Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige overheidsdaad. Intrekking btw-identificatienummer door Belastingdienst. Onrechtmatigheid? Schuld?
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 6 AWR
Genoemd in 74 uitspraken · Officiële wettekst
74 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Inkomstenbelasting; omkering en verzwaring bewijslast vanwege het niet doen van de vereiste aangiften; woonplaats?
Belanghebbende levert sinds de ingebruikname, op 1 september 2012, van zijn zonne-energie-installatie, een deel van de met die installatie opgewekte elektriciteit tegen vergoeding aan de energiemaatschappij. Ter zake van deze leveringen is belanghebbende ondernemer in de zin van
Art. 69.2 (oud) AWR. “Bij de belastingwet voorziene aangifte”. De opvatting dat onder een bij de belastingwet voorziene aangifte dient te worden verstaan een aangifte die is gedaan door middel van het invullen, ondertekenen en inleveren of inzenden van een aanslagbiljet dat o.g.v
IB/PVV. Verzuimboete wegens niet tijdig doen van aangifte.
Artikel 2, lid 3, Besluit proceskosten bestuursrecht Geen sprake van bijzondere omstandigheden in de zin van artikel 2, lid 3, Besluit proceskosten bestuursrecht die nopen tot afwijken van de forfaitaire proceskostenvergoeding. Het opleggen van een aanslag erfbelasting naar een g
Conclusie AG. Art. 69 AWR. Opzettelijk niet doen van bij de belastingwet voorziene aangiften vennootschapsbelasting (feit 1) en inkomstenbelasting (feit 2) en opzettelijk niet voeren van een administratie (feit 3). Acht middelen. M1 en M4 zijn gericht tegen bwv feit 1. M1 slaagt
Conclusie AG. Art. 69 AWR. Opzettelijk niet doen van een bij de belastingwet voorziene aangifte vennootschapsbelasting (art. 69 lid 1 AWR) (feit 1) en opzettelijk niet voeren van een administratie (feit 2). Zes middelen. M1 (klacht over afgewezen verzoeken tot oproeping van getui
Conclusie AG. Art. 69 AWR. Opzettelijk niet doen van een bij de belastingwet voorziene aangifte vennootschapsbelasting (art. 69 lid 1 AWR) (feit 1) en opzettelijk niet voeren van een administratie (feit 2). Zeven middelen. M1 (klacht over afgewezen verzoeken tot oproeping van get
Belanghebbende maakt deel uit van een internationaal concern en is statutair gevestigd in Hong Kong. Zij verstrekt sinds 2007 leningen aan Nederlandse (rechts)personen. Haar aandeelhouders zijn betrokken bij een strafrechterlijk onderzoek. In geschil is onder meer of de informati
Navorderingsaanslagen IB 2016 en 2017 en een navorderingsaanslag IB/PVV 2018. Belanghebbende is in 2010 geëmigreerd naar België en werd sedertdien niet meer automatisch uitgenodigd tot het doen van aangifte. De navorderingsaanslag 2016 is gerechtvaardigd omdat sprake is van een n
Conclusie AG. Feitelijk leiding geven aan door vier uitzendbureaus doen van onjuiste en/of onvolledige aangiftes loonbelasting. Jaddoe-geval (feiten 1 en 2). De middelen over de vraag of sprake is van bij de belastingwet voorziene aangiften die onjuist en/of onvolledig zijn gedaa
Belanghebbende verzoekt bij suppletie om teruggaaf van omzetbelasting. Zij heeft ten onrechte omzetbelasting gefactureerd. Een suppletie is geen aangifte en het verzoek is, in dit geval, niet meer dan een verzoek om ambtshalve teruggaaf. Hiertegen staat geen bezwaar en beroep ope
NA's IB/PVV en Zvw 2014 en vergrijpboete niet verder verminderd. De inspecteur heeft geen incidenteel hoger beroep ingesteld, dus door rechtbank toegestane aftrekbare kosten staan vast. Belanghebbende slaagt er niet in een hogere aftrek aannemelijk te maken. Hij kan evenmin vertr
Deze uitspraak is niet voorzien van een samenvatting.
Inkomstenbelasting - aftrek onderhoudskosten monumentenpand.
Fiscale fraude. Wet op de accijns. Een persoon die belasting verschuldigd is, maar die niet is uitgenodigd tot het doen van aangifte, is niet verplicht aangifte voor een belasting te doen en pleegt niet het strafbare feit van het niet doen van aangifte. Die belastingplichtige die
Beroep tegen navorderingsaanslagen IB/PVV, ZVW en vergrijpboete. Eiser dreef in het jaar 2014 een onderneming en handelde via internet in tweedehands elektronica. Eiser heeft niet verzocht om een uitnodiging en heeft geen aangifte over 2014 ingediend, ondanks de gerealiseerde omz
Dividendbelasting. Gebondenheid aan vaststellingsovereenkomst.
Opzettelijk onjuist doen van belastingaangifte, art. 69 AWR, feitelijk leidinggeven aan het door een rechtspersoon begaan van valsheid in geschrift, art. 225 Sr en witwassen, art. 420bis Sr door een notaris. Middelen over het ontbreken van een redelijk vermoeden van schuld aan ee
Rijnvarende. Rijnvarendenverdrag (Verdrag betreffende de sociale zekerheid van rijnvarenden; Trb. 1981, 43) en Verordening EEG nr. 1408/71. Art. 6 Algemene wet inzake rijksbelastingen. Art. 8 Algemene wet inzake rijksbelastingen. Art. 27e Algemene wet inzake rijksbelastingen. De
Belanghebbende heeft haar zetel in het Verenigd Koninkrijk. Zij heeft de inspecteur verzocht (i) haar een btw-nummer te verstrekken en (ii) haar een btw-teruggaaf te verlenen. De afwijzing op het verzoek van belanghebbende haar een btw-nummer te verstrekken is geen voor bezwaar v
Vennootschapsbelasting. Afwaardering onroerende zaak bij voeging in fiscale eenheid.
A-G IJzerman heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 13/04361 naar aanleiding van het beroep in cassatie van belanghebbende, tegen de uitspraak van het gerechtshof Den Haag van 23 juli 2013, nrs. 12/00391 en 12/00392, ECLI:NL:GHDHA:2013:3267, FutD 2013-2295. Belanghebbende
De aangifte voor de inkomstenbelasting was verkeerd geadresseerd; de herinnering en aanmaning niet. Belanghebbende heeft de ontvangst van alleen de aangifte ontkend. De rechtbank heeft geoordeeld dat belanghebbende door de herinneringsbrief op de hoogte was dat hij aangifte moest