Informatiebeschikking; art. 47 en 52a AWR; Tax Information Exchange Agreement (TIEA), bevoegdheid inspecteur om informatie op te vragen niet territoriaal begrensd, geen verplichting eerst informatie op te vragen op basis van TIEA
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 47 AWR
Genoemd in 918 uitspraken · Officiële wettekst
918 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 8 · live
Informatiebeschikkingen. Art. 47 AWR. Informatieuitwisselingsovereenkomst Jersey-Nederland (TIEA). Territorialiteitsbeginsel. Uitputtingbeginsel.
Valsheid in geschrift door een belastingadviseur. De verdachte heeft namens belastingplichtigen aangiften inkomstenbelasting valselijk opgemaakt door daarin ten onrechte uitgaven voor specifieke zorgkosten op te voeren.
Directeur van een 8-tal vakantieparken en de moedermaatschappij wordt veroordeeld voor belastingfraude. Het betreft vier opzettelijke overtredingen van bepalingen uit de Algemene wet op de rijksbelastingen. Het gaat om feitelijk leidinggeven ex artikel 51 Sr. Ten minste vijf jaar
Bijlage: ECLI:NL:PHR:2025:200 Beoordelingscriteria vereiste aangifte en wijze van omkering van de bewijslast bij inhoudelijke gebreken. Onderzoek naar reikwijdte trustvraagarrest. Verlanglijstje met op te helderen kwesties. Herinnering voor aanmaning vereist? Afwezigheid van alle
Wet bpm. VWEU. Geen schending hoorplicht. Bevoegdheid van de nationale rechters om het Unierecht uit te leggen. Geen verplichting tot het stellen van prejudiciële vragen. Unierechtelijk verdedigingsbeginsel. Bevoegdheid tot naheffen. Het vooraf heffen van griffierecht is niet in
De inspecteur heeft een informatiebeschikking gegeven ten behoeve van belanghebbende, een naar het recht van [vestigingsplaats] en daar statutair gevestigde Limited. Belanghebbende had naar de mening van de inspecteur niet voldaan aan zijn verzoek om haar volledige administratie
Informatiebeschikking, territoriale begrenzing op grond van artikel 47 en 52a AWR, schending met artikel 8 EVRM en/of de artikelen 5, 9 en 17 BUPO, schending met Tax Information Exchange Agreement (TIEA). Belanghebbende emigreert eind september 2013 tezamen met zijn partner naar
Vervolg op ECLI:NL:GHAMS:2020:3461. Zie ook ECLI:NL:HR:2022:1579. Onrechtmatige daad bestaande uit het (behulpzaam zijn bij het) onttrekken van een vennootschap aan het zicht van de Belastingdienst. De aansprakelijkheid wordt (alleen) aangenomen waar het materieel de navorderings
Conclusie AG. OM cassatie. Niet voldoen aan vordering bescheiden ex art. 19 WED (art. 26 WED). Klacht m.b.t. schending nemo tenetur-beginsel bij uitleveren documenten (toetsingskader De Legé/Nederland). Conclusie strekt tot verwerping van het beroep.
Heffingsmaatstaf overdrachtsbelasting; koop aandelen in onroerende-zaakrechtspersoon van gemeente; winstdelingsbeding; ‘verkoopregulerend’ in de zin van art. 9(5) Wet BvR? Omvang van de rechtsstrijd; Verhouding tussen art. 10 (‘waarde’) en art. 9(5) Wet BvR (’tegenprestatie’) bij
In het kader van een strafrechtelijk onderzoek is de woning van belanghebbende doorzocht en is een schenkingsakte in beslag genomen. De akte is strafrechtelijk onrechtmatig verkregen. De inspecteur is via artikel 55 AWR in het bezit gekomen van de akte. De akte is voor de inspect
Art. 52a AWR. Project Debet-Creditcards. Rekening bij BNP Paribas Zwitserland. De Inspecteur heeft terecht een informatiebeschikking gegeven voor nog op te leggen (navorderings)aanslagen IB/PVV 2005 t/m 2016. Belanghebbende heeft de Verklaring Vermogen Buitenland niet ingevuld, g
Kort geding. Vordering afgifte stukken belastingplichtige door accountant op grond van informatieverplcihtingen AWR. Fair play-beginsel. Informeel verschoningsrecht. Artikel 6 EVRM en het nemo tenetur-beginsel. Beperking m.b.t. wilsafhankelijk materiaal.
Navorderingsaanslagen VPB 2012 en 2013. Belanghebbende komt geen geslaagd beroep toe op de inkeerregeling (art. 67n AWR). Daarnaast is het Hof evenals de rechtbank van oordeel dat de inspecteur het bewijs voor de opgelegde vergrijpboeten volledig heeft geleverd op basis van wilso
Artikel 47 AWR, informatiebeschikking; artikel 8:42 Awb, op de zaak betrekking hebbende stukken; de hoorplicht; algemene beginselen van behoorlijk bestuur; schadevergoeding ex artikel 8:73 Awb; vergoeding van immateriële schade; proceskostenvergoeding, beroepsmatig verleende rech
Artikel 5:1 Awb juncto artikel 67e AWR. Vergrijpboete voor primair medeplegen en subsidiair feitelijk leidinggeven houdt geen stand. Niet voldaan aan het toestemmingsvereiste van paragraaf 2, lid 6, BBBB. Het gebruik van de verleende toestemming druist zozeer in tegen hetgeen van
Artikel 5:1 Awb juncto artikel 67e AWR. Vergrijpboete voor primair feitelijk leidinggeven en subsidiair medeplegen houdt geen stand. De Inspecteur maakt opzet noch grove schuld aannemelijk. Het Hof kent een hogere vergoeding toe voor proceskosten dan het forfaitaire tarief.
Artikel 16, lid 2, aanhef en onderdeel c, AWR; de Inspecteur heeft niet aan zijn bewijslast voldaan dat sprake is van een kenbare fout. Navordering is daarom niet mogelijk. De navorderingsaanslag IB/PVV 2016 wordt vernietigd. Artikel 27e AWR; belanghebbende heeft niet de vereiste
Artikel 53, lid 5, AWR. Het verzoek om een kostenvergoeding is terecht afgewezen. De uitnodiging voor de zitting bij de Rechtbank is tijdig en op regelmatige wijze aangeboden aan belanghebbende.
Informatiebeschikking. Inlichtingenplicht.
Informatiebeschikking. Vragen met betrekking tot buitenlandse banktegoeden.
Informatiebeschikking/gelieerdheid (Artikel 52a, eerste lid van de AWR en artikel 8b van de Wet Vpb 1969) De rechtbank is van oordeel dat verweerder op basis van de stukken terecht vermoedt dat sprake is van gelieerdheid in de zin van artikel 8b van de Wet Vpb 1969. Verweerder mo
In geschil is of bij belanghebbenden sprake was van (voorwaardelijk) opzet, of de opgelegde boeten passend en geboden zijn gelet op het feit dat de in geschil zijnde aanslagen met behulp van de omkering van de bewijslast zijn vastgesteld en of een deel van de overschrijding van d
A-G IJzerman heeft conclusie genomen over de vraag in hoeverre de Inspecteur buiten het geval van omkering van de bewijslast, gebruik mag maken van bewijsvermoedens ter terug rekening van de bedragen die moeten hebben gestaan op een verzwegen Zwitserse bankrekening. Het gaat om h