Bestuurdersaansprakelijkheid. Niet tijdig deponeren jaarrekening. Externe oorzaken faillissement. Afwijzing vorderingen met compensatie van kosten. Compensatie in verband met onbehoorlijke taakvervulling en voorafgaande aan de procedure bestaande onvoldoende duidelijkheid over he
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:10 BW
Genoemd in 847 uitspraken · Officiële wettekst
847 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 5 · live
Bestuurdersaansprakelijkheid ex artikel 2:248 BW. Toewijzing. Matiging. Verwijzing naar schadestaat
Geen bestuurdersaansprakelijkheid: Weerlegging vermoeden art. 2:248 lid 2, maatstaf art. 2:248 lid 1 BW, geen schending art. 2:9 BW
Art. 81 lid 1 RO. Bestuurdersaansprakelijkheid. Termijn voor openbaarmaking van de jaarrekening overschreden; art. 2:394 lid 3 BW. Is dit een "onbelangrijk verzuim" als bedoeld in art. 2:248 lid 2 BW? Samenhang met 17/05253 en 17/05218.
Onrechtmatige daad. Bestuurdersaansprakelijkheid. De rechtbank wijst de vordering van drie gemeenten jegens de bestuurder van een zorgaanbieder tot vergoeding van door de gemeenten aan die zorgaanbieder in het kader van onder Wmo 2015 verleende zorg in natura uitbetaalde zorggeld
Art. 81 lid 1 RO. Faillissementsrecht. Procedure tot faillietverklaring; toestand te hebben opgehouden te betalen; pluraliteitsvereiste (art. 6 lid 3 Fw). Summierlijk blijken van steunvordering. Bewijswaarde administratie schuldenaar.
Kort geding; Stichting procedeert tegen eigen voorzitter/penningmeester i.v.m. gestelde verduistering. Vordering tot afgifte administratie toegewezen, vordering tot het afleggen rekening en verantwoording en schorsing afgewezen. De in reconventie gevorderde rectificatie wordt afg
Hoger beroep; aansprakelijkheid bestuurders jegens stichting wegens besluit tot en monitoring van nieuwbouw? beslissingsmaatstaf bestuurdersaansprakelijkheid; beslissingsmaatstaf tegenstrijdig belang; andere belangenverstrengeling?
OK. Enquete. Tweede fase: vaststelling wanbeleid van Hepta G, in het bijzonder ten aanzien van de administratie en het ontbreken van jaarrekeningen en de samenstelling van haar statutair bestuur. (Feitelijk) Bestuurders zijn verantwoordelijk voor het wanbeleid. De Ondernemingskam
Bestuurdersaansprakelijkheid ex-bestuurder. Overdracht aandelen aan katvanger? Boekhoudplicht, publicatieplicht. Onbelangrijk verzuim. Disculpatie.
IPR. Kort geding. Executie van dwangsommen opgelegd door Ondernemingskamer (ECLI:NL:GHAMS:2014:2767). Art. 55 herschikte EEX-verordening (Brussel I bis). Anders dan de eerste rechter kennelijk heeft aangenomen, is de voorzieningenrechter niet bevoegd tot definitieve bepaling van
bestuurdersaansprakelijkheid
bestuurdersaansprakelijkheid; 2:248 lid 2, geen onbelangrijk verzuim; overschrijding termijn 2:394 lid 1 BW; andere feiten en omstandigheden als oorzaak faillissement (dan onbehoorlijk bestuur) niet aannemelijk gemaakt; hoogte boedeltekort en beroep op matiging ogv 2:248 lid 4 BW
bestuurdersaansprakelijkheid; 2:248 lid 2, geen onbelangrijk verzuim, overschrijding termijn 2:394 lid 1 BW; andere feiten en omstandigheden als oorzaak faillissement (dan onbehoorlijk bestuur) niet aannemelijk gemaakt; hoogte boedeltekort en beroep op matiging ogv 2:248 lid 4 BW
bestuurdersaansprakelijkheid; 2:248 lid 1, hoogte boedeltekort en beroep op matiging ogv 2:248 lid 4 BW (verwijzing naar HR 20 juni 2008, BC 8974); geen feitelijk beleidsbepaler in de zin van art. 2:248 lid 7. stuiting verjaring dwangsommen door stuitingsbrief aan advocaat; art.
[X.]-constructie. Van Lanschot is tekort geschoten in de op haar rustende waarschuwingsplicht. Heroverweging bindende eindbeslissingen.
OK; enquêterecht; treffen van voorzieningen op grond van wanbeleid: ontslag van de bestuurders; ontbinding van de vennootschap; benoeming van een vereffenaar
Voormalig bestuurder/DGA ook strafrechtelijk aansprakelijk bij faillissementsfraude na aanstellen katvanger in de periode voorafgaand aan het faillissement.
Bestuurdersaansprakelijkheid na faillissement. Stelplicht en bewijslast o.g.v. artikel 2:248 BW en inzake Peeters/Gatzen-vordering. Selectieve betaling in zicht van faillissement?
Bestuurdersaansprakelijkheid. Onbelangrijk verzuim. Termijnoverschrijding art. 2:394 lid 2 bw
Naar aanleiding van verkoop van tot de Eurocommerce Stal behorende paarden, vordert de voormalige indirect bestuurder van Gevi Gorssel commissie op grond van eerder daartoe gemaakte afspraken. De rechtbank laat in het midden of de gestelde afspraken zijn gemaakt en wijst de vorde
Hoger beroep van het vonnis ECLI:NL:RBOVE:2014:890; bestuurdersaansprakelijkheid faillissement wegens dividend tegen de achtergrond van omvangrijke correctienota’s UWV en naheffingsaanslagen, mislopen van aanbesteding en staking van ondernemingsactiviteiten
Aansprakelijkheid van (in)directe bestuurders van de (inmiddels gefailleerde) dochtervennootschappen ex artikel 2:9 BW jo artikel 2:11 BW voor schending van de administratieplicht (artikel 2:10 BW) en gebrekkig toezicht op de administratievoering gedurende vele jaren door één adm
Incident ex artikel 351 Rv; gevolgen van uitvoerbaarverklaring bij voorraad van verwijzing naar de schadestaatprocedure.
Bestuurdersaansprakelijkheid. Feitelijk bestuurder. Bewijsopdracht. Niet is komen vast te staan dat de bedrijfsleider/interim-manager het beleid van de vennootschap heeft bepaald of mede heeft bepaald, als ware hij bestuurder.