Anders dan de rechtbank acht het hof de gedragingen van de vrouw niet zodanig grievend dat zij grond vormen voor matiging van de onderhoudsplicht.
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:157 BW
Genoemd in 748 uitspraken · Officiële wettekst
748 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 23 · live
De vrouw had een zodanig substantieel van haar vermogen kunnen reserveren en kunnen bestemmen om de inkomensterugval op te vangen op het moment dat de partneralimentatie van rechtswege zou komen te vervallen. Dat de vrouw dit heeft nagelaten dient voor haar rekening en risico te
Partneralimentatie. Behoeftigheid onvoldoende onderbouwd.
Berekening van het door de vrouw terug te betalen bedrag aan partneralimentatie wegens vastgesteld wangedrag.
Geen afstand van partneralimentatie gedaan. Uit het aangevoerde valt ook geen consensus tussen partijen m.b.t. de partneralimentatie af te leiden. Evenmin sprake van wangedrag o.g. waarvan verplichting zou moeten worden beëindigd.
Rechtbank stelde behoefte vrouw vast i.o.m. de zogenaamde 60% norm. Man betwist die behoefte nu de vrouw de betaalde partneralimentatie ten goede heeft laten komen aan dochter. De vrouw heeft in belang dochter concessie gedaan aan eigen behoefte en beïnvloed haar behoefte te besl
Wet Limitering Alimentatiebijdragen na echtscheiding, nieuw geval. De vrouw verzoekt om op grond van artikel 1:157 lid 5 BW de termijn van de onderhoudsverplichting ten laste van de man te verlengen met een periode tot aan de 65-jarige leeftijd van de man. De 12-jaarstermijn is v
Nabestaandenvoorziening valt niet onder pensioenverweer.
Grievende gedragingen van de vrouw tengevolge waarvan het verzoek om een bijdrage in de kosten van haar levensonderhoud wordt afgewezen.
Behoefte - vermogensinkomsten - draagkracht - verlenging alimentatieduur.
Partijen komen partneralimentatie overeen. De procedure m.b.t. die alimentatie was aangehouden. De behandeling wordt voortgezet wanneer man aangeeft dat betaling overeengekomen bedrag niet langer haalbaar is. Zie overwegingen wijziging en ingangsdatum.
Verzoek van de man om op grond van art. 22 Rv afgifte van stukken te gelasten afgewezen nu de vrouw ook volgens de man niet beschikt over genoemde stukken. Voorts weegt de gebrekkigheid van gegevens in de wel bij de vrouw aanwezige stukken mee.
Het beroep richt zich tegen hoogte en de duur van de vastgestelde alimentatie. Het argument dat [appellante] volledig arbeidsongeschikt is faalt, daartoe heeft zij onvoldoende gesteld. Voor de bepaling van de duur van de alimentatie geldt de datum van inschrijving van de echtsche
Hof neemt ook de "zwarte" inkomsten mee bij bepaling van de draagkracht, nu de man die altijd heeft gehad en zijn stelling dat hij die thans niet meer ontvangt niet met stukken heeft onderbouwd.
Hof neemt inkomen 2007 niet als uitgangspunt voor vaststelling welstand tijdens het huwelijk nu in dat jaar in het licht van hetgeen het hof daarover heeft overwogen teveel is gebeurd en veranderd.
verzoek tot verlenging en wijziging partneralimentatie
Het gedrag van de vrouw (zij heeft daarvoor ook in hechtenis gezeten) is niet zodanig grievend dat daardoor de door het huwelijk ontstane lotsverbondenheid is komen te ontvallen en van de man in redelijkheid partneralimentatie niet meer gevergd kan worden.
Vaststelling van partneralimentatie; draagkracht; jusvergelijking; limitering van de alimentatieverplichting; uitsluiting van wettelijke indexering.
Familierecht; artt. 1:157, 397 BW. Geschil tussen voormalige echtelieden over partneralimentatie. (81 RO).
Limitering nieuwe geval, vervaltermijn van 3 maanden, wanneer vangt deze termijn aan als de man de alimentatie nog enige tijd doorbetaalt?
Verzoek verlenging alimentatieduur met drie jaar afgewezen. Geen sprake van uitzonderlijke omstandigheden die verlenging mogelijk maken.
Einde partneralimentatie
In verband met de precaire medische situatie van de vrouw ziet het hof aanleiding af te wijken van het bepaalde in art. 803 Rr, de behandeling met gesloten deuren. Zoon mag namens moeder het woord voeren.
Voor vaststelling van het aanvangstijdstip van de limitering geldt niet de datum waarop partijen feitelijk uit elkaar zijn gaan wonen en de man een bijdrage is gaan betalen aan de vrouw. Ook geen aanleiding tot toewijzing van de subsidiair gevraagde afbouw.
Ontvankelijkheid bij verlengingsverzoek partneralimentatie (artikel 1:157 lid 5 BW) De maximale wettelijke alimentatietermijn van twaalf jaren betreft een wettelijke vervaltermijn. Slechts in zeer uitzonderlijke omstandigheden kan worden geoordeeld dat toepassing daarvan naar maa