Aangifte omzetbelasting opzettelijk onjuist doen door een te hoog bedrag aan voorbelasting en een te hoog terug te betalen bedrag te vermelden in de elektronische aangiften. HR: art. 81.1 RO. Samenhang met ECLI:NL:HR:2016:2020.
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 69 AWR
Genoemd in 565 uitspraken · Officiële wettekst
565 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 17 · live
tussenvonnis n.a.v. door de raadsman gevoerde preliminaire verweren. Verweren zijn verworpen respectievelijk ontijdig verklaard.
Projectontwikkelaar laat privé-verbouwingen in Nederland en Zuid-Frankrijk door zijn vennootschappen betalen. Geen sprake van een melding die gekwalificeerd dient te worden als vrijwillige verbetering in de zin van artikel 69, derde lid, AWR. Geen schending van artikel 29 Sv of a
OM-cassatie, vrijspraak van mensenhandel. Tll. toegesneden op art. 273f.1 Sr: impliciet cumulatieve tll.? Partiële intrekking h.b. door OM mogelijk? De HR herhaalt ECLI:NL:HR:2011:BP2709 over de mogelijkheid om in geval van gevoegde zaken a.b.i. art. 407.2 Sv binnen de door de we
OM-cassatie, vrijspraak van mensenhandel. Tll. toegesneden op art. 273f.1 Sr: impliciet cumulatieve tll.? Partiële intrekking h.b. door OM mogelijk? De HR herhaalt ECLI:NL:HR:2011:BP2709 over de mogelijkheid om in geval van gevoegde zaken a.b.i. art. 407.2 Sv binnen de door de we
OM niet ontvankelijk. Vervolgingsuitsluitingsgrond van artikel 69, vierde lid, van de AWR van toepassing.
Belastingfraude door het opmaken van een valse koopovereenkomst.
Ondernemer uit Assen in hoger beroep opnieuw veroordeeld voor fraude met de omzetbelasting. Het hof legt daarvoor dezelfde straf op als de rechtbank in eerste aanleg heeft gedaan.
Verwerping beroep op n-o OM, art. 69 AWR. Het feit dat de verdachte over het jaar 2002 geen aangifte heeft gedaan, kan op zichzelf onder de delictsomschrijving van art. 69.1 (oud) AWR worden gebracht. Geen samenloop ex art. 69.4 (oud) AWR: het indienen van een bezwaarschrift met
Veroordeling voor het opzettelijk doen van onvolledige belastingaangifte. Verwerping verweren niet-ontvankelijkheid Openbaar Ministerie die zien op de onmogelijkheid om nog enig tegenonderzoek te kunnen uitvoeren. Geen sprake van pleitbaar standpunt.
Art. 225 Sr. Art. 69, lid 4 Awr. Het opnemen van valse facturen in de administratie is niet strafbaar als belastingdelict. Uit HR 6 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2015:2920, volgt dat met het opnemen van valse facturen een administratie wordt gevoerd overeenkomstig de Belastingwet. Daa
Mega Juwelier, gewoontewitwassen, bewaren van een doos met diamanten en een groot geldbedrag in de deur van een kluis.
PROMIS. Fiscale fraude. Aangifte voor de inkomstenbelasting/omzetbelasting. Gedeeltelijke vrijspraak met verwijzing naar HR 6 december 2005, ECLI:NL:2005:AU2246: in het specifieke geval dat daadwerkelijk wordt vastgesteld dat bij de mededader/de belastingplichtige het vereiste op
Belastingfraude
Slagende bewijsklacht. De aan het middel ten grondslag liggende opvatting dat in een geval als i.c. waarin - ook al noopt art. 69.2 AWR daartoe niet - niet alleen ten laste is gelegd dat onjuiste of onvolledige aangiften zijn gedaan, maar ook dat in die aangiften een te laag bela
Slagende bewijsklacht. De aan het middel ten grondslag liggende opvatting dat in een geval als i.c. waarin - ook al noopt art. 69.2 AWR daartoe niet - niet alleen ten laste is gelegd dat onjuiste of onvolledige aangiften zijn gedaan, maar ook dat in die aangiften een te laag bela
Fiscale administratie-en bewaarplicht, art. 52 AWR. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2005:AR8030. In het licht van dit arrest getuigt ’s Hofs oordeel dat de verdachte door het opnemen en/of verwerken en/of voorhanden hebben in de administratie van in strijd met de waarheid opgemaakte (kopi
Lex mitior beginsel. Ambtshalve cassatie? 80a RO. Verdachte is voor 4 feiten veroordeeld tot een gevangenisstraf van 5 mnd voorwaardelijk en een taakstraf van 180 uren. Gelet op die straffen, die ook zijn opgelegd voor de misdrijven onder 4 en 5, en in aanmerking genomen dat het
De verdachte heeft zich in de periode van 1 oktober 2010 tot en met 1 november 2011 schuldig gemaakt aan deelneming aan een criminele organisatie die zich bezig hield met oplichting van de Belastingdienst en witwassen van de daaruit verkregen geldbedragen. De verdachte en zijn me
De verdachte heeft zich in de periode van 1 oktober 2010 tot en met 1 november 2011 schuldig gemaakt aan deelneming aan een criminele organisatie die zich bezig hield met oplichting van de Belastingdienst en witwassen van de daaruit verkregen geldbedragen. De verdachte en zijn me
De verdachte heeft zich in de periode van 1 oktober 2010 tot en met 21 februari 2011 schuldig gemaakt aan deelneming aan een criminele organisatie die zich bezig hield met oplichting van de Belastingdienst en witwassen van de daaruit verkregen geldbedragen. De verdachte en zijn m
-
HR: art. 81.1 RO.
HR: art. 81.1 RO.
HR: art. 81.1 RO. Ambtshalve: constatering dat de redelijke termijn is overschreden.