van nr. 14 naar nr. 15 in verband met het samentrekken van