Rechtspersonenrecht. IPR. Verzoek tot verklaring voor recht dat werkzaamheid internationale Bandidos Motorcycle Club in strijd is met openbare orde (art. 10:122 BW); door hof afgewezen. Heeft OM voldoende omstandigheden aangevoerd om aan te nemen dat sprake is van een internation
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:3 BW
Genoemd in 42 uitspraken · Officiële wettekst
42 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Ondernemingsrecht. Enquêterecht. Eerste fase. Ondernemingskamer treft, op verzoek vennootschap en OK-bestuurder, nadere onmiddellijke voorzieningen (ge- en verboden, versterkt met dwangsom) ter waarborging volle werking eerder getroffen onmiddellijke voorzieningen o.v.v. art. 2:3
Art. 81 lid 1 RO. Rechtspersonenrecht. Verbodenverklaring en ontbinding van informele vereniging (motorclub) en van twee onzelfstandige support clubs. Miskenning van toepasselijkheid van strafrechtelijk bewijsrecht en onjuiste toepassing van art. 149 Rv? Support clubs ten onrecht
Rechtspersonenrecht. Vereenzelviging. Onttrekking vermogen aan verhaal. Misbruik of profiteren van identiteitsverschil. Ongerechtvaardigde verrijking door onttrekking. Toerekening gedragingen en kennis van degene die de zeggenschap heeft in de rechtspersoon.
Stichting Particulier Fonds gevestigd op Curaçao die vastgoed houdt in Nederland. Buitenlandse belastingplicht voor de vennootschapsbelasting? Wat is de reikwijdte van het APV-regime (art. 2.14a Wet IB 2001) voor de Wet VPB 1969? Vrijheid van kapitaalverkeer; verhouding tussen ar
Rechtspersoon is zelfstandig onderdeel van R.K. Kerkgenootschap (art. 2:2 BW); analoge toepassing van art. 7:904 lid 1 BW ten aanzien van beslissingen in kerkelijke procedure Zie ECLI:NL:GHAMS:2019:2602.
Eiser is slachtoffer geworden van fraude. Is er sprake van spoofing? Moet de schade van eiser worden vergoed? De vorderingen worden afgewezen.
Huurgeschil over de rechtmatigheid van de ontruiming door de verhuurder van een bedrijfsruimte na de ontbinding van de huurovereenkomst door de kantonrechter, gezag van gewijsde, gesloten stelsel van rechtsmiddelen; 81 RO.
Vastgoedbelasting; Belastingwet BES; Bezit en eigendom
In deze zaak concludeert A-G Ettema op verzoek van de Hoge Raad. In het bijzonder heeft de Raad gevraagd voorgelicht te worden over de vraag of een gewezen vennoot aansprakelijk kan worden gesteld voor omzetbelasting die een vennootschap onder firma niet heeft voldaan. Het gaat o
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Is omzetting van kerkgenootschap in privaatrechtelijke rechtspersoon (of andersom) mogelijk? Overeenkomstige toepassing van art. 2:18 BW? Omvang rechterlijke toetsing.
Vraag of onder de gegeven omstandigheden sprake is van een (rechtspersoonlijkheid bezittende) informele vereniging in de zin van wet.
De rechtbank verleent stichting machtiging tot omzetting van zichzelf in een zelfstandig onderdeel van kerkgenootschap. Art. 2:2 lid 1 BW. Art. 2:18 BW.
Gevorderde buitentoepassing verklaring van artikel 2 van de Opiumwet wegens strijd met geloofsbelijdenis afgewezen.
De heffingsambtenaar heeft op goede gronden de vennootschap onder firma niet als genothebbende krachtens eigendom in de zin van artikel 1 Verordening onroerende-zaakbelastinge en van artikel 2 Verordening rioolrechten aangemerkt. Voorts is geen sprake van discriminatie als bedoel
Aanslag waterschapsomslag inzake bedrijfspand is niet opgelegd aan vennootschap onder firma (vof) maar aan één van de vennoten. Nu de vof geen privaatrechtelijke rechtspersoon is, is de vof op goede gronden niet als rechthebbende krachtens eigendom aangemerkt. Het aanmerken van d
Kort geding. Gedaagde moet bedrijfsruimte ontruimen vanwege huurachterstand. Fonds voor gemene rekening is niet-ontvankelijk, omdat zij niet procesbekwaam is.
De gedaagde was bestuurder van het failliete bedrijf. De curator houdt hem aansprakelijk voor het tekort in het faillissement. De rechtbank verklaart voor recht dat gedaagde zijn taak als bestuurder onbehoorlijk heeft verricht en dat dit een belangrijke oorzaak is van het faillis
Ondernemingsrecht. Bestuurdersaansprakelijkheid (o.g.v. art. 2:248 BW) en bestuursverbod.
Verzoek omzetting stichting in een kerkgenootschap
Bestuursaansprakelijkheid waaronder bestuursverbod tussenvonnis m.b.t. opdracht curator tot aanleveren uittreksel.
De curator heeft partij B en partij C in hun hoedanigheid van bestuurders van de failliete vennootschap in de hoofdzaak aangesproken voor het boedeltekort op grond van onbehoorlijk bestuur jegens de gezamenlijke schuldeisers. De curator is onder meer van mening dat partij B en pa
De rechtbank heeft in haar vorige tussenvonnis de curator in de gelegenheid gesteld stukken te overleggen waaruit kan blijken dat is voldaan aan de betekeningsvereisten. De curator heeft stukken ingediend. De rechtbank is van oordeel dat is voldaan aan de betekeningvereisten en d
Eiseres heeft om doorhaling verzocht. Gedaagde verzet zich hiertegen. De zaak wordt daarom niet doorgehaald. Vorderingen eiseres worden afgewezen, want zij heeft niet voldaan aan haar stelplicht.
Vordering tot het opleggen van een bestuursverbod als bedoeld in artikel 106a Fw. Voordat de rechtbank over deze vordering een beslissing zal nemen, wordt de curator opgedragen om de rechtbank te informeren over rechtspersonen waarvan gedaagde bestuurder of commissaris is. Artike