Familie- en jeugdrecht. Cassatie in belang der wet. Kan een perspectiefbesluit van de gecertificeerde instelling via geschillenregeling van art. 1:262b BW aan kinderrechter worden voorgelegd?
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:266 BW
Genoemd in 639 uitspraken · Officiële wettekst
639 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht; procesrecht. Begrip belanghebbende in art. 798 lid 1, eerste volzin, Rv en art. 806 lid 1 Rv bij beëindiging van door ouders gezamenlijk uitgeoefend ouderlijk gezag (art. 1:266 BW). Mogelijkheid van principaal en incid
Personen- en familierecht. Beëindiging ouderlijk gezag (art. 1:266 BW). Processuele positie van de niet met ouderlijk gezag beklede ouder. Begrip belanghebbende in art. 798 lid 1, eerste volzin, Rv. Begrip ‘ouder’ in art. 798 lid 1, tweede volzin, Rv. Recht op contra-expertise va
Artikel 1:266 BW, 8 EVRM; gezagsbeëindigende maatregel. Er zijn onvoldoende feiten en omstandigheden gesteld of gebleken die maken dat de gezondheid en de ontwikkeling van het kind op dit moment worden geschaad indien de moeder het gezag behoudt. Daarom is naar het oordeel van he
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht; procesrecht. Begrip belanghebbende in art. 798 lid 1, eerste volzin, Rv en art. 806 lid 1 Rv bij beëindiging van door ouders gezamenlijk uitgeoefend ouderlijk gezag (art. 1:266 BW). Mogelijkheid van principaal en incid
Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Procesrecht. Beëindiging ouderlijk gezag. Verzoek om contra-expertise; art. 810a lid 2 Rv.
Personen- en familierecht. Beëindiging ouderlijk gezag; art. 1:266 lid 1, onder a, BW. EHRM 10 september 2019, zaaknr. 37283/13 (Strand Lobben/Noorwegen).
Familierecht. Gedwongen ontheffing van ouderlijk gezag op voet van art. 1:266 en 268 lid 2, aanhef en onder a, BW; duurzame bereidheid van met gezag belaste ouder het kind in pleeggezin te laten opgroeien; belang van het kind. HR komt terug van eerdere rechtspraak.
Personen- en familierecht. Beëindiging ouderlijk gezag (art. 1:266 BW). Processuele positie van de niet met ouderlijk gezag beklede ouder. Begrip belanghebbende in art. 798 lid 1, eerste volzin, Rv. Begrip ‘ouder’ in art. 798 lid 1, tweede volzin, Rv. Recht op contra-expertise va
Rechtbank wijst af het verzoek van de raad tot beëindiging gezag. Binnen de OTS wordt niet gewerkt aan thuisplaatsing. Tav de ontwikkeling van het kind is onvoldoende gebleken van zorgelijk gedrag dat ertoe moet leiden dat een verderstrekkende maatregel in het belang van het kind
Jeugdbescherming: beeindiging gezag; aanvaardbare termijn; uitgangspunt gezinshereniging; terugplaatsing; belangen kind; afwijzing 810a-verzoek.
Cassatie in belang der wet. Kan een perspectiefbesluit van de GI op grond van art. 1:262b BW aan de kinderrechter ter toetsing worden voorgelegd? Is hoger beroep en cassatie mogelijk?
Personen- en familierecht. Beëindiging ouderlijk gezag (art. 1:266 lid 1, onder a, BW). Art. 8 EVRM.
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Jeugdrecht. Vragen over plaatsing van kind in pleeggezin als screening van pleeggezin niet of niet met positief resultaat heeft plaatsgevonden of pleegzorgaanbieder plaatsing niet langer verantwoord vindt, en over ontb
De rechtbank is van oordeel dat een geschil over een perspectiefbesluit aan de kinderrechter kan worden voorgelegd ex artikel 1:262b BW. Een perspectiefbesluit is immers bepalend voor de wijze van uitvoering van de ondertoezichtstelling. Hoewel een perspectiefbesluit bij de beoor
Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Beëindiging ouderlijk gezag. Is verzoek ouderschapsonderzoek of forensische mediation een verzoek als bedoeld in art. 810a Rv? Afwijzingsgronden. Verboden prognose?
draagmoederschap/afstamming/gezag/voogdij/adoptie/vaststellen geboortegegevens
Naar het oordeel van het hof is in de onderhavige zaak niet voldaan aan de vereisten die het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (hierna: EVRM) stelt aan een gezagsbeëindiging en heeft de rechtbank dan ook ten onrechte, ongeach
Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Procesrecht. Beëindiging ouderlijk gezag. Art. 1:266 lid 1, aanhef en onder a, BW. Afwijzing verzoek deskundigenonderzoek. Art. 810a lid 2 Rv.
Onder welke omstandigheden kan het gezag van de ene ouder worden beëindigd op grond van 1:266 BW nadat het kind tijdens de OTS met een machtiging uithuisplaatsing bij de andere ouder is geplaatst?
Personen- en familierecht. Ouderlijk gezag. Beëindiging ouderlijk gezag voor duur van een jaar zonder dat een verzoek op de voet van art. 1:266-267 BW is ingediend. Biedt art. 1:253a BW daarvoor een grondslag?
Verzoek raad tot beëindiging ouderlijk gezag afgewezen. Er is niet voldaan aan de vereisten die het EVRM stelt aan een gezagsbeëindiging. Alle betrokkenen stemmen in met de huidige opvoedsituatie, waarbij de minderjarige opgroeit bij de pleegouders. De minderjarige raakt niet kle
Gezamenlijk gezag. Afwijzing verzoek tot gezagsbeëindiging ex art. 1:266 BW. Uit het gegeven dat het perspectief niet bij de niet-verzorgende ouder ligt volgt niet zonder meer dat het gezag van die ouder beëindigd moet worden. Er is geen ontwikkelingsbedreiging. Gezagsbeëindiging
Het hof toetst artikel 1:266 BW (gezagsbeëindiging) aan het EVRM. Gezagsbeëindiging is niet noodzakelijk om duidelijkheid te verschaffen omtrent het toekomstperspectief van de minderjarige.
Beëindiging van het gezag.