A-G Niessen heeft conclusie genomen in een zaak over de vraag of het in een Liechtensteinse Stiftung ingebrachte vermogen kwalificeert als een APV in de zin van artikel 2.14a, lid 2, Wet IB 2001, en of dit vermogen aan belanghebbende moet worden toegerekend. De vader van belanghe
Algemene wet inzake rijksbelastingen
Art. 47 AWR
Genoemd in 918 uitspraken · Officiële wettekst
918 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 7 · live
A-G IJzerman heeft conclusie genomen over de aanvaardbaarheid van een informatiebeschikking afgegeven ter vaststelling of erflater in Nederland woonde. Het gaat om het beroep in cassatie van de erven, belanghebbenden, van [X] tegen de uitspraak van het Gerechtshof ’s-Hertogenbosc
Tegoeden buitenlandse bank niet opgegeven. Navorderingsaanslagen belasting gebaseerd op schattingen. Tot aan HR geprocedeerd: aanslagen bleven in stand. Jaren later alsnog opgave werkelijke tegoeden. Te laat. Verzet tegen dwangbevelen ongegrond.
Inbreng nieuwe stukken in hoger beroep toelaatbaar? Mocht het Hof weigeren de getuigen op te roepen waar belanghebbende om had verzocht? Cautieplicht? A-G IJzerman heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 18/04315 naar aanleiding van het beroep in cassatie van [X] B.V., bela
Kort geding. Wettelijke kader artt. 47, 52 lid 2 onder a en b, 53 lid 1, 53a lid 1 AWR en artt. 10a lid 1 en 11a lid 2 Advocatenwet. Spoedeisend belang. De belastingdienst vordert in kort geding inzage in de geldstromen van de belastingplichtige. De belastingdienst stelt de vorde
Art. 81 lid 1 RO. Belastingrecht. Vordering Belastingdienst tegen belastingplichtige tot het verstrekken van inlichtingen (art. 47 AWR) over buitenlandse bankrekening (KB-Lux). Restrictie t.a.v. gebruik gegevens; bewaarplicht t.a.v. gegevens ouder dan tien jaar? Fishing expeditio
De onderhavige procedure maakt deel uit van drie samenhangende uitspraken inzake zeven verschillende belastingtijdvakken. De voorliggende conclusie betreft het jaar 1999. Belanghebbende is woonachtig in België en heeft samen met zijn in Nederland woonachtige zakenpartner (als bed
executiegeschil; dwangsommen verbeurd?; plicht tot verstrekken informatie (t.a.v. evt. rekeningen in buitenland) aan belastingdienst
Kort geding. Rekeningen bij KB Luxbank te Luxemburg. Informatieplicht op grond van art. 47 AWR. Verhoging dwangsom.
vordering ex art. 47 AWR tot verstrekking gegevens aan belastingdienst; onmogelijkheid aan veroordeling te voldoen; wilsafhankelijk materiaal.
AWR. Informatiebeschikking. Informatie die van belang kan zijn? Alle op de zaak betrekking hebbende stukken overgelegd? Afschrift strafdossier.
Is Parkinguitbater gehouden parkeergegevens te verschaffen aan de fiscus op grond van de AWR. Strijd met EVRM? Strijd met Wbp?
Inkomstenbelasting. Exploitant coffeeshop. Omkering bewijslast? Redelijke schatting?
Inkomstenbelasting. Boete. Partijen houden verdeeld het antwoord op de vragen of omkering en verzwaring van de bewijslast en de risico-opslag van twee procentpunten op de rente van de geldverstrekking terecht zijn toegepast, de winst genoten uit een buitenlandse onderneming naar
Kort geding. KB- Luxbank. Vergelijkbare zaak met ECLI:NL:GHAMS:2014:624
KB-Lux zaken. De civiele kamer van het hof beslist dat een dwangsom kan worden opgelegd aan personen van wie vermoed wordt dat zij een rekening aanhouden of hebben aangehouden bij de Kredietbank Luxembourg en die weigeren hierover informatie te verstrekken aan de Belastingdienst.
A-G Niessen heeft conclusie genomen in de zaak met nummer 13/00719. Belanghebbende heeft ondanks daartoe te zijn uitgenodigd, niet vóór 1 april 2005 aangifte ib/pvv gedaan voor het jaar 2004. Op 12 mei 2007 is aan belanghebbende een ambtshalve vastgestelde aanslag in de ib/pvv op
Inkomstenbelasting. Vermogensbelasting. Verzwegen buitenlands vermogen. Belanghebbende heeft erkend dat zij een rekening bij Van Lanschot Bankiers te Luxemburg heeft aangehouden. De inspecteur heeft bij het opleggen van de navorderingsaanslagen, verhogingen en boetes voldoende vo
De Belastingdienst heeft navorderingsaanslagen opgelegd in verband met verzwegen bankrekeningen bij Rabobank Luxembourg op grond van informatie verstrekt door een tipgever, waarvan de identiteit bekend is bij de Belastingdienst, maar niet bij de betreffende belastingplichtigen. L
Kort geding fiscus strekkende tot nakoming door een belastingplichtige van de informatieverplichting ex art. 47 AWR op straffe van een dwangsom. Nog mogelijk bij art. 52A AWR zoals dat luidt per 1 juli 2011? Vordering in strijd met nemo tenetur beginsel?
Aan belanghebbende zijn in het kader van het Rekeningenproject diverse navorderingsaanslagen met boeten opgelegd. Volgens de microfiches beschikte belanghebbende over meerdere rekeningen bij KB-Lux met een totaalsaldo van ƒ 4.105.922. Omdat het een saldo betreft van meer dan ƒ 50
Vrijspraak van het opzettelijk verstrekken van onjuiste inlichtingen aan de belastingdienst en vrijspraak van het opzettelijk gebruik maken van een vals geschrift tegenover de belastingdienst.
Belastingrecht. Procesrecht. Kort Geding. Vordering Belastingdienst tot veroordeling op straffe van dwangsom tot nakoming van de in art. 47 AWR neergelegde opgaveverplichting levert geen doorkruising op van de publiekrechtelijke weg. Geen schending nemo-teneturbeginsel; de gegeve
Door medewerkers van de Belastingdienst is een “Handboek Carrouselfraude” (Handboek) opgesteld. De inspecteur stelt zich op het standpunt dat er gewichtige redenen zijn om het Handboek in zijn geheel, dan wel gedeeltelijk, voor belanghebbende geheim te houden op grond van artike
Art. 29, lid 1 AWR (tekst tot 1 september 1999), art. 47, lid 1, AWR. Inlichtingenplicht. Gegevens en inlichtingen die voor de belastingheffing van belang kunnen zijn. Vereiste dat het gevraagde op zichzelf beschouwd van belang kan zijn voor de belastingheffing van de betrokken b